I do solemnly swear ... zegt hij weer, nu ambitieuzer dan ooit

De Obama die vandaag wordt ingehuldigd, lijkt in niets op die van vier jaar geleden. Obama 2.0 is realistischer en zou zijn voorganger maar een naïeve idealist vinden.

President Barack Obama is officially sworn-in by Chief Justice John Roberts in the Blue Room of the White House during the 57th Presidential Inauguration in Washington, Sunday, Jan. 20, 2013. Next to Obama are first lady Michelle Obama, holding the Robinson Family Bible, and daughters Malia and Sasha. (AP Photo/Larry Downing, Pool)

Correspondent Verenigde Staten

Washington. Hij is grijzer, een tikje aangekomen, zijn ogen zien er vaak dof en vermoeid uit. Het presidentschap van de Verenigde Staten heeft de laatste vier jaar zwaar op Barack Obama gedrukt. De idealist van 2008, de outsider die geschiedenis schreef door als eerste zwarte president gekozen te worden, kent nu het bittere en roemloze gevecht dat beleid maken in Washington iedere dag is.

Vandaag zal hij opnieuw spreken op de trappen van het Capitool in Washington – gisteren was een besloten beëdiging in het Witte Huis. De woorden ‘hoop’ en ‘verandering’ zullen waarschijnlijk niet in zijn inauguratierede voorkomen. Hij zal spreken voor honderdduizenden mensen. Een mooi aantal, maar vier jaar geleden waren het er bijna twee miljoen.

De toon van zijn speech zal realistischer zijn dan vier jaar geleden. Hij zal minder beloven dan destijds, want hij weet dat beloftes de voorbode zijn van teleurstelling. Obama spiegelde een nieuwe tijd voor, maar alles bleef bij het oude.

Je zou kunnen zeggen dat vandaag een heel nieuwe president wordt ingehuldigd. Barack Obama heeft maar vier jaar geregeerd. De nieuwe president heet toevallig ook zo, maar lijkt in niets op zijn voorganger. De Obama 2.0 zou neerkijken op Obama 1.0: hij zou hem een naïeve idealist vinden, die te weinig op resultaten gericht was. Want Obama 2.0 brandt van ambitie, terwijl voor Obama 1.0 het winnen van de verkiezingen al de grootst denkbare verdienste was.

De nieuwe Obama zal glimlachend denken aan de studieuze Obama, die op Harvard geleerd had dat problemen eindeloos geanalyseerd moeten worden, waarna de beste oplossing vanzelf bovendrijft. Hij weet wel beter: een opperbevelhebber gaat altijd het gevecht aan.

Het liefst had Obama zijn presidentschap in het teken laten staan van het buitenland. De afgelopen jaren is er weinig van een coherent buitenlands beleid terechtgekomen. Obama richtte zich op betere relaties met de islamitische wereld, maar het kwam, op een speech in Kaïro na, nooit van de grond.

Obama ziet nu de uitdaging heel ergens anders, in Azië. De Amerikanen willen hun invloed in die regio uitbreiden, en die van opkomende grootmacht China inperken. Daarbij wil Obama de relatie met de Chinese regering verbeteren. Amerika en China krijgen economisch en militair steeds meer met elkaar te maken, maar nog altijd is de Aziatische grootmacht een raadsel voor de Amerikaanse regering.

Op het oog zal Amerika een kleinere rol in de wereld gaan spelen. Maar dat is grotendeels schijn. Obama haalt steeds meer zijn handen af van gebieden waar resultaten onwaarschijnlijk zijn, zoals het Midden-Oosten, trekt zich terug uit Afghanistan en ziet weinig in Amerika als mondiale politiemacht. Daar staat tegenover dat de oorlog met onbemande vliegtuigen, drones, fors wordt opgevoerd. Obama zet de strijd tegen terrorisme onverminderd voort, alleen wordt die onzichtbaar gevoerd.

