Oorlog in Europa's achtertuin

Vriend en vijand vinden dat François Hollande gelijk heeft om in te grijpen in Mali. Hoe een besluiteloze socialist oorlogspresident werd.

A French pilot in the cockpit of a Mirage 2000D fighter plane gets ready for take-off from N'Djamena, Chad in this photo released by the French Army Communications Audiovisual office (ECPAD) on January 12, 2013.French forces carried out a second day of air strikes against Islamist rebels in Mali on Saturday and sent troops to protect the capital Bamako in an operation involving several hundred soldiers, Defence Minister Jean-Yves Le Drian said. REUTERS/ECPAD/Adj. Nicolas Richard/Handout (CHAD - Tags: POLITICS MILITARY) NO SALES. NO ARCHIVES. ATTENTION EDITORS - THIS IMAGE WAS PROVIDED BY A THIRD PARTY. FOR EDITORIAL USE ONLY. NOT FOR SALE FOR MARKETING OR ADVERTISING CAMPAIGNS. THIS PICTURE IS DISTRIBUTED EXACTLY AS RECEIVED BY REUTERS, AS A SERVICE TO CLIENTS REUTERS

Correspondent Frankrijk

François Hollande, oorlogspresident: wie had dat gedacht? De volgens velen „besluiteloze” socialist, die zijn populariteit de laatste maanden rap zag kelderen, krijgt na onverwacht daadkrachtig optreden plots steun van vriend en vijand in wat de Franse regering een „strijd tegen het terrorisme” noemt, die „zo lang als nodig” kan duren. Franse kranten spreken van een „keerpunt” in zijn presidentschap.

Toen Hollande vrijdagochtend de eerste luchtaanvallen in Mali liet uitvoeren, restte hem weinig andere keus. Sinds zijn aantreden tot president, vorig jaar mei, had hij geprobeerd een Afrikaanse VN-missie op touw te zetten om het Malinese leger te helpen in de strijd tegen de moslimextremisten die vorig jaar het noorden van Mali innamen. Terwijl die operatie op zich liet wachten, maakten zij vorige week aanstalten om de rest van het land te veroveren.

En dat wil Frankrijk tegen elke prijs voorkomen. Niet alleen omdat er 6.000 Franse staatsburgers in Mali wonen. Of omdat tenminste zeven Fransen door radicale moslimstrijders in het land in gijzeling worden gehouden – Hollande zet hun veiligheid nu zelfs op het spel. En ook niet omdat het Franse bedrijfsleven grote zakelijke belangen in de voormalige kolonie en de omliggende landen heeft.

Operatie ‘Serval’, genoemd naar een woestijnkat uit de regio, is in de eerste plaats begonnen omdat Parijs oprecht vreest dat de val van Mali niet alleen de regio kan stabiliseren, maar „zelfs voor Europa” een gevaar is. Mali ligt in Europa’s achtertuin: het is maar vijf uur vliegen van hoofdstad Bamako naar Parijs. Het land is sterk op Frankrijk gericht en rond Parijs woont een forse Malinese gemeenschap van naar schatting ongeveer 80.000 mensen.

Juist een week geleden waarschuwde een hoge Franse onderzoeksrechter die zich bezighoudt met terrorismebestrijding voor het risico op aanslagen in Frankrijk door de toen al precaire situatie in Mali. „Zwarte Franse moslims” uit Mali en andere landen in West-Afrika „die lijden onder latent racisme van ‘arabieren’ hebben voor het eerst hun eigen jihad gevonden”, zei Marc Trevidic in Le Journal du Dimanche.

Verschillende Franse staatsburgers, „vaak met dubbele nationaliteit”, zouden volgens hem naar de Sahel-regio zijn afgereisd om zich te laten trainen voor de heilige oorlog. Vorig jaar werd Frankrijk opgeschrikt door aanslagen op joodse kinderen in Toulouse door de in Afghanistan getrainde Mohammed Merah. Het land kan, in de woorden van buitenlandminister Laurent Fabius, in dit deel van Afrika geen „Sahelistan” gebruiken.

Meteen na de eerste bombardementen in Mali werd de beveiliging van Franse overheidsgebouwen en publieke ruimtes fors opgevoerd. Risiconiveau ‘rood’ is van kracht, wat staat voor een ‘zeer waarschijnlijke kans op bedreiging’. Militairen patrouilleren nu onder andere permanent op vliegvelden.

Dat was eerder ook al het geval: toen Nicolas Sarkozy in 2011 het Navo-initiatief nam om de rebellen in Libië in hun strijd tegen Moammar Gaddafi bij te staan. Maar terwijl Sarkozy destijds veel Afrikaanse leiders en de Afrikaanse Unie tegenover zich vond, heeft Hollande brede steun voor zijn acties. Er is een Veiligheidsraadresolutie die het Franse optreden legