Fonds wil 'public value' meten

Podiuminstellingen moeten in de toekomst verantwoording kunnen afleggen over hun maatschappelijke waarde. Het Fonds Podiumkunsten ontwikkelt samen met twee universiteiten instrumenten die theater-, dans- en muziekgezelschappen daarbij kunnen helpen.

Dat zegt Henriëtte Post, die vanaf maart de leiding krijgt over het Fonds Podiumkunsten. Post was eerst lid van de raad van bestuur en wordt nu voorzitter. Daarnaast blijft ze directeur van het fonds. Die functie deelde ze tot nu toe met George Lawson, de huidige bestuursvoorzitter. Hij vertrekt bij het fonds.

„Podiumgezelschappen die subsidie van ons krijgen moeten nu wel verantwoording afleggen over het aantal voorstellingen dat ze spelen en het aantal kaarten dat ze hebben verkocht, maar wat het publiek van die voorstellingen vond en wat het maatschappelijke belang ervan is, weten we niet. Om het draagvlak voor cultuur sterker te maken, is het van belang dat we daar ook naar gaan kijken”, zegt Post.

Het fonds werkt samen met de Vrije Universiteit en de Erasmus Universiteit aan een manier om de ‘publieke waarde’ van podiuminstellingen zichtbaar te maken. „In het buitenland bestaan daar al modellen voor”, zegt Post. „In Engeland wordt door de Arts Council gekeken naar de ‘public value’ van culturele instellingen en in Australië spreekt men van ‘artistic vibrancy’.”

George Lawson (62), die het fonds vanaf de oprichting in 2007 heeft geleid, gaat deels met pensioen en blijft deels ook in de culturele sector werken, als zelfstandig adviseur. „Na vijf jaar is het mooi geweest”, zegt hij. „Door de bezuinigingen waren deze vijf jaren absoluut de meest heftige in mijn loopbaan.” De plek die openvalt door de bestuurswisseling wordt niet opgevuld, omdat de organisatie door de bezuinigingen zelf ook fors moet inkrimpen. Van de 47 voltijdbanen blijven er uiteindelijk 37 over.

    • Claudia Kammer