Britse krijgt doodstraf in Indonesië om drugssmokkel

Een rechtbank in Indonesië heeft een vrouw uit Groot-Brittannië ter dood veroordeeld wegens het smokkelen van cocaïne naar het eiland Bali.

Aanklagers hadden een gevangenisstraf van vijftien jaar geëist tegen de vrouw, de 56-jarige Lindsay June Sandiford. Ze werd in mei op de luchthaven van Bali gearresteerd met 4,8 kilo cocaïne in haar bagage. Sandiford heeft het aanzien van Bali als toeristenbestemming bezoedeld en het overheidsprogramma voor drugsbestrijding aangetast, oordeelde de rechter.

De Britse beweerde tijdens het proces dat een bende had gedreigd haar gezin wat aan te doen als ze de drugs niet zou smokkelen. Haar advocaat liet weten in beroep te gaan tegen de uitspraak.

Cocaïne is een schaars goed op Bali en zeer duur. Volgens een douanebeambte had de in beslag genomen vangst een waarde van ongeveer 400 euro per gram, tien keer de prijs van goud, zo schrijft The Guardian.

In de zaak staan nog drie anderen terecht. De Brit Julian Anthony Pounder krijgt woensdag het oordeel van de rechter te horen. Hij zou op Bali de drugs van Sandiford in ontvangst hebben genomen. Eerder werden al twee andere Britten en een Indiër veroordeeld tot gevangenisstraffen.

De Britse ambassade liet weten zich op stappen te beraden en zei dat Groot-Brittannië ‘onder alle omstandigheden sterk gekant blijft tegen de doodstraf’.

Indonesië houdt er zeer strenge drugswetten op na. Drugssmokkelaars worden niet zelden ter dood gebracht. Doorgaans gebeurt dat door een vuurpeloton. De laatste executie in Indonesië vond plaats in 2008. Sinds 1998 zijn vijf buitenlanders in Indonesië geëxecuteerd.

    • Marije Willems