Links raakt beschimmeld in Israël

De eens zo machtige linkse partijen zijn bij de komende verkiezingen in Israël tot figuranten gedegradeerd. „Hun ideeën zijn versleten.”

Hila Flashkes, een maker van politieke poppen, werkt in zijn atelier in Tel Aviv aan het gezicht van Shelly Yachimovich, de leider van de in verval geraakte Arbeidspartij. De poppen worden gebruikt in een satirisch televisieprogramma op de Israëlische televisie. Foto Reuters

Boe, boeoe, loeide het publiek tijdens een verkiezingsdebat, deze week in Jeruzalem, toen een afgevaardigde van de partij Meretz zei dat Israël het Arabische vredesinitiatief uit 2002 eens zou moeten bestuderen. Het publiek bestond hoofdzakelijk uit goedgeklede gepensioneerden, die waren opgegroeid in de decennia dat socialistische partijen het land regeerden. Toen de kibboets nog in trek was, en links geen vies woord.

Tegenwoordig denkt 63 procent van de Israëliërs negatief over linkse politiek. Links geldt als onverantwoordelijk, ongeloofwaardig en naïef – volgens de progressieve denktank Molad, die dit onderzocht. De sociaal-democratische Arbeidspartij heeft zich volledig van het linkse predicaat gedistantieerd. „Mijn partij is nooit links geweest”, zei partijleider Shelly Yachimovich onlangs. Meretz, de enige zionistische partij die zich nog links wil noemen, staat op zes zetels (van 120) in de peilingen voor de parlementsverkiezingen, dinsdag. De volgende regering wordt, net als de huidige, een rechtse. Mogelijke een radicaal-rechtse.

De aftakeling van links is al bijna twintig jaar gaande. Wonnen de Arbeidspartij en Meretz in 1992 nog 56 zetels samen, bij de vorige verkiezingen, vier jaar geleden, haalden ze er amper 16. Een mopje uit de Israëlische linkerhoek luidt: elke dag sterven er drie linkse bejaarden en worden er drie rechtse baby’s geboren. En inderdaad heeft links de demografische trend niet mee: religieuze (meestal rechtse) gezinnen krijgen meer kinderen en ook de meeste immigranten stemmen rechts. Maar volgens Avraham Burg, een oud-parlementsvoorzitter (58) in spijkerbroek, heeft links zijn ondergang voornamelijk aan zichzelf te wijten. Hij richtte vorig jaar de denktank Molad op in een poging de linkse politiek te reanimeren.

Burg zegt dat het publieke potentieel er is. „Als je diep doorvraagt, blijkt dat ongeveer de helft van de Israëlische samenleving nog steeds links denkt – en daarmee bedoel ik: akkoord gaat met een Palestijnse staat in ruil voor vrede. Waarom dat zich niet vertaalt in parlementszetels, is omdat de linkse politiek in puin ligt. Rechts heeft een duidelijke ideologie: vasthouden aan het Bijbelse land, oftewel de bezette Westelijke Jordaanoever. Links weet daar al twintig jaar geen doortimmerd alternatief tegenover te stellen.”

Links kwam volgens Burg nooit de moord op Yitzak Rabin te boven. Rabin was premier namens de Arbeidspartij toen een rechtse extremist hem in 1995 doodde vanwege zijn pogingen vrede te sluiten. „Er is geen lering uit getrokken en geen nieuwe boodschap ontwikkeld die past bij deze tijd”, aldus Burg. „Een complicatie is dat premier Benjamin Netanyahu het oude linkse plan van de tweestatenoplossing heeft geridiculiseerd, door dat officieel te steunen, maar er geen werk van te maken. Links staat met lege handen.”

Zo klinkt dezer dagen ook de zelfkastijding in het linkse lijfblad Haaretz. Yossi Sarid, een prominente linkse commentator schreef: „Links raakt beschimmeld, zijn ideeën zijn oud, zijn standpunten versleten”. De progressieve journalist Gideon Levy: „centrum-links is zijn emotionele en morele kompas kwijt”.

En dat is te zien in de verkiezingscampagnes. Die gaan grofweg over drie (samenhangende) kwesties: het uiteenvallende sociale stelsel, het conflict met de Palestijnen en de frictie tussen seculieren en ultra-orthodoxen. Maar deze problemen worden slechts oppervlakkig aangekaart. Nergens klinken concrete en realistische oplossingen. Geen van de partijen aan de linkerzijde van Netanyahu heeft een alomvattend antwoord op de status quo.

Zo heeft Yachimovich van de Arbeidspartij wel een economisch programma, maar ontvouwde ze geen visie op het conflict met de Palestijnen, dat ze afdoet als een „oude discussie”. De nieuwe partij van oud-minister Tzipi Livni, Hatnua, pleit juist sterk voor hernieuwde vredesbesprekingen met de Palestijnen. Maar zij mist een agenda voor de economie. Yair Lapid, van Yesh Atid, fulmineert vooral tegen de privileges van de ultra-orthodoxen en wekt verder de indruk dat hij bij voorkeur met rechts zou meeregeren.

Hoewel deze partijen allemaal in het electorale centrum vissen – ze noemen zichzelf alle drie nadrukkelijk „niet rechts, niet links” – kunnen ze elkaar niet in het midden vinden. Een poging om samen een alliantie tegen rechts te vormen, ontaardde vorige week in moddergooien.

Een alliantie had waarschijnlijk weinig uitgemaakt. Tussen het blok van de huidige coalitie van rechtse, extreemrechtse en religieuze partijen (samen 63 zetels in de peilingen) en het blok van de centrumpartijen, links en de drie kleine Arabische partijen (57 gepeilde zetels) wordt weinig electorale mobiliteit verwacht. Netanyahu wordt weer premier.

„Deze verkiezingen zijn een technische formaliteit, ze gaan nergens over”, aldus Burg. „Het is als een stoelendans op de Titanic”. En toch is de oud-politicus positief. Op termijn tenminste. „Kijk naar Europa. Vijf jaar geleden klonk het nog dat de neoconservatieven het continent hadden veroverd, en nu neemt links de macht weer over. Zo dynamisch is politiek. Ook in Israël.”

De Israëlische linkerflank heeft echter nog zeker tien jaar nodig om te bouwen aan een programma, meent Burg. „De echte verkiezingen, wanneer er weer echt wat te kiezen valt, zijn in 2017.”

    • Leonie van Nierop