Fotograaf prijst fotograaf

Zondag wordt de winnaar van de Zilveren Camera bekendgemaakt. Maar fotografen morren over de prijs.

NEW YORK, NY - NOVEMBER 1: (EXCLUSIVE COVERAGE - PREMIUM RATES APPLY) Aerial view shot at night shows Manhattan in the aftermath of superstorm Sandy, including the blackout from the powercut south of 39th street on October 31- November 1, 2012 in New York City. (Photo by Iwan Baan/Reportage by Getty Images) Getty Images

De aangespoelde bultrug op het strand. Een bloemenzee op het voetbalveld voor grensrechter Richard Nieuwenhuizen. Syrische opstandelingen in Aleppo. Maar waar is die foto van de stroomuitval in New York, vlak na orkaan Sandy?

Dat vroegen een aantal juryleden van de Zilveren Camera zich af toen ze begin januari bijeenkwamen om de nominaties samen te stellen voor de beste nieuwsbeelden van 2012.

De bewuste foto, gemaakt door de Nederlandse fotograaf Iwan Baan voor New York Magazine, zat niet bij de inzendingen. „Ik heb er gewoon niet aan gedacht om die foto voor de Zilveren Camera in te sturen”, zegt Baan die zijn thuisbasis heeft in Amsterdam. „Ik ben architectuurfotograaf, geen fotojournalist. Ik heb ook nooit een foto ingestuurd voor World Press Photo.”

Ook fotojournalist Joël van Houdt, woonachtig in Kabul waar hij werkt voor ondermeer The New York Times Magazine, heeft sinds 2004 geen werk meer ingestuurd voor de Zilveren Camera. „Ik zie liever niet terug wat ik eerder heb gefotografeerd. Dan denk ik: is dit alles wat ik in een jaar heb gemaakt? Bovendien heb ik er weinig aan om een Nederlandse prijs te winnen. Mijn opdrachtgevers komen toch voornamelijk uit het buitenland.”

Het is een probleem dat sommige fotografen hun werk niet insturen, meent Sterre Sprengers, beeldredacteur van NRC next en een van de juryvoorzitters dit jaar. „Ik zie ieder jaar veel foto’s langskomen. Daar zit fantastisch werk tussen. Maar veel daarvan zie ik niet terug bij de inzendingen. Dat is jammer want daardoor krijg je geen goed overzicht van de Nederlandse fotografie.

„Terwijl er wel behoefte is aan vernieuwing. Wij zijn bij de krant steeds op zoek naar andere invalshoeken voor fotografie. Daar past zo’n beeld als van Baan goed tussen, ook al is hij geen fotojournalist.”

Al jaren is er iedere keer gedoe rondom de uitreiking van de Zilveren Camera. Juryleden klagen dat er te weinig beeld wordt ingestuurd. Fotografen mopperen dat telkens dezelfde namen, waaronder Pim Ras, Robin Utrecht en Joost van den Broek, onder de winnaars opduiken. Bovendien zou de jury niet objectief kunnen opereren omdat iedereen elkaar kent in het kleine wereldje van de Nederlandse fotografie.

Op zijn blog schreef fotograaf en Zilveren Camera-watcher Bas de Meijer deze week een artikel getiteld ‘Nominaties Zilveren Camera 2012: Veel komkommer, weinig wol’. Volgens De Meijer heeft de ZC-jury een gedegen keuze gemaakt maar zijn er ook onderwerpen bij waarvan je de echte nieuwswaarde in twijfel kunt trekken. „De genomineerde foto’s zijn redelijk oppervlakkig. Er zit een serie bij over project X in Haren en een foto van de aangespoelde potvis. Dan denk ik: er zijn toch wel belangrijkere dingen geweest die hebben gespeeld? De economische crisis? Het opbreken van de coalitie?”

Er wordt volgens De Meijer ook te weinig geëxperimenteerd door fotografen zelf. „Neem de fotoreportage van Robin Utrecht over de stille tocht voor Richard Nieuwenhuizen. Het is goed gefotografeerd, daar niet van. Maar ik vind dat je beter het voetbalgeweld kan fotograferen in plaats van zo’n begrafenis. Ik mis series waarin fotografen hun eigen visie tonen. Dat ligt aan de fotografen maar ook aan de media. Alles moet tegenwoordig snel en goedkoop worden geproduceerd. Tijd voor een gedegen reportage is er niet.”