In eigen land had Obama één groot dossier willen oplossen: het hervormen van de regels voor immigratievanuit Midden- en Zuid-Amerika. Hij wil circa tien miljoen illegalen, vooral Mexicanen, de mogelijkheid bieden om een verblijfsvergunning te krijgen. Dit onderwerp staat garant voor hevige aanvaringen met de Republikeinen, maar Obama is bereid dat gevecht aan te gaan.

Min of meer bij toeval kwam daar een tweede thema bij. Na de schietpartij op basisschool Sandy Hook, afgelopen december, voelde Obama zich gedwongen het vuurwapenbezit ter sprake te brengen. Hij had daar in zijn eerste termijn geen zin in: het is electoraal niet slim en de kans op succes is klein. De dood van twintig kinderen en zes volwassenen op de school overtuigden hem van de noodzaak tot hervorming van de wapenwetten. Nooit eerder in de recente geschiedenis kwam een president met zulke vergaande voorstellen als Obama vorige week.

Ook dit onderwerp belooft vuurwerk in Washington. De Republikeinen verdedigen het bezit van een vuurwapen als een grondrecht, en hebben zich tegen de meeste voorstellen gekant. Maar het lijkt wel alsof Obama 2.0 de confrontatie in Washington juist opzoekt, waar Obama 1.0 die onder het motto van ‘verzoening’ vermeed.

Kijk alleen al naar het kabinet dat Obama nu om zich heen verzameld heeft. Het zijn ervaren vechtjassen, een hechte, gesloten ploeg.

John Kerry wordt minister van Buitenlandse Zaken. Hij is, onder meer als presidentskandidaat en als senator, talloze malen de confrontatie met de Republikeinen aangegaan.

Chuck Hagel gaat naar Defensie, zeer tegen de zin van de Republikeinen. Hij is weliswaar zelf Republikein, maar wordt door zijn relatief liberale standpunten gehaat in eigen kring. Of neem John Brennan, het nieuwe hoofd van de CIA. Hij heeft als Obama’s adviseur voor terreurbestrijding vormgegeven aan een van de meest omstreden aspecten van Obama’s buitenlandse politiek: de inzet van onbemande vliegtuigen.

Dit zijn niet de mensen van Obama 1.0. Dat waren academici, briljante economen en vrijdenkers. Obama zocht bewust botsende karakters bij elkaar. Hij organiseerde iedere ochtend een ‘economisch beraad’, waarin hij ze met elkaar liet debatteren. Hij luisterde en woog de argumenten.

Deze keer kiest Obama voor een gesloten front. Het tekent de vijandigheid in Washington. Sinds de Republikeinen in 2010 een meerderheid in het Huis van Afgevaardigden kregen, is de polarisatie compleet. Elk plan leidt tot ruzie en verlamming: een begroting, een wetsvoorstel, een benoeming. Misschien onhandig voor Obama, maar het lijkt hem de laatste weken juist te motiveren om strijdbaarder te zijn.

Terwijl hij op de trappen van het Capitool staat, zal Obama zich realiseren dat zijn presidentschap uiteindelijk bepaald zal worden door het onverwachte. De meeste presidenten worden vrijwel alleen nog herinnerd om die ene ramp, die aanslag, die affaire. De schietpartij in Newtown dwong hem een standpunt in te nemen over vuurwapenbezit, terwijl hij dat niet van plan was.

Obama is wijzer geworden. Hij weet inmiddels dat een presidentschap zich niet laat plannen. Wel kan hij juist tijdens onverwachte gebeurtenissen iets van zijn karakter laten zien. De droom van Obama om geschiedenis te schrijven met zijn presidentschap, is even springlevend als vier jaar geleden. Maar deze keer zal hij die droom meer in daden dan in woorden laten blijken.

Wat wordt dé oneliner van Obama’s speech? Opinie: pagina 16 & 17

    • Guus Valk