Een onverbeterlijke wereldverbeteraar

Wereldverbeteraar en theosoof Kees Boeke richtte een school op om kinderen te laten worden wie ze zijn. In een meeslepend portret komt hij naderbij.

Wat was onderwijsvernieuwer en wereldverbeteraar Kees Boeke voor iemand? Een godsdienstwaanzinnige, een irritante Prinzipienreiter of een oprechte idealist die het talent had zijn dromen te verwezenlijken? In haar onderhoudende biografie van ‘de apostel van Bilthoven’ laat Daniela Hooghiemstra de lezer zelf oordelen. In tegenspraak daarmee merkt ze in de slotregel van haar boek op dat zij Kees Boeke tijdens haar onderzoek heeft ‘leren kennen en begrijpen’.

Als lezer kan ik haar dat niet nazeggen. Boeke ‘begrijpen’ lijkt me trouwens een onmogelijke doelstelling. Intimi als zijn moeder en de pupillen van zijn in 1927 opgerichte school De Werkplaats konden hem al niet volgen op zijn vogelvlucht in hemelse sferen. Een biograaf hoeft zijn onderwerp ook helemaal niet te begrijpen, het is al meer dan voldoende als hij diens faits et gestes kan duiden door ze van relevante contexten te voorzien. En dat doet Hooghiemstra, die vorige week op deze biografie promoveerde, voortreffelijk.

Veel van de schilderachtige anekdotes over de tolstojaan Kees Boeke, christen-anarchist en onder veel meer ook veganist, esperantist, pacifist, anti-kapitalist en anti-monarchist zijn al bekend. In afwachting van de spoedige terugkeer van Christus op aarde liet hij zijn kinderen bijna omkomen van kou en honger en zijn (meestal zwangere) vrouw zat net als Boeke zelf vaak dagen- of wekenlang in de gevangenis wegens burgerlijke ongehoorzaamheid.

Ook de ervaringen van het koningshuis met Boeke zijn in de media al breed uitgemeten. Maar om de invloed van deze voorloper van de latere hippies en provo’s te kunnen plaatsen, is de cultuur- en ideeëngeschiedenis die Hooghiemstra’s biografie óók is, onontbeerlijk.

Over Kees Boeke, telg uit een eerbiedwaardig geslacht van Alkmaarse dominees en geleerden, zijn al talrijke studies, essays en herinneringen gepubliceerd. De geest in dit huis is liefderijk is de derde aan hem gewijde dissertatie, maar Hooghiemstra heeft bronnen aangeboord waaruit vragen voortvloeien die voorheen niet werden gesteld. Bijvoorbeeld de vraag hoe Boeke zich tijdens de Duitse bezetting heeft gedragen en hoe het kon dat een notoire bajesklant en republikein als hij zo in de smaak viel bij koningin Juliana en prins Bernard dat ze in 1945 hun kinderen op zijn Werkplaats lieten schoolgaan.

De vraag of de getalenteerde Boeke, natuurkundige en begenadigd violist, een psychiatrisch geval was, wordt door Hooghiemstra niet beantwoord. Ze praktiseert het principe ‘show, don’t tell’ en welke bizarre levensfeiten ze ook presenteert, nooit vervalt ze in stigmatiserende of badinerende kwalificaties. Steeds is haar toon afstandelijk en respectvol. Ze blijft Boeke volkomen serieus nemen, wat een voorwaarde is voor een serieuze biografie.

Niettemin had ik af en toe behoefte aan een medisch of psychologisch oordeel. Wat te denken van iemand die begin jaren twintig zijn vrouw, Betty Cadbury, dochter van een grote Britse chocoladefabrikant, haar hele vermogen liet weggeven en zijn kinderrijke gezin aan de bedelstaf hielp? Was de 38-jarige Boeke mogelijk geestesziek toen hij, na zijn faillissement in 1922, weigerde om nog geld aan te raken? Bijna gruwelijk is het om te lezen hoe de wereldvreemde, in weelde opgegroeide Britse Quakerdochter haar echtgenoot volgde in zijn zum Teufel voerende principes. Na enige aarzeling besloot zij ook geen geld meer te willen aanraken. Kees en Betty leefden naar eigen zeggen ‘in complete afhankelijkheid van God’, maar Hooghiemstra laat zien dat dit wat Kees betreft schijn was. Het kapitaal van zijn echtgenote was gedeeltelijk in een trust terechtgekomen waaruit een vriendin van Betty stiekem allerlei kosten betaalde. De biografie is dan ook te lezen als een studie in hypocrisie.

