Iran op IFFR

Iran is geen onbekend filmland. In tegendeel. Een jaar of tien geleden domineerden Iraanse films de internationale filmfestivals, en vond het werk van regisseurs als Abbas Kiarostami en Jafar Panahi ook in de Nederlandse filmtheaters gretig aftrek.

De afgelopen twee jaar werd het nieuws over de Iraanse film bepaald door gevangenschap en beroepsverbod van Panahi (die prompt terugsloeg door vanuit huisarrest een film de wereld in te sturen die This is Not a Film heet) en de Oscar voor Beste Buitenlandse Film voor A Separation van Asghar Farhadi. Echt stil is het dus zeker niet rondom de Iraanse film. Maar schijn bedriegt. Ondertussen zorgen economische sancties van het Westen, scherpe censuurmaatregelen en een repressieve overheid voor grote problemen voor nieuwe generaties.

De bron dreigt op te drogen, signaleerde filmprogrammeur Gert-Jan Zuilhof, door zijn werk voor het IFFR ook betrokken bij het aan het festival gelieerde Hubert Bals Fonds dat films uit ontwikkelingslanden ondersteunt. Zuilhof trok naar Iran om uit te zoeken wat er aan de hand was.

Of het resultaat nu de storm voor de stilte is, of dat er zich de afgelopen jaren onzichtbaar voor westerse festivals en de censor een kleine filmrevolutie in Iran heeft afgespeeld: de oogst van het Inside Iran-programma is overweldigend.

Waar filmmakers zich steeds moeilijker kunnen uiten moeten ze op zoek naar andere manieren om hun doel te bereiken en het resultaat daarvan in de geselecteerde films is extreem, symbolisch, surrealistisch en onmiskenbaar politiek. Zeker in de selectie van korte films: schimmen blazen vergeefs kaarsen uit, een man schrijft een spiegelruit vol en ontneemt zo het zicht op de vrouw erachter, er rent een rode Godzilla door de straten van Teheran. Soms zijn het bijna propagandistische pamfletten, en het is niet allemaal meteen even makkelijk te duiden – waar verwijzen sommige beelden naar? Waar staat de maker? Maar al die verwarring wordt tenminste gesticht in een beeldtaal die vitaal is en eigenzinnig.

Dat een film als Fat Shaker van documentairemaker Mohammad Shirvani tot de Tiger-competitie werd gepromoveerd is volkomen terecht. Het is een vreemde, onheilspellende film over een manipulatieve vader-zoonrelatie, die je politiek kunt duiden of freudiaans, of gewoon met z’n eigen intuïtieve logica over je heen kunt laten komen.

Zo’n film moet ook wel ontsnappen aan de gebruikelijke interpretaties, want de ervaring heeft geleerd dat zo’n festivalfocus voor filmmakers niet alleen een veilige haven is om over hun werk te kunnen praten, maar ook een plek waar vertegenwoordigers van de regering hun oor te luisteren leggen. Dat maakt van de filmmaker een diplomaat aan de onderhandelingstafel van de kunst.

Dana Linssen

    • Dana Linssen