Drie van de vier goed bij Kairos

Kairos 4tet. Gehoord: 19/1 Bird, Rotterdam.

Het Britse jazzkwartet Kairos 4tet kreeg in 2011 een prettige aanmoediging: een MOBO award voor de beste jazzact. Deze prijs was erkenning voor de vaandeldragers van een nieuwe generatie Britse jazzmusici. Het viertal bestaat ook nog eens voor de helft uit leden van een andere uitblinkende Londense jazzband, Phronesis.

Kairos 4tet, geleid door saxofonist Adam Waldmann, met bassist Jasper Høiby, pianist Ivo Neame en drummer Jon Scott, begon in jazzclub Bird met een van zijn intrigerendste nummers, V.C., vanwege het repeterende modale thema. Daarin volgt de bassist nauw het patroon van de sax – als bijna hypnotiserende puls.

De band heeft zijn nieuwe album bijna voltooid en Alex Waldmann staat aan de wieg van alle warmbloedige en eigentijdse Kairos-composities, die stuk voor stuk leunen op aantrekkelijke melodieën, gelaagde dynamiek en pittig liftende ritmes. Maar wat was het deze avond pijnlijk om na een paar nummers te constateren dat de zwakste schakel de kwartetleider zelf was.

Uitvoerend bleef de saxofonist op tenor en sopraan achter bij de rest van zijn band met krachteloze solo’s. Waldmann speelde vooral bedachtzaam en liet zich dit concert nergens echt door katapulteren.

Zonde, er lagen veel mogelijkheden. Want hoe los ging het achter hem, met een goed ingespeelde ritmesectie die elkaar op scherp zette en een pianist die zich door de losgekomen energie liet opjutten. De drie vormden een zalige eenheid.

Zoals in het nummer Russells Resurgence – de stukken vlogen er vanaf. Met hagelbuien als smakelijke tegenritmiek had bassist Høiby weinig nodig om, net als in zijn Phronesis, te sturen en ontvangen, te verstoren en naar een goed einde te brengen.

Het concert was een muzikale estafette met opwindende tussensprintjes. Terwijl de ballade Simpler Times juist weer een ingetogen ontwikkeling kende.

De stem van de Nederlandse gastvocaliste Fridolijn van Poll gleed mooi in de dromerige zanglijnen van het nummer Maybe Next Year. Daar kwam Alex Waldmann wel goed aanvullend bij, met zachte verende, melodische accenten.