Freelance fotograaf Roger Cremers, die in 2002 een derde prijs won in de categorie Sport van de Zilveren Camera, stuurt eveneens zijn werk niet meer in. „Ik ben ermee opgehouden. Je ziet toch steeds dezelfde soort fotografie terugkomen. Dat ligt niet aan de kwaliteit van de Nederlandse fotojournalistiek, die is goed, maar er is weinig verrassend of diepgaand werk. Bijzondere dingen die ik in het jaar tegenkom, zie ik niet terug bij de Zilveren Camera.”

„Dat fotografen niet insturen omdat de uitslag toch altijd hetzelfde is, vind ik een kulargument”, zegt Lars Boering, directeur van de FotografenFederatie (FF). „Als je een goede foto hebt, moet die kunnen winnen.” Boering, die namens de FF jaarlijks 10.000 euro bijdraagt aan de Zilveren Camera, wordt een beetje moe van de discussie die ieder jaar terugkomt. „Feit is dat Pim Ras gewoon goede foto’s maakt. Er is altijd wel een zeurpiet bij die zegt: waarom zit mijn foto er niet bij?”

„Het is jammer dat iemand als Guus Dubbelman nooit inzendt”, zegt Joost van den Broek, die afgelopen jaar de Zilveren Camera won. „Hij is een goede sportfotograaf en een goede concurrent van Pim Ras. Maar ik denk niet dat het toeval is dat steeds dezelfde fotografen worden genomineerd. Het heeft te maken met kwaliteit dat steeds dezelfde namen boven komen.” Volgens Van den Broek is er maar een kleine top van goede fotojournalisten in Nederland. „Daaronder is het ruim vertegenwoordigd.” Zelf zendt hij ieder jaar in. „Met als doel opnieuw te winnen. Als ik telkens in de prijzen val, met jaarlijks wisselende juryleden, heb ik echt een betrouwbaar oordeel over mijn werk.”

Cremers is het daar niet mee eens. „Hoe betrouwbaar is het oordeel van de jury? Iedereen kent elkaar. De juryleden behoren in de voorrondes een selectie te maken van de beste beelden zonder te weten van wie die foto’s afkomstig zijn. Maar ik denk dat ieder jurylid wel driekwart van de foto’s herkent. Wie de prijs krijgt, is een kwestie van gunnen.”

Jenny Smets, beeldredacteur bij Vrij Nederland, noemt het ‘onvermijdelijk’ dat je als jurylid beelden herkent. „Juist omdat iemand een kenner is op het gebied van fotografie, wordt hij of zij gevraagd als jurylid.” Smets heeft een aantal keer in de jury van de Zilveren Camera gezeten. Op dit moment zit ze in de jury van de Canonprijs, een aparte prijs voor vernieuwende fotojournalistiek. „Ik ken alle drie de genomineerden. Bijna alle juryleden zijn in hun dagelijks werk betrokken bij de projecten van fotografen die inzenden voor de prijs. Ik durf van mijzelf te zeggen dat ik bij de beoordeling daar professioneel mee om kan gaan. Ik geef van tevoren altijd aan dat ik iemand ken en wat de belangen zijn. Soms onthoud ik mij van stemming.”

„Ik herken veel fotoreportages uit het buitenland, maar ik kan absoluut niet zeggen dat de sportfoto van Epke Zonderland van afgelopen jaar werd gemaakt door Pim Ras of door een andere sportfotograaf”, zegt Claudia Hinterseer, directeur van het internationale fotoagentschap NOOR.

Hinterseer, dit jaar de voorzitter van de categorieën Buitenland Documentair en Buitenlands Nieuws, noemt het jurysysteem ‘heel doordacht’ en benadrukt dat alle juryleden vakmensen zijn. „We kiezen op de eerste bijeenkomst uit de foto’s van onze eigen categorie zes beelden en zes series. In de plenaire vergadering stemt iedereen over deze keuzes en gaan telkens de beste drie door. Dat systeem is heel democratisch.”

Toch kan ze zich de onvrede onder de fotografen wel voorstellen. „Als je van buitenaf niet weet hoe de beslissingen tot stand zijn gekomen, kan ik me voorstellen dat sommige nominaties tegenvallen. Dat heb ik zelf ook als ik soms de nominaties zie bij World Press Photo. Maar die ontevredenheid hou je. Ook als je er een andere jury neerzet.”

Zondag is de Zilveren Camera uitreiking in het Fotomuseum Den Haag. Maandag meer in Het Grote Verhaal.

    • Rosan Hollak