Rusland en VS schieten op met boringen naar zoetwater

Twee teams van wetenschappers hebben de afgelopen tien dagen voortgang geboekt bij hun pogingen om het zoete water aan te boren dat kilometers diep onder de Antarctische ijskap verborgen ligt.

Op Antarctica, diep onder de ijskap, liggen ruim 300 meren. Zowel een Amerikaans als een Russisch team hopen in het water van die meren bijzonder bacterieel leven te vinden. Een Britse groep die hetzelfde probeerde, moest op Kerstavond afhaken door technische problemen. De wetenschappelijk chef van het Amerikaanse team, de microbioloog John Priscu, ontkende vorig jaar in Science dat er sprake is van een race tussen de drie groepen wetenschappers.

Het Russische team van het poolinstituut AARI in Moskou is het verst gevorderd. De Russen boorden in februari 2012 een 3.769 meter diep gat tot aan het Lake Vostok dat recht onder een Russisch onderzoeksstation ligt. Lake Vostok is het grootste subglaciale meer op Antarctica: 240 kilometer lang en honderden meters diep.

Zoals voorzien spoot het meerwater door de waterdruk enkele honderden meters het boorgat in, waar het bevroor. Het enige ijs dat het team destijds kon bovenhalen, was het deel dat aan de boor was blijven hangen. Daar werden geen bacteriën in ontdekt.

De bevroren boorkern van meerwater kon door de invallende kou pas dit jaar worden opgehaald. Dat is op 10 januari gelukt, maakte AARI bekend. Een brok van twee meter ijs zal geanalyseerd worden, het boorwerk gaat nog door.

Waarnemers waren vorig jaar nog bezorgd dat de Russen het Lake Vostok zouden besmetten met ‘gewone’ bacteriën. De verwachting is nu dat dat niet is gebeurd, omdat de boor niet helemaal in het meer hoefde af te dalen. De Amerikanen boren met gesteriliseerd heet water (een soort hogedrukspuit) om besmetting te voorkomen.

Het Amerikaanse boorteam reed de afgelopen twee weken vanaf onderzoeksstation McMurdo 983 kilometer over ijs om Lake Whillans te bereiken. Het materieel en de technici kwamen op zondagavond 13 januari aan, de wetenschappers zijn vertraagd door slecht weer.

Het water onder de Antarctische ijskap is gesmolten door een combinatie van aardwarmte en druk en beweging van de ijskap zelf. De meren liggen in de dalen van het Zuidpoolcontinent en zijn deels verbonden door rivieren.

De afgelopen decennia zijn al op veel ‘onleefbare’ plaatsen op aarde bacteriën gevonden, zoals in hete bronnen en diep in de aardkorst. De hoop van de wetenschappers is daarom dat ook in het geïsoleerde, donkere en voedselarme meerwater bijzonder leven te vinden is.

De teams doen echter niet alleen onderzoek naar bacteriën, ze hebben ook geologische interesses. Het waterpeil in veel van de meren is variabel en beïnvloedt daardoor ook de beweging van de Antarctische ijskap. Die dynamiek kan door de boringen beter onderzocht worden.

De drie meren verschillen sterk. Het ‘Amerikaanse’ Lake Whillans ligt veel minder diep onder het ijs dan de andere twee, en is veel kleiner.

Ook verschilt de periode waarin het water circuleert: het water in het enorme Lake Vostok wordt elke 10.000 jaar vervangen door ander water uit de Antarctisch ijskap. In Lake Whillans gebeurt dat iedere tien jaar.

    • Hester van Santen