Papoea's en pygmeeën als onze leermeesters

Fysioloog, ornitholoog, antropoloog, geograaf en milieu-historicus Jared Diamond schreef een intrigerend boek over de normen en gewoonten van de laatste jagers en verzamelaars.

01 Aug 1990 --- THE AKA PYGMEES OF THE CONGO AND CENTRAL AFRICA --- Image by © Pierre Perrin/Zoko/Sygma/Corbis © Pierre Perrin/Zoko/Sygma/Cor>

Jared Diamond (1937) is een wonder van veelzijdigheid in een wetenschappelijke wereld van superspecialisten. Hij studeerde af als fysioloog aan Harvard en promo-

veerde in Cambridge op een proefschrift over de biofysica van de galblaas. Daarna werd hij ornitholoog en specialiseerde zich in de vogels van Nieuw-Guinea.

Dat grote eiland in de tropen bezocht hij voor het eerst in 1964, en hij kwam er nooit meer van los. Contacten met Papoea-volken van het bergland, die hij legde tijdens zijn veldwerk, wekten zijn belangstelling voor de antropologie. Toen hij in de vijftig was, bekwaamde hij zich in een nieuw vakgebied: milieugeschiedenis. Hij vond uiteindelijk alles van zijn gading in de geografie, en die discipline onderwijst hij nu als hoogleraar aan de Universiteit van Californië in Los Angeles.

Er zullen niet veel mensen zijn die Diamonds wetenschappelijke werk over zoutabsorptie in de galblaas hebben gelezen. Des te bekender zijn de populair-wetenschappelijke boeken die hij schreef over de opkomst en ondergang van beschavingen. In Guns, Germs and Steel (1997, Nederlandse vertaling: Zwaarden, paarden en ziektekiemen) legde hij uit hoe Europeanen er in de loop van de geschiedenis in slaagden de wereld te beheersen. In Collapse (2005, vertaald als Ondergang) beschreef hij historische samenlevingen die in zijn ogen hun natuurlijke milieu, en daarmee zichzelf, te gronde hebben gericht. Dat boek had een duidelijke boodschap: we moeten leren van de geschiedenis om herhaling van zulke catastrofes te voorkomen.

Nu verkent Diamond in een nieuw boek de wereld van vóór de smeedkunst, de landbouw en de natiestaat. Die vindt hij aan de randen van de moderne wereld, bij de bergvolken van Nieuw-Guinea, die hem als jonge vogelvorser de weg wezen, en bij de laatste nog levende jagers en verzamelaars – in de regenwouden van de Amazone en Centraal-Afrika en in de woestijnen van zuidelijk Afrika.

De titel van zijn nieuwe boek, The World until Yesterday, onderstreept dat moderne mensen in het grootste deel van hun miljoen-jarige verleden jagers en verzamelaars waren. Ze wisselden dat bestaan ‘pas’ 11.000 jaar geleden in voor landbouw en, weer vijfduizend jaar later, voor een leven in steden en staten. En niet overal. Volgens Diamond hebben de kleinschalige, niet-statelijke samenlevingen van de !Kung San (‘Bosjesmannen’) van de Kalahari, de Braziliaanse Piraha-indianen en de Aka-pygmeeën van Centraal-Afrika ‘kenmerken bewaard van de manier waarop al onze voorouders tot zeer recent hebben geleefd’.

Compensatie

Diamond vergelijkt gewoonten, waarden en normen van 39 traditionele, kleinschalige, niet-statelijke maatschappijen met die van hedendaagse westerse samenlevingen. Op negen punten: territoriumgedrag, conflictbeheersing, oorlogvoering, opvoeding van kinderen, ouderenzorg, omgang met gevaar, religie, voeding en meertaligheid. Daarbij gaat hij in ruime mate af op eigen waarnemingen en ervaringen tijdens zijn veldwerk in Nieuw-Guinea.

Voor traditionele samenlevingen elders in de wereld put hij uit bestaande etnografieën, systematische cultuurbeschrijvingen door antropologen. Deze traditionele samenlevingen, zegt Diamond, zijn niet alleen het bestuderen waard, we kunnen nog heel wat van hen leren. Wat doen Dani van de Baliemvallei, Siriono-indianen uit het Amazonebos van Peru en !Kung-jagers van de Kalahari beter dan wij?

Aan de hand van een waar gebeurd voorval legt Diamond uit hoe mensen, in een omgeving waar bestuur en rechtsysteem nauwelijks functioneren, conflicten langs traditionele weg oplossen. In het bergland van Papoea Nieuw-Guinea (PNG) rijdt de chauffeur van een minibusje buiten zijn schuld een scholier dood. Dader en slachtoffer behoren tot verschillende etnische groepen en een confrontatie dreigt. Een collega van de chauffeur wordt ingeschakeld om te onderhandelen met de nabestaanden. Die erkennen dat de chauffeur geen schuld heeft, maar krijgen van het bedrijf compensatie in de vorm van voedsel en een ruime bijdrage in de begrafeniskosten. Een bedrijfsdelegatie doet mee aan het rouwbetoon.

