'Liever Veldhoven dan Silicon Valley'

Eric Meurice, de Franse topman van ASML, loodste het hightechbedrijf door de crisis naar recordomzetten. Hij vertrouwt op innovatie, „maar je weet nooit wanneer het werkt”.

VELDHOVEN - Portret van Topman Eric Meurice bij chipmachinefabrikant ASML heeft vorig jaar bijna tien miljoen euro geïnd door het verzilveren van opties en prestatieaandelen. COPYRIGHT ROBIN UTRECHT FOTOGRAFIE

Met gespeelde ontzetting staart Eric Meurice naar de lunchtafel. „Dat is zo Nederlands, croissants bij het middageten, en een glas melk..! Croissants horen bij het ontbijt, met een café au lait.”

Broodje brie dan maar. Want Eric Meurice, topman van ASML, koketteert graag met zijn Franse nationaliteit. Sinds 2004 leidt hij chipmachinefabrikant ASML – en loodste het hightechbedrijf uit Veldhoven door de ernstige crisis van 2009.

„Die crisis was kort, heftig en had geen maand langer moeten duren”, zegt Meurice. ASML moest vaste medewerkers deeltijd laten werken, de overheid sprong bij. Maar het herstel kwam snel: 2011 en 2012 waren de beste jaren ooit.

Laveren over de conjunctuurgolven van de chipindustrie, dat is ASML’s specialiteit. Het bedrijf maakt lithografiemachines die de nauwkeurige patronen drukken op geheugenchips en processors. Hoe fijner de lijntjes, hoe efficiënter chipmakers als Samsung en Intel kunnen produceren. Door deze continue schaalverkleining passen er meer transistoren op chips en worden computers en gadgets krachtiger. ASML is een onmisbare factor – met een marktaandeel van 80 procent zelfs dominant.

Eric Meurice lijkt zich graag op de achtergrond te houden – vaak neemt financieel directeur Peter Wennink de persgesprekken voor z’n rekening. „Ik ben niet zo’n prater”, zegt Meurice. Om vervolgens een uitgebreid betoog af te steken over de toekomst van EUV (extreme ultraviolet), een belichtingstechniek die schaalverkleining van chips tot ver na 2020 mogelijk moet maken.

Inmiddels is langs de A67 een gebouw van 600 miljoen euro verrezen, waar de peperdure EUV-machines in elkaar geschroefd worden. Al twaalf jaar werkt ASML aan EUV – een weg vol wetenschappelijke hindernissen en vertragingen. Naarmate schaalverkleining vordert, worden alle onderdelen van de lithografiemachine complexer. Ook de som der delen – assemblage en afstellen – wordt ingewikkelder.

Daarom is elke generatie lithografiemachines duurder. De investeringen in research worden te risicovol voor één bedrijf. Afgelopen jaar stelde ASML zijn toekomst veilig: het sloot een gewaagd pact met zijn grootste drie klanten, Intel, Samsung en TSMC. Zij delen in de onderzoekskosten, worden aandeelhouder en garanderen de afname van EUV-apparatuur. En ze betalen mee aan de 1.200 extra specialisten die ASML nog nodig heeft, naast de 8.500 huidige personeelsleden.

Ook breekt ASML met een traditie om alleen te werken met zelfstandige toeleveranciers, zoals lenzenmaker Zeiss of VDL. ASML doet een grote overname: het koopt een van zijn hofleveranciers, de Amerikaanse lichtbronnenspecialist Cymer, voor 1,95 miljard euro. Komende maand wordt de overname waarschijnlijk afgerond.

Waarom Cymer wel overgenomen en Zeiss niet? Ze maken allebei onmisbare onderdelen?

„Onze filosofie is dat leveranciers leveranciers moeten blijven. We willen een netwerk creëren waarin we de beste technologie bewerkstelligen. Maar Cymer moest de EUV-technologie nog deels zelf ontwikkelen. Wij ook. Het is makkelijker om samen nieuwe vaardigheden op te doen, anders ga je elkaar beconcurreren.”

Is de vertraging van EUV met de overname van Cymer opgelost?

„Nee, we zullen vertragingen blijven ondervinden. En daarna nog meer vertragingen. Tja, het is moeilijk uit te leggen, maar dit is geen deterministisch vakgebied. We weten dat het kan, maar nooit precies wanneer iets zal werken. De eerste generatie machines voldoet aan de eisen van de opdrachtgevers maar wordt altijd verscheept met tien ingenieurs om de systemen aan te passen en te verbeteren. Tien Nederlandse jongens die niet meer terugkomen omdat ze trouwen met Aziatische vrouwen. Hahaha!”

