Epo besmette het hele wielrennen

Met de intrede van het wondermiddel epo, begin jaren negentig, werd de kiem gelegd voor de dopingcrisis waarin de wielersport nu verkeert.

Dat stellen zeventig (ex-)renners, artsen, ploegleiders, trainers en verzorgers die de afgelopen decennia actief waren in de (Nederlandse) wielersport in gesprekken met deze krant. Ze wijzen er op dat er de afgelopen 25 jaar niet één professionele ploeg was die niet werd geconfronteerd met dopingproblemen.

In december onthulde deze krant dat toprenners van de Raboploeg bloeddoping en epo gebruikten. Zij ondergingen verboden bloedtransfusies in Oostenrijk. Michael Boogerd, Thomas Dekker, Denis Mensjov en Michael Rasmussen behoorden tot de klantenkring van de veroordeelde dopinghandelaar Stefan Matschiner.

Na de rondgang langs zeventig betrokkenen in de wielerwereld dringt ook de conclusie zich op dat resultaat op korte termijn niet samengaat met integriteit; dat zeggen bijna alle geïnterviewden. Sponsors, publiek, media en ploegbazen eisen overwinningen, renners bezwijken onder de druk – en de verleidingen van de spuit. „Naar wie had ik de grootste verantwoordelijkheid, was mijn afweging”, zegt een ex-renner van Rabobank. „Naar het publiek, het wielrennen – of naar mijn gezin en het betalen van mijn hypotheek?”

Eddy Bouwmans, ex-renner bij Panasonic: „Ik heb in 1994 twee of drie keer epo gebruikt, anderhalve maand lang. Kleine beetjes. Ik won er geen koersen mee: eigenlijk had ik er vooral veel stress door.”

Het wielrennen raakte in een crisis door de affaire rond zevenvoudig Tourwinnaar Lance Armstrong. Vannacht (vanaf 3.00 op TLC) wordt een tv-interview uitgezonden dat de Amerikaan maandag had met Oprah Winfrey, over de dopingbeschuldigingen aan zijn adres. Volgens Amerikaanse media geeft hij in dat gesprek doping toe en zegt hij bereid te zijn te getuigen tegen bestuurders van de internationale wielerunie (UCI) die volgens hem betrokken zouden zijn geweest bij dopegebruik. Dat raakt onder meer oud-UCI-voorzitter Hein Verbruggen.