De ondernemingslust zit in een afvoerputje

Hoe erger de crisis, hoe kleiner de ondernemerszin. En dat is slecht nieuws, want juist bedrijven zorgen voor groei en nieuwe banen.

Dat was een zure mededeling voor de Europese Commissie afgelopen week. Uit eigen onderzoek bleek dat slechts 37 procent van de Europeanen – in theorie – eigen baas zou willen zijn, terwijl 58 procent bij voorkeur in loondienst werkt. In Nederland gaat het om respectievelijk 31 en 64 procent.

Een tegenvaller, want de Commissie probeert al een decennium meer Europeanen aan het ondernemen te krijgen. Als de recente peiling maatgevend is, slaagt dat dus niet goed. In 2009 was het animo van Europeanen om voor zichzelf te beginnen nog 45 procent.

Waar is de ondernemingslust gebleven? In hetzelfde afvoerputje waar zoveel goede zin sinds de economische crisis is terechtgekomen, meent de Europese Commissie. De daling zou komen door ‘het groeiend verlangen naar de zekerheid van een baan’ in deze onzekere tijden.

Logisch, maar niettemin een probleem voor de Commissie. Want op de achtergrond speelt een kwestie die door de New York Times omineus werd omschreven als het ‘existentiële probleem van Europa’: welke bedrijven gaan straks voor de banen zorgen?

Anders dan in de groeilanden van de wereld gonst het in Nederland en buurlanden niet van de ondernemingslust. Tegenover de 31 procent van de Hollanders die in theorie een bedrijfje wil beginnen, staan bijvoorbeeld 63 procent van de Brazilianen en 82 procent van de Turken.

Of zet Europa als kraamkamer voor entrepreneurs af tegen de VS, zoals de Brusselse denktank Bruegel deed: tussen 1950 en 2007 groeiden in Europa slechts twaalf nieuwe bedrijven uit tot spelers van wereldformaat. In Amerika kwamen in dezelfde tijd 52 ondernemingen tot soortgelijke wasdom.

De Europese Commissie hamerde er daarom bij de vorige week gepubliceerde cijfers nog maar eens op dat nieuwe bedrijven een ‘driving force for job creation, competitiveness and growth’ kunnen zijn.

Zoveel mogelijk Europeanen aan het ondernemen dus. En aangezien de meeste ondernemers nu man en jong zijn, werpt de Commissie de hengel uit in minder beviste vijvers. Ben je senior, vrouw, werkloos, gehandicapt of migrant? Dan wil de Europese Commissie jou.

Maar is dat het antwoord? Niet als je het aan de Kauffman Foundation vraagt, een organisatie die wereldwijd ondernemerschap probeert te stimuleren. Die schrijft dat kwantiteit niet Europa’s probleem is. Voldoende ‘cornerstores and hairdressers’ hier.

Waar veel meer behoefte aan is, zijn innovatieve bedrijfjes met de potentie om te groeien. Dat is goed nieuws in een economisch slechte tijd. Want de mensen achter zulke bedrijfjes beginnen niet zelden met een idee waarvan ze menen dat de wereld (een deel ervan in ieder geval) er kennis mee moet maken. Slechte tijd of niet.

En hoewel de crisis wel de algemene stemming beïnvloedt, decimeert die niet per se het aantal koppige mensen met ideeën. Dat zou je althans kunnen aflezen aan de Global Entrepreneurship Monitor, die probeert te registreren hoeveel er daadwerkelijk wordt ondernomen.

In 2008 bedroeg de early stage entrepreneurial activity in Nederland nog een sneue 5,2 procent. Maar warempel: in 2011 was de stand 8,2. Dwars door de crisis heen gegroeid.

    • Wouter Smilde