Moderne architectuur op wintersport. Willen we dat?

Traditionele Oostenrijkse hotels worden steeds vaker vervangen door hippe ecolodges en verplaatsbare Hyperkubussen. Volgens Bibiane Hromas, directeur van Pla’tou, een platform dat toerisme wil stimuleren door middel van architectuur, trekt dat toeristen aan. „Kijk maar naar wat de Eiffeltoren doet voor Parijs”, redeneert ze. Het wintersportgebied Arlberg-Tirol is een voorloper op gebied van moderne architectuur. Trekt dat wintersporters? En voegt het iets toe? Een kijkje bij zeven highlights.

1Het Kunsthaus in Bregenz – een winnend ontwerp van de Zwitserse architect Peter Zumthor – bestaat voornamelijk uit beton, staal en glas waarin de lucht op magistrale wijze wordt weerspiegeld. Zeker als je met de auto bent: ga kijken. Buiten dat gaat de vergelijking met Parijs niet helemaal op. De meeste mensen komen immers naar Tirol om te skiën. En dan is een ‘Lederhosen hotel’ alles wat je nodig hebt.

2In Lermoos, een dorpje dat tegen de Duitse grens aanschurkt, staat het ultramoderne Mohr Life Resort. Het is volledig opgetrokken uit natuurlijke materialen en de indeling is ganz feng shui (de Chinese regels over hoe inrichting kan bijdragen aan het geluk van de gebruiker). Wie zou hier niet willen logeren? Alleen is Lermoos met overwegend blauwe pistes echt een gezinsdorp. En gezinnen hebben meer aan betaalbare kamers en meubels die tegen een stootje kunnen. Een Hotel Post **** bijvoorbeeld.

3Soms gaan design en traditie hand in hand. Het duurzaam gebouwde restaurant Schneggarei in Lech am Arlberg voldoet aan alle moderne eisen maar oogt ondertussen als een doodgewone blokhut. De lunch is bekroond – en dat is terecht.

4In St. Anton staat een ander lokkertje: de Galzigbahn. Deze skilift komt tot op de grond, waardoor we geen trappen hoeven te lopen en terwijl we wachten op ‘onze’ cabine hebben we goed zicht op de wielen van 9.3 diameter. Indrukwekkend is het zeker. Maar of we onze bestemming ervoor zouden aanpassen? Dat doen we eerder voor de legendarische après-skibar Mooserwirt waar het vanaf 16.00 uur helemaal losgaat.

5Bij het Aqua Dome in Längenfeld komen we helemaal tot rust. De architect – Erich Schnögass – heeft alle natuurlijke materialen die de moderne Alpenbouw kenmerkt gebruikt en het resultaat is zo verbluffend dat het inderdaad bezoekers aantrekt die vóór de bouw van het recreatiecentrum nog nooit van Längenfeld hadden gehoord (zoals wij): 1-0 voor Pla’tou.

6Als we richting het vliegveld rijden, slaan we de Innsbrucker Nordkettenbahn niet over. In 20 minuten zitten we vanuit hartje Innsbruck bovenop de Hungerburg. De vier haltes, ontworpen door de Irakese Zaha Hadid (2005) dicteren de internationale standaard in de hedendaagse architectuur met hun anamorfe vormen. Leuke bijkomstigheid: twee liften verder begint de Hafelekarrinne piste en met een gradiënt van 70 procent is dat een van de steilste afdalingen van Europa.

7Wie heeft de Olympische Sprungschanze Bergisel – Hadids andere meesterwerk – nu nodig om een kick uit z’n skidag te halen? Alhoewel het panoramarestaurant natuurlijk wel in de multifunctionele skischans zit.

Bezienswaardigheden genoeg in Arlberg-Tirol, maar het blijft lastig meten waar toeristen op af komen: het gebied, de prijzen, de apres ski of toch de designhotels. Cijfers kan Pla’tou dan ook niet geven. Maar Rainer Ribing van de toeristische sector in de Kamer van Koophandel signaleert wel degelijk een trend: steeds meer toeristen kiezen voor stijl, esthetiek en design. Dus ben je gehecht geraakt aan je lederhosenhotel, boek ’m dan zo lang het nog kan. Als het aan de Tirolers ligt, is Oostenrijk straks helemaal feng shui.

    • Mathilde Hoekstra