Aantal schoolverlaters gedaald - 36.250 leerlingen van school zonder diploma

Staatssecretaris Dekker is “verheugd” dat het aantal middelbare scholieren dat zonder diploma van school gaat verder is gezakt, naar minder dan een procent. Foto ANP / Koen Suyk

Het aantal jongeren dat zonder diploma stopt met school is het afgelopen jaar weer gedaald. In het schooljaar 2011/2012 verlieten 36.250 leerlingen in het voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs hun opleiding voordat ze die hadden afgemaakt. Dat is 2,7 procent van de totale populatie van 1,3 miljoen leerlingen.

Het aantal schoolverlaters daalde met 2.350 ten opzichte van het schooljaar ervoor. Het kabinet streeft naar maximaal 25.000 voortijdig schoolverlaters in 2014/2015. Dat aantal wordt net niet bereikt als de uitval in hetzelfde tempo wordt teruggebracht als de laatste vijf jaar.

Bussemaker en Dekker tevreden

Minister Bussemaker (PvdA) en staatssecretaris Dekker (VVD) van Onderwijs maken de cijfers vandaag bekend. Dekker is “verheugd”, zegt hij, dat het aantal middelbare scholieren dat zonder diploma van school gaat verder is gezakt, naar minder dan een procent. Tevredenheid is er ook over het feit dat de daling extra doorzet onder allochtone jongeren en onder jongeren uit achterstandswijken.

In het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) ligt het percentage leerlingen dat zonder diploma de school verlaat voor het eerst onder de 7 procent. In een reactie zegt Bussemaker dat scholen en gemeenten “een compliment verdienen voor dit mooie resultaat”. Bussemaker:

“Natuurlijk is elke jongere die zonder diploma de school verlaat er één te veel, maar dit laat zien dat door een stevige gezamenlijke aanpak echt winst te boeken is.”

Extra aandacht voor doorstroom vanuit voortgezet onderwijs

Om het aantal voortijdig schoolverlaters verder terug te dringen, wil het kabinet de komende jaren extra aandacht besteden aan de doorstroom vanuit het voortgezet onderwijs. Door leerlingen beter voor te lichten over welke opleiding goed bij hen past, moet de schooluitval bij de vervolgopleiding verder naar beneden worden gebracht.

Minister Bussemaker roept het bedrijfsleven op ervoor te zorgen dat er voldoende stageplaatsen zijn voor mbo-leerlingen die de beroepsbegeleidende leerweg volgen, het zogenoemde ‘werkend leren’. De schooluitval onder deze groep is hoger dan bij leerlingen die de meer theoretische vorm van mbo volgen.