Weer dat lachje. Charmant, benaderbaar, maar ook een strikte leider, zo wordt Meurice omschreven. Niet een people manager als Willem Maris, die ASML in de jaren negentig groot maakte. Niet zo afstandelijk als de Brit Doug Dunn, die af en toe de toeleveranciers op stang kon jagen.

Meurice voelt zich ongemakkelijk als zijn beloning ter sprake komt: de Volkskrant rakelde deze week op dat hij 10 miljoen euro aan opties en aandelen liet verzilveren. Niet chic, vindt Meurice. „We zijn zeer transparant over onze beloningen. Alles gebeurt volgens de regels: ik moest lang wachten met verkopen, waardoor het bedrag opliep.” ASML deelt dit jaar ook een bonus van 64 miljoen aan het personeel uit.

Is Nederland wel een prettig land om te werken?

„De sterkte van Nederlanders is dat ze iets goed uit kunnen voeren. En het is een positieve cultuur, waarin het draait om samenwerken, kijken of je de belangen op elkaar af kunt stellen. Ons verdienmodel is gebaseerd op heel veel investeren in een klein dorpje – Veldhoven. Zo ontwikkelden we kennis die superieur is aan concurrenten als Nikon en Canon. Hier stoppen we de mensen in een ‘aquarium’, afgesloten voor de buitenwereld. Als we zoveel geld hadden besteed in Silicon Valley zouden we het niet gered hebben.”

ASML is in Veldhoven beter af dan in Silicon Valley?

„Zeker. In Silicon Valley zouden we na twee jaar 20 procent van onze werknemers kwijt zijn. Dan is je investering weg en verspreidt de kennis zich naar andere bedrijven, naar concurrenten. ”

En een negatieve eigenschap van Nederland?

„Dat jullie niet Frans zijn.” Meurice gniffelt mee om zijn eigen grap.

Pardon?

„Er is hier soms gebrek aan ambitie om grote dingen te doen. Het negatieve van de cultuur is dat Nederland niet altijd een duidelijke leider accepteert die het tempo omhoog kan schroeven. ASML is een uitzondering. Onze leveranciers luisteren naar ons, want die krijgen in ruil een groter deel van de opbrengst. De vakbonden denken met ons mee, net als de overheid. Omdat ASML nu een grote jongen geworden is, weten ze dat samenwerking uiteindelijk meer waarde creëert.

Airbus is ook een goed voorbeeld. Maar die logische samenhang van een groep ontbreekt vaak in Europa, terwijl we daar onze concurrentiepositie mee zouden verbeteren. Aziaten zijn wat dat betreft superieur: neem de Japanse cultuur. Japanse consumenten houden van Japanse goederen, Japanse bedrijven willen Japanse toeleveranciers. In China dwingt de overheid die samenwerking af met subsidies en wetten.”

ASML’s omzet daalde in 2012 met 20 procent, na topjaar 2011. Komt er opnieuw een dip in de chipindustrie als in 2009?

„Zeker niet. 2009 was uitzonderlijk slecht. Toen hadden we tegelijkertijd een economische crisis en een financiële crisis waardoor onze klanten geen apparatuur meer konden leasen. Dat kwam bovenop de gebruikelijke terugval in de chipindustrie. Het was een grote, maar korte shock. Gelukkig maar, want het had ook niet langer dan zes maanden moeten duren. Nu konden we ons eruit redden, met hulp van de regering en onze medewerkers (ASML ging deeltijdwerk bieden, red.).”

U rekent op herstel in de tweede helft van het jaar.

„We leunen niet op volumegroei, het gaat om innovatie. Bedrijven als Apple en Samsung verzinnen de nieuwe smartphones en tablet pc’s en chipfabrikanten moeten in 2014, 2015 een nieuwe generatie chips leveren. En ze gaan werken op grotere wafers (de ronde platen waarop halfgeleiders gemaakt worden, red.). Om de chips voor de nieuwe gadgets te bouwen heb je twee keer zo veel lithografiemachines nodig. „Dit bedrijf blijft succesvol zolang onze kennis extra waarde toevoegt. Ik geloof dat we nog minstens twee of drie technologische transities relevant zullen blijven. Daar maak ik me geen zorgen over. En ook onze klanten niet. Sterker nog, ze gaan met ons in zee als co-investeerders.”

Is de aanhoudende patentenstrijd tussen Samsung en Apple een vertraging?

„Als je in deze business zit, stop je niet met het uitbrengen van nieuwe producten. Innovatie is een overlevingsstrategie voor onze klanten. Ze moeten zich onderscheiden, anders overleven ze hun eigen cycli niet. Voor het eerst kunnen we nu met zekerheid zeggen dat 2013 goed voor ASML eindigt, omdat er zo’n grote innovatieslag aan komt – zeg maar gerust een innovation cliff.”