Sinds 1918 bewoonden de Boekes in Bilthoven een grote alleenstaande villa, Het Boschhuis. Van daaruit wilde Kees een nieuwe wereldorde stichten, de Broederschap in Christus. Het Boschhuis – opgezet in de traditie van Van Eedens Walden en de Kolonie van Internationale Broederschap van tolstojaan Van Rees – verloederde snel. In een paar jaar tijd werden de idealisten verdreven door klaplopers en sensatiezoekers tegen wie niet mocht worden opgetreden van de principieel anti-autoritaire Boeke. Die bivakkeerde met zijn vrouw en zeven kinderen anderhalf jaar in vier legertenten aan de rand van Bilthoven.

In het najaar van 1926 besloot Boeke, dan geëvolueerd van christen tot theosoof, zijn kinderen van school te halen omdat het schoolgeld via de belasting werd geïnd. Zo ontstond het idee om een eigen school te stichten. Op zijn ‘pedagogische experiment’ De Werkplaats zou een kind niet in een mal geperst worden, zoals in het reguliere onderwijs, maar worden ‘geholpen om te worden wie hij is’.

Hooghiemstra besteedt veel aandacht aan de opvattingen die ten grondslag lagen aan De Werkplaats, waar leerlingen ‘werkers’ heetten en leerkrachten ‘medewerkers’. Voormalige werkers en medewerkers vertelden haar ‘dat Kees maar wat deed’. ‘Hij lag niet wakker van de vraag hoe kinderen het beste konden leren. Hij had een groter doel. Hij wilde de wereld opnieuw inrichten,’ aldus oud-werker historicus Hermann von der Dunk. De Werkplaats had geen religieuze grondslag, maar was wel een levensbeschouwelijk project. ‘Het was een poging van Kees om aan te tonen dat God bestond. In hem, in het kind en in iedereen. Hij wilde laten zien dat als mensen van jongs af aan vrij gelaten werden, de goddelijke orde zich vanzelf zou openbaren,’ schrijft Hooghiemstra. Dit zweverige karakter van De Werkplaats, waar aan het naleven van hooggestemde idealen meer tijd werd besteed dan aan kennisoverdracht, verklaart wellicht waarom Beatrix er weg wilde. De kroonprinses moest ook niets hebben van gebedsgenezeres Greet Hofmans, bij wie niet alleen koningin Juliana haar heil zocht, maar ook Kees Boeke toen hij rond 1960 leed aan depressies en geheugenverlies.

Aan zijn principes had hij toen al vele concessies gedaan. Tijdens de bezetting had voor hem De Werkplaats voorop gestaan, ook toen hij en zijn medewerkers geacht werden de Ariërverklaring te tekenen en zelfs toen van hen gevraagd werd lijsten van alle Joodse ‘werkers’ in te dienen. Ondanks de bezwaren van Betty, die dat ‘principieel fout’ vond, had Kees steeds gedaan wat de nazi’s eisten.

Terwijl vrijwel iedereen in zijn omgeving grote risico’s had genomen en dat met de dood of gevangenschap hadden moeten bekopen, had Boeke voor ‘accommodatie’ gekozen. Vooral dankzij Betty’s zorg voor onderduikers in hun huis van wie Kees niet wist dat ze Joods waren, werd Boeke naderhand beschouwd als iemand die ‘goed’ was geweest in de oorlog. Volgens Hooghiemstra zou dat wel eens de voornaamste reden geweest kunnen zijn dat Juliana, gesteund door Wilhelmina en Bernhard, de prinsessen bij hem op school deed.

Die koninklijke goedkeuring heeft het voortbestaan van Boekes ‘zachte dictatuur’ nog enige tijd kunnen rekken, tot toenemend ongenoegen van losgeslagen werkers, onderbetaalde medewerkers en bezorgde ouders. Op instigatie van oud-premier Schermerhorn werd De Werkplaats stukje bij beetje getransformeerd tot een reguliere school. Toen Boeke in 1954 afscheid nam en tegen zijn principes in zelfs een ridderorde aanvaardde, drong het volgens zijn dochter Candia eindelijk tot hem door dat zijn streven om macht en status uit te schakelen mislukt was.

Kees Boeke stierf in 1966, Betty overleefde hem tien jaar. Na haar dood ontdekten haar in bittere armoede grootgebrachte kinderen dat ze stinkend rijk waren. Toen Boeke zijn vrouw ervan overtuigde dat ze afstand van haar kapitaal moest doen, had de familie Cadbury het erfdeel van Betty’s kinderen veilig gesteld. Van die kinderen is de laatste, Candia, in 2011 overleden. Daniela Hooghiemstra heeft haar nog uitvoerig kunnen spreken. Deze persoonlijke informatie heeft, evenals de onthullende archiefvondsten, bijgedragen aan een meeslepend portret van de wonderlijke Kees Boeke en diens nog altijd bestaande Werkplaats. Charismatische zonderling, dictator of allebei? De geschiedenis leert dat een combinatie op grotere schaal tot rampen kan leiden.