Vanavond hoor je de slagzin die je nooit vergeet

In zijn tweede inaugurele rede gaat Obama retorische geschiedenis schrijven, voorspelt presentatiecoach Huib Hudig. De vraag is alleen nog: wat zal de oneliner worden die we ons na vanavond voor altijd zullen herinneren?

Vanavond om iets na zes uur Nederlandse tijd, zal president Obama op de trappen van het Capitool in Washington zijn tweede inaugurele rede houden. Een moment om geschiedenis te schrijven. Zoals F.D. Roosevelt in 1933 deed met de legendarische woorden „We have nothing to fear but fear itself.” En John Kennedy in 1961 met zijn oneliner: „Ask not what your country can do for you, but what you can do for your country.”

Obama’s eerste inaugurele rede in 2009, hoe indrukwekkend ook, viel een beetje tegen na zijn klinkende campagnespeeches („Fired up, Ready to Go!” en „Yes we can!”) en zijn Victory speech met het prachtige verhaal van de 106-jarige Ann Nixon Cooper, door wiens ogen we een eeuw Amerikaanse geschiedenis voorbij zagen trekken.

Maar alles wijst erop dat hij van zijn tweede inaugurele rede een onvergetelijk verhaal gaat maken. Sinds zijn herverkiezing is Obama in vorm, zijn recente speech bij de herdenking van de slachtoffers van de schietpartij in Connecticut werd door sommigen zelfs vergeleken met de Gettysburg address van Abraham Lincoln, de toetssteen van de moderne speeches.

De titel van de inaugurele rede is ‘Faith in America’s Future’en wordt geplaatst in de historische context van de 150ste verjaardag van de Emancipation Proclamation. En over historie gesproken: het is ook (bijna) 50 jaar geleden dat die andere grote redenaar, Martin Luther King, vanaf de andere kant van de Mall bij het Lincoln Memorial zijn publiek uitzinnig maakte met de befaamde woorden „I have a dream…”.

In de Amerikaanse media is de inhoud van de tweede inaugurele rede van Obama nu al onderwerp van veel speculatie. We staan op een keerpunt in de geschiedenis. Obama moet Amerika’s trots en glorie bezingen zonder zijn machtige Chinese en Russische vrienden voor het hoofd te stoten. Hij moet Republikeinen zien te lijmen en de verwachtingen van de Democraten inlossen. Hij moet hoop en inspiratie geven in een tijd waarin het eigenlijk alleen maar minder kan, en de politiek voor ongekende schulden en onmogelijke keuzes staat. Een huzarenstuk.

Maar wat de speech historisch zal maken is niet zozeer de inhoud, maar de vorm. Daarbij kan Obama steunen op de creativiteit en kennis van zijn speechschijversteam onder leiding van de briljante Jon Favreau, die de tijden van de oude speechschrijver van Kennedy, Ted Sorensen, weer heeft doen herleven. Zij zullen gebruik maken van alle beproefde middelen: een treffende analyse van de realiteit; het benoemen van waarden, idealen en visie; persoonlijke verhalen, humor en natuurlijk die opzwepende crescendo’s waar Obama patent op heeft. En dan dat prachtige taalgebruik. De speech wordt geschreven als een symfonie, een ‘rap’ waar Jay Z en Kanye West – in de termen van onze eigen premier – hun vingers bij af zouden likken.

Maar waar het echt om gaat, wat niet mag ontbreken als deze speech de geschiedenisboeken in wil gaan, is die onvergetelijke soundbite; die pakkende oneliner, waardoor men zich de speech jaren later nog herinnert. Waardoor we het niet hebben over ‘die ene speech die Kennedy hield in Berlijn aan het begin van de jaren zestig’ maar over de ‘Ich Bin ein Berliner-speech’. De ‘Tear Down this Wall’-speech. De ‘Yes We Can’-speech.

Een goede oneliner bevat de ziel van een speech. Tegelijkertijd moet zij klinken als een klok, beeldend zijn, stelling nemen en emoties oproepen. Niet zo makkelijk dus. Veel campagneleiders – ook uit de reclamewereld – zouden een moord plegen voor een pakkende oneliner. Ze zijn goud waard. En hoe vind je ze?

Als presentatiecoach en voormalig politiek speechschrijver heb ik geregeld gezocht naar oneliners. Vaak ontstaan die spontaan. Zo zou Tony Blair (volgens zijn spindoctor Campbell) na de dood van prinses Diana tijdens een taxirit op de achterkant van een envelop de treffende benaming ‘The People’s Princess’ hebben geschreven. Toen ik zelf meewerkte aan de speech van toenmalig minister Verdonk na de moord op Theo van Gogh, had ik nooit verwacht dat de simpele woorden „Tot hier en niet verder” de volgende dag op de voorpagina van de krant zouden verschijnen (en al helemaal niet dat het de titel zou worden van een rapnummer van een zekere Toprak en Michael Renard).

Maar goed, als die oneliner dus niet spontaan ontstaat, hoe vind je dan de juiste woorden? Allereerst door inspiratie te zoeken bij quotes uit geschiedenis, literatuur, godsdienst en films. Je kunt een bekende uitdrukking of slogan ombouwen. Zo veranderde voormalig Brits premier John Major de uitdrukking ‘cool, calm and collected’ in de oneliner: ‘I will stay cool, calm and elected’.

Het helpt ook om in je speechtekst te zoeken naar zinnen die de kernboodschap bevatten. In mijn presentatiecoaching-praktijk proberen we er vaak ‘claptraps’ van te maken. De Engelsman Max Atkinson toonde wetenschappelijk aan dat stijlmiddelen zoals tegenstellingen, drieslagen en herhalingen de kans op applaus veel groter maken.

Een paar voorbeelden.

Tegenstelling: „There is nothing wrong with America that can’t be cured with what is right in America.”(Clinton)

Herhaling: „We shall fight on the beaches, we shall fight on the landing grounds, we shall fight in the fields and in the streets…” (Churchill)

Drieslag: „Government of the people, by the people, for the people.” (Lincoln)

Het best werken combinaties van claptraps, bijvoorbeeld van een contrast en een drieslag: „We are not a collection of red states and blue states, but the United States of America!” (Obama)

De kans op het vinden van een geslaagde soundbite of oneliner wordt aanzienlijk groter als je niet in je eentje zoekt, maar samen met anderen. Dat weten ze in Amerika maar al te goed. Vorig jaar sprak ik in Washington een speechschrijver van Hillary Clinton, die vertelde dat ze met zijn schrijfteam geregeld bijeenkomsten hadden om te brainstormen over mooie teksten. Jaloersmakend.

Ik zou dan ook veel over hebben gehad voor een kijkje achter de schermen bij het speechwritersteam van Obama. Ik kan me er alleen een voorstelling van maken: een West Wing-achtige scène, waarin een paar jonge medewerkers (misschien ook een wat kalende oude rot ertussen) met de voeten op tafel naast een paar dozen lege pizza’s ideeën uitwisselen. Waarschijnlijk hebben ze alle speeches van de 44 voorgaande presidenten grondig uitgeplozen. Gezocht in de Bijbel naar treffende teksten (zoals die in Obama’s verklaring na de Connecticut schietpartij: „May God bless the memory of the victims and, in the words of Scripture, heal the brokenhearted and bind up their wounds.”)

Grappend nemen Favreau en een mannelijke collega de quotes van Darth Vader uit Star Wars door. Zetten een dvd op van The Godfather, The Sopranos, op zoek naar juweeltjes. (Marlon Brando: „I am going to make him an offer he can’t refuse.”)

„Wait a minute!” roept speechschrijfster Laura Dean ineens vanachter haar I-Pad. „What about this one: ‘I shall say what I think, and do what I say!”

„Naaahh…”, zegt Favreau en plopt een fles wijn open.

Bij zijn eerste inaugurele rede was Obama’s sterkste oneliner: „Starting today, we must pick ourselves up, dust ourselves off, and begin again the work of remaking America.” Mijn gevoel zegt dat de oneliner van deze rede ook zoiets in zich zal hebben: dat juist in tijd van tegenspoed het Amerikaanse volk opstaat en zijn ware, grootse aard laat zien. Er zal iets inzitten van glorie, iets van samen (‘together’) en doorzetten (‘forward’).

Ik doe een gooi:

„We are Americans. Adversity doesn’t bring us down, it brings out the best.”

„We are ready to write history.”

„America doesn’t wait for the future, we don’t fear the future, we shape the future.”

(„Naaaah”, hoor ik Jon Favreau al roepen.)

Vanavond zullen we het weten.

Huib Hudig is speech- en presentatiecoach bij Speak to Inspire en schrijver van ‘Het speechboekje, een inspirerende speech in tien stappen.’

    • Huib Hudig