Cultureel leven zal verschralen

Na Sotheby’s vermindert ook veilinghuis Christie’ drastisch de activiteiten in Nederland. „Een eeuwenoude cultuur dreigt verloren te gaan.”

Een enorme verschraling van het cultureel leven. Zo moeten de plannen van Christie’s om in Nederland nog maar zeven schilderijenveilingen per jaar te organiseren worden uitgelegd.

Nog niet zo lang geleden bloeide de verkoop van kunst en antiek in Amsterdam. Voor de twee grootste veilinghuizen ter wereld, Sotheby’s en Christie’s, was Amsterdam na Londen en Parijs het belangrijkste afzetgebied in Europa. Samen organiseerden ze zo’n dertig tot veertig veilingen per jaar: gespecialiseerde verkopen met antiek, zilver, porselein, etnografica, fotografie, juwelen, wijn en uiteraard schilderkunst, van oude meesters tot eigentijdse kunst.

Dankzij de expertise en de marketing- en pr-slagkracht van deze kunstmultinationals, die samen in Amsterdam zo’n 180 werknemers hadden en indien nodig vanuit Londen extra kennis konden invliegen, vonden Sotheby’s en Christie’s over de hele wereld klanten voor de aangeboden kunst. „En aanbod creëert vraag”, zegt art consultant Johan Bosch van Rosenthal. „Op kijkdagen wordt begeerte gewekt. Beide deden ook hun best jonge generaties te stimuleren. Dat kunnen de kleine veilinghuizen niet. Een eeuwenoude cultuur dreigt nu verloren te gaan.”

Toen de prijzen van vooral moderne kunst omhoog schoten en de verkoop in New York van één Bacon of Rothko hoger werd dan de jaaromzet van Sotheby’s Nederland, besloot dat veilinghuis in 2009 tot een drastische sanering in Amsterdam. Geen twaalf maar nog slechts twee veilingen per jaar en het merendeel van het personeel werd ontslagen. „Nederland is geen kopersland”, motiveerde directeur Mark Grol destijds de beslissing. Niet lang daarna stopte Sotheby’s zelfs helemaal met veilen in Amsterdam en bleef alleen een innamekantoor over. Grol nu: „We besloten alleen nog daar te veilen waar de klanten zitten: Londen, New York, Hongkong.” Kopers voor Nederlandse kunstenaars wier werk voor meer dan 50.000 euro wordt verkocht, zijn volgens Grol zeker bereid naar een veiling in Parijs of Londen te gaan.

Christie’s heeft dus besloten om zich op de bovenkant van de markt te richten. In Amsterdam zullen alleen nog schilderijen worden geveild, en te verwachten is dat de limiet behoorlijk opgeschroefd zal worden. Particulieren die hun zilver, antiek, juwelen en andere kostbaarheden willen verkopen, zijn voortaan aangewezen op lokale veilinghuizen.

Particulieren lopen daardoor een aanzienlijk risico. Wie zijn zilver en antiek bij een lokaal veilinghuis aanbiedt, loopt de kans dat zijn kostbaarheden een half jaar later voor een veelvoud in Parijs of New York nogmaals worden verkocht. Kleine veilinghuizen weten immers veel minder publiciteit te genereren. Handelaren zouden dus weleens kunnen profiteren van deze ontwikkeling.

Is de voorgenomen sanering net als eerder bij Sotheby’s het begin van het einde? Christie’s ontkent het, maar kunstmarktdeskundigen zijn er niet gerust op. Bosch van Rosenthal: „Een belangrijk verschil is dat Christie’s op minder hoge kosten zit. Het pand in de Cornelis Schuytstraat is eigendom van het veilinghuis. Maar het zou me niet verbazen als ze straks helemaal stoppen.”

Misschien een kans voor Bonhams. Dit derde Britse veilinghuis heeft al een innamekantoor in Amsterdam.