Rebellen Mali ontvluchten Diabaly - ‘Afrikanen moeten nu leiding nemen’

Een Malinese soldaat poseert voor een fotowinkel in Niono. Foto Reuters / Joe Penney

Islamitische extremisten zijn de Malinese stad Diabaly te voet ontvlucht als gevolg van Franse luchtaanvallen. Dat hebben het Malinese leger en inwoners van de stad gezegd. De Franse luchtaanvallen begonnen toen de rebellen de garnizoensstad vorige week innamen.

Militairen hebben sinds zaterdagavond de macht in de stad in handen, zei kapitein Modibo Traoré, woordvoerder van het Malinese leger tegen persbureau AP. De vlucht van de rebellen uit Diabaly is een overwinning voor de door Frankrijk geleide operatie in Mali om het noorden en midden van het land te bevrijden van jihadistische strijders.

‘Afrikaanse vrienden moeten de leiding nemen’

Gisteren zei de Franse minister van buitenlandse zaken Laurent Fabius dat “onze Afrikaanse vrienden de leiding moeten nemen” in de militaire interventie. Al erkende hij wel dat het mogelijk weken duurt voor de buurlanden in staat zijn om dat te doen. Frankrijk heeft momenteel 2500 militairen in Mali.

Buurlanden zullen vermoedelijk zo’n drieduizend militairen naar Mali sturen. Maar hoewel er inmiddels soldaten uit Togo, Nigeria en Benin in Mali zijn aangekomen om de Fransen te helpen, hebben zorgen over de missie de beloofde uitzending van militairen uit andere buurlanden wat vertraging.

En ook de financiering van de missie is een heikel punt. Fabius zei gisteravond dat een top in Addis Abeba op 29 januari “cruciaal” zal zijn.

“Ik roep iedereen die de Afrikaanse ontwikkeling steunt op om naar Addis Abeba te komen en genereuze donaties te doen aan dit werk van solidariteit, vrede en veiligheid voor zowel de regio als het continent.”

Ooit zo stabiele Mali al tijden één grote chaos

Mali was ooit een van de stabielste democratieën van West-Afrika, waar de meesten van de 15,8 miljoen inwoners een gematigde vorm van de islam aanhangen. Dat veranderde vorig jaar toen er door een militaire coup chaos in het noorden van het land ontstond en islamitische extremisten hun kans schoon zagen er de macht te grijpen. Lindijer schreef daar eergisteren over:

“[Amadou] Sanago en zijn jonge kameraden wierpen het burgerbewind van president Touré omver op even klungelige manier als ze de afgelopen dagen de moslimextremisten op afstand probeerden te houden. In maart vorig jaar wilden ze bij Touré protesteren tegen het gebrek aan wapens. Toen ze het paleis binnendrongen en de president niet aantroffen, besloten ze uit angst voor repercussies de macht maar over te nemen. Ze kozen Sanogo tot hun leider. Die zat echter dronken in een bar en kon pas na enkele uren een rede op televisie houden waarin hij de staatsgreep aankondigde.”

Volgens de Verenigde Naties kan het geweld de komende maanden tot wel 700.000 mensen uit hun huizen verdrijven. Volgens Lindijer gaat het leven in hoofdstad Bamako echter ondertussen gewoon verder:

“Bewoners merken nog weinig van de gevechten, die de Fransen op honderden kilometers afstand voeren. Zij volgen het verloop via de kranten, die veel meer worden verkocht dan voorheen.”