Het onmogelijke is nu politiek nodig

Illustratie Ruben L. Oppenheimer

Lodewijk Asscher heeft gelijk: nu is de tijd om te laten zien waar democratische politiek goed voor is. Dit kabinet staat in 2013 voor de bijna onmogelijke taak de verzorgingsstaat te verbouwen voor de lange termijn terwijl de voorgenomen bezuinigingen op korte termijn dwingen tot ingrepen die op sommige terreinen lijken op een opheffingsuitverkoop.

Straks als de eerste loonstrookjes van het nieuwe jaar zijn uitgepakt, worden de eerste maatregelen zichtbaar aan de keukentafel. Was de inkomensafhankelijke zorgpremie een geniale pr-stunt? Men is gewaarschuwd voor het ergste. Wat volgt valt dan een tijdje mee.

Totdat de overige maatregelen menens worden. Het regeerakkoord heeft miljarden aan bezuinigingen ingeboekt die snel invloed hebben op het dagelijks leven. Objectief gezien is hun kans van slagen niet groot. Verzet is snel georganiseerd. Niet tegen een duurdere borrel of sigaret, wel als automobilisten of woningbouwcorporaties zich melkkoe voelen. En vooral als de verzorgingsstaat zwaar moet bloeden.

Het kabinet zit met Dijsselbloem in de euro-cockpit extra vast aan de Europese 3 procentnorm voor het overheidstekort. Het heeft nauwelijks ruimte voor de economendiscussie over wat schadelijker is: meer of minder bezuinigen. De allesreiniger van economische groei ontbreekt ten enen male.

De meest acute pijn zit bij chronische AWBZ-zorg die aanzienlijk wordt gekort. Onderzoeksbureau Nyfer berekende dat 1,5 miljoen ouderen met een chronische aandoening die afhankelijk zijn van hun AOW-uitkering extra financiële klappen krijgen. Die redden het nu met mantel- en thuiszorg net. Zij kunnen dit jaar al hun recht op persoonlijke verzorging, dagbesteding en huishoudelijke hulp kwijtraken.

Moeten zij aankloppen bij veel duurdere zorg in een instelling? Bedoelt staatssecretaris Van Rijn dat hardwerkende tweeverdieners met hulpbehoeftige ouders door de week met hun ouders gaan mahjongen, na het verschonen van moeder en de lakens? Individualisering? Glazen plafond doorbreken, met duurdere kinderopvang?

Langdurige zorg wordt, met een sterk gekort budget, overgeheveld naar de gemeenten. Daar veranderen rechten in verzoeken, behandeld volgens lokaal beleid. Ook de jeugdzorg wordt bij de gemeente geparkeerd. Het lijken paniekverbouwingen – eerst bezuinigen, straks denken.

Juist nu de werkloosheid oploopt wordt de WW aanzienlijk gekort. Sommige pensioenfondsen zullen ook voor 2014 verlagingen moeten aankondigen. De AOW-leeftijd wordt geleidelijk verhoogd.

De ongekende optelsom van lastenverzwaringen én krimpende rechten voedt een venijnig soort wantrouwen. Het kabinet-Rutte kan de komende maanden rekenen op uitslaande vertrouwensbrandjes. Ministers moeten effectief lijken terwijl zij de rijksoverheid blijven slopen. Het temmen van enige duizenden topverdieners in de publieke sector is een kwestie van preventief blussen. De echte opgave is stappen te zetten naar een effectieve en betrouwbare overheid die leert luisteren.

Politiek doet alles pijn. VVD en PvdA zijn bijna gehalveerd in de peilingen. Hun resterende achterban moet niets hebben van de coalitiepartner. Dat maakt de noodzaak van het alsnog ontwikkelen van een verbindend verhaal des te groter.

Bezuinigen voor een abstracte tekortnorm levert weinig draagvlak op. Alle ministers zullen moeten weven aan dat wervend achterdoek. Alleen met inspiratie en voorspelbaarheid komen de verloren kiezers van 12 september terug. Met hun hart, hun hoofd en daarna hun portemonnee.

Onderdeel van zo’n overtuigingsoffensief zal ook de terugkeer van Nederland in de internationale arena moeten zijn. De aanwijzing van Jeroen Dijsselbloem als voorzitter van de eurogroep zou een persoonlijke prestatie zijn en een opsteker voor het nieuwe kabinet. Het voordeel van toegenomen invloed en de kans op een zichtbaar constructieve rol is groter dan het nadeel gebonden te zijn aan de tekortnorm – dat was Nederland toch al.

Alleen een meer dan louter financiële visie en voelbare overtuigingskracht kunnen Rutte-II door de winter helpen. Verwijzen naar het regeerakkoord en andere voldongen feiten zal niet genoeg zijn. Politiek moet ontroeren.