‘Nederland in Brits-Duitse spagaat’

Interview

Ooit wilde Nederland de Britten bij Europa hebben tegen de Frans-Duitse as, zegt historicus Segers. Nu gaat het om de markt.

Bondskanselier Konrad Adenauer (l) en president Charles De Gaulle ondertekenen het Elysée-verdrag op 22 januari 1963. Foto AFP

Twee Europa’s strijden deze week om de eer. In Berlijn wordt het Frans-Duitse Europa gevierd: het Europa van politieke integratie gedreven door verzoening tussen Duitsland en Frankrijk, plechtig verkondigd in het Elysée-verdrag dat nu vijftig jaar oud is. In Londen zal premier David Cameron morgen een heel ander, Brits Europa bepleiten: een los samenwerkingsverband rondom een vrije markt.

„Twee modellen botsen”, zegt Mathieu Segers, historicus in Utrecht wiens boek over Nederland en de Europese integratie in maart verschijnt. „Één continentaal model en één Brits model, van een vrijhandelszone”. Nu Cameron dreigt de Europese Unie te verlaten als die geen macht teruggeeft aan Londen, zit Nederland in een „spagaat”, legt Segers telefonisch uit.

Nederland zit in het hart van de eurozone, een Frans-Duitse creatie. Maar het is ook een handelsland dat sterk op de Angelsaksische wereld is gericht. Nederland wil een ‘Brixit’ afwenden en Cameron weet dit: hij wilde zijn toespraak aanvankelijk in Amsterdam houden.

De spagaat was al in de jaren vijftig en zestig aanwezig, zegt Segers. Nederland deed alléén mee aan de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (1951) en de Europese Economische Gemeenschap (1957) met Duitsland, Frankrijk, Italië en de Benelux „op voorwaarde dat later ook de Britten mochten meedoen”.

Het Elysée-verdrag uit 1963, dat Frans-Duitse politieke coördinatie regelt, werd in Nederland als een „schok” ervaren, zegt Segers. „Europa bleek volledig continentaal. Nota bene een week eerder had de Franse president De Gaulle een veto uitgesproken tegen Britse toetreding”.

Waarom wilde Nederland de Britten zo graag bij Europa?

„Om het overwicht van Frankrijk en Duitsland te neutraliseren. De Duitsers wantrouwden we om historische redenen, de Fransen vooral omdat ze de Amerikaanse invloed wilden terugdringen terwijl Nederland zich juist op de VS richtte. Nederland was ook sceptisch over Franse ideeën over fondsen en ‘solidariteit’ in Europa, Nederland was juist geporteerd van marktwerking, net als ook de Duitsers én de Britten.”

Wat kon Nederland doen?

„Brits lidmaatschap was de alfa en omega van de Nederlandse politiek. Soms zeiden de Britten: lobby niet te opzichtig want dan rijd je ons alleen maar in de wielen. [Minister van Buitenlandse Zaken] Luns sprak van de préalable anglais (de Engelse voorwaarde, red.). Toen De Gaulle was afgetreden in 1969 stond het Nederlandse EG-voorzitterschap helemaal in het teken van de Britten.”

Uiteindelijk werd het Verenigd Koninkrijk in 1973 lid van de EG. Den Haag werkte nauw samen met Londen, onder meer bij het uitbouwen van de interne markt in de jaren tachtig. Soms bleken de belangen ineens te botsen, zoals bij de landbouwpolitiek. Maar de belangen begonnen voor het eerst „scherp uiteen te lopen” bij de oprichting van de Europese muntunie, zegt Segers.

„Nederland ging mee met Duitsland. De gulden was aan de D-mark gekoppeld, onze economie was en is sterk aan de Duitse verbonden. Toen Nederland moest kiezen voor het het Duitse of het Britse Europa, koos het voor het Duitse . Zeker sinds het Elysée-verdrag betekent dit automatisch ook: het Frans-Duitse Europa.”

Wat is dan nu het Nederlands belang bij Brits lidmaatschap?

„Voor de Nederlandse economie is het van het grootste belang dat de interne markt als geheel intact blijft en nog beter gaat functioneren. Die kans is het grootst als Groot-Brittannië erbij blijft, als sterke kracht achter die markt”.

Wat moet Nederland nu doen om een ‘Brixit’ te voorkomen?

„Nederland moet de Britse kritiek op de EU vertalen naar constructieve ideeën over de rol die niet-eurolanden in de interne markt kunnen spelen. Een interessant idee dat nu weer opkomt is de inbedding van die markt in een transatlantische vrijhandelszone. Aantrekkelijk voor de Britten én voor de Nederlanders.”

Moet Nederland de Britse kritiek op de EU niet deels overnemen?

„Nee. Nederland zit in de kopgroep: de eurozone. Het ‘terughalen’ van bevoegdheden is voor Nederland helemaal niet aan de orde. We hebben de afgelopen tijd juist bevoegdheden afgestaan om de euro te stabiliseren. Dat moet de regering duidelijk maken aan de Britten maar ook aan de eigen publieke opinie.”