Bach klinkt superieur en soms kil bij pianist Fray

Klassiek

David Fray, piano Gehoord: 20/01 Concertgebouw. ***

Wie zich als pianist vandaag de dag specialiseert in Bach kan onmogelijk heen om de erfenis van Glenn Gould. Het magnetiserende spel waarmee het Canadese fenomeen in de jaren 1950 de wereld veroverde, heeft voor de meeste pianisten een standaard gezet. Ook de Franse rijzende ster David Fray (1981), die gisteravond in de serie Meesterpianisten de zieke Mitsuko Uchida verving, treedt met zijn Bach-spel in Goulds voetsporen. Hij buigt zich tijdens het spelen net als Gould over de toetsen en hij bezigt dezelfde percussieve stijl. Fray speelt bij voortduring détaché, waardoor de aanslag belangrijker wordt dan de toon zelf. Ritmische markering wint het van melodische. Het gevolg is een uitvergroting van de abstracte structuur van Bachs muziek, die soms leidde tot superieure momenten. De Sarabande uit de Tweede Partita klonk als een mysterieus klankweefsel, de fuga uit het openingsdeel van de Zesde Partita beklemmend. Niettemin neemt Frays gouldiaanse benadering soms karikaturale trekken aan. De snelle delen veranderden onder zijn handen in ronduit sportieve exercities, even spetterend als oppervlakkig. In de langzame delen leek hij stelselmatig terug te deinzen voor een warm, vocaal geluid. Zelfs in zijn toegift, Bachs Nun kommt der Heiden Heiland, beperkte Fray zich tot het graveren van de oppervlaktestructuur. Zo ontstond een interessant portret van Bach als muzikale architect. Maar Bachs menselijke en religieuze kanten kwamen er bekaaid vanaf.

    • Bas van Bommel