Diamond vergelijkt deze gang van zaken met de Amerikaanse civiele en strafrechtpraktijk. Daarin staan schuldvraag en straf centraal, maar de familie van het slachtoffer blijft in de kou staan. Conflictbeslechting in PNG, zegt Diamond, is gericht op herstel van relaties tussen mensen die in elkaars nabijheid leven en ook in de toekomst op elkaar zijn aangewezen. Dat gaat via ‘compensatie’. Die staat niet in verhouding tot het verlies van een mensenleven, maar doet recht aan de gevoelens en bewaart de vrede. Diamond vindt dit leerzaam. Hij erkent overigens dat zo’n vreedzame schikking niet altijd lukt, en dat in zo’n geval oorlog kan uitbreken tussen de partijen, een traditionele – en gewelddadige – pendant van procederen in de VS.

Jagers en verzamelaars van het equatoriale regenwoud gaan anders om met hun kinderen dan de meeste westerlingen. Dat heeft te maken met de beperkingen van hun natuurlijke omgeving, maar ook met niet-milieugebonden normen. Infanticide is niet ongewoon. Sommige Amazone-indianen en ook de !Kung pasten dit paardenmiddel vanouds toe bij de geboorte van tweelingen en van baby’s met aangeboren gebreken. Moeders zijn niet in staat om met hun last aan voedsel en water twee zuigelingen tegelijk te dragen. En gehandicapte borelingen worden beschouwd als niet opgewassen tegen het trekkersbestaan.

Speelgoed

Toch ziet Diamond in de opvoedingspraktijk van deze gemeenschappen veel waardevols. ‘Waarom’, schrijft hij, ‘zouden we onze kinderen niet rechtop en met het gezicht naar voren in een draagzak vervoeren in plaats van liggend in een kinderwagen? Waarom zouden we niet snel en consequent reageren als een baby huilt, het kind aan diverse verzorgers laten wennen en fysiek contact tussen baby’s en verzorgers bevorderen? We zouden kinderen moeten stimuleren om zelf spelletjes te verzinnen, in plaats van dat te ontmoedigen door steeds geavanceerd, zogenaamd verantwoord speelgoed aan te dragen. We zouden heterogene speelgroepen van kinderen kunnen vormen, in plaats van speelgroepen die uit louter leeftijdgenoten bestaan. We kunnen de vrijheid van een kind om de wereld te ontdekken zo groot mogelijk maken, mits we zorgen voor voldoende veiligheid.’

Diamond besteedt ook aandacht aan ouderenzorg. Hij erkent dat samenlevingen van jagers en verzamelaars zieke of niet langer mobiele ouderen vanouds lieten doodgaan door verwaarlozing of achterlating, of hielpen bij (of dwongen tot) zelfdoding. Maar hij geeft ook voorbeelden van respect voor de ervaring, kennis en het geheugen van ouderen. Afgaande op de praktijk van traditionele gemeenschappen pleit hij voor een actief grootouderschap, waardoor ouders de handen vrij hebben voor werk en sociale activiteiten.

Het mag duidelijk zijn: ook dit boek van Diamond heeft een boodschap. Hij oefent pittige cultuurkritiek uit, vooral op zijn eigen land, de VS. Hij ziet steeds meer gebreken aan die samenleving, zoals een extreme vorm van individualisme, en daartegen brengt hij de gewoonten en opvattingen van hedendaagse jagers en verzamelaars in stelling. Het is alleen de vraag of de balans in hun voordeel uitvalt.

Diamond draagt geen nieuwe inzichten aan over de besproken samenlevingen. De kracht van zijn boek is dat hij hun gebruiken steeds vergelijkt met westerse tegenhangers en dat hij moeilijk toegankelijke literatuur en debatten tussen specialisten leesbaar samenvat. Met The World until Yesterday heeft Diamond een populaire inleiding tot de antropologie geschreven. Dat is een grote verdienste, want het vak heeft veel te bieden, maar is nogal gesloten. Als Diamond uit zijn grote bronnenkennis put, doet hij dat met de nodige academische discipline, maar zijn betoog is vaak anekdotisch en dan gaat hij uitvoerig in op eigen wederwaardigheden. Hij heeft ook overal ter wereld ‘vrienden’ die hij als getuigen opvoert. Een kritische lezer staat dan buiten spel.

    • Dirk Vlasblom