Linkse ideoloog zette liberalisme hoog op agenda

Politicoloog Jos de Beus waarschuwde voor een ‘toeschouwersdemocratie’ en pleitte voor betrokken burgers. Zoals hij zelf een betrokken denker was.

Jos de Beus in 2008 Foto HH

Het manuscript van De toeschouwersdemocratie is af, maar de auteur – Jos de Beus – zal de publicatie niet meemaken. De Nederlandse politicoloog, PvdA-prominent en hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam, is woensdagavond op 60-jarige leeftijd overleden. Hij was al geruime tijd ziek.

In 2010 stopte hij om gezondheidsredenen met zijn driewekelijkse column bij actualiteitenprogramma Buitenhof. „Hij was niet alleen een vooraanstaand wetenschapper, hij was ook erg maatschappelijk betrokken”, zegt Buitenhofredacteur Corinne Hegeman. „In zijn columns durfde hij uitgesproken pro-Europees te zijn, terwijl de tijdgeest er niet naar was.”

Eind vorig jaar schreef De Beus een brief aan de Nederlandse Kring voor de Wetenschap der Politiek, waarvan hij voorzitter was geweest. „Binnenkort ga ik verhuizen naar een verzorgingshuis in Hilversum en zal daar goed verzorgd worden en de laatste fase van het leven ingaan”, schreef De Beus. „Ineenstorting van mijn lijf en mijn geest die de medici voor een raadsel hebben geplaatst. Een ziektebeeld dat niet gediagnosticeerd is; een verouderingsproces dat niet aantoonbaar is ondanks alle medische apparatuur en de medische wetenschap.”

Jozef Willem de Beus werd op 27 november 1952 geboren in Utrecht. Hij bezocht het gymnasium van de Augustijnen in Eindhoven en studeerde politicologie aan de Katholieke Universiteit Nijmegen (1971-1977). Vanaf ’77 werkte hij als wetenschappelijk medewerker en later universitair docent in de welvaartstheorie en economische politiek aan de Universiteit van Amsterdam.

Zijn proefschrift, dat zich richtte op het werk van Nobelprijswinnaars Hayek, Buchanan en Sen, werd bekroond als het beste van dat jaar. „Jos was een klassieke intellectueel”, zegt zijn vriend Arjo Klamer. „Dat bleek ook in zijn dissertatie. Hij las veel en probeerde alles met elkaar in verband te brengen.”

De Beus doceerde aan Harvard University, Universiteit Twente, Rijksuniversiteit Groningen, en sinds 1999 was hij hoogleraar politieke theorie, politieke cultuur en hun geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. Bij zijn aanstelling was er discussie over zijn partijpolitieke profilering. „Hij zette het liberalisme en conservatisme weer hoog op de agenda op de faculteit”, zegt Philip van Praag, oud-collega en universitair hoofddocent politicologie aan de UvA. „Jos vond het belangrijk om als linkse denker ook te onderzoeken wat de waarde was van het liberalisme voor het linkse gedachtegoed.”

Hij werd beschouwd als een invloedrijk ideoloog binnen de PvdA, waarvan hij sinds 1975 lid was. Zo was hij de voornaamste schrijver van Wat mensen bindt, het verkiezingsprogramma voor de Kamerverkiezingen van 1994.

De Beus maakte zich zorgen over de rol van burgerschap in de samenleving sinds de Fortuynrevolte. Hij hield pleidooien voor de betrokken burger, voor het aanhalen van sociale banden. Hij vreesde een ‘toeschouwersdemocratie’, waarin alles draait om het ego van de gekozene, die voornamelijk probeert de aandacht van het publiek te trekken. De politiek moet de burger weer centraal stellen, aldus De Beus, niet de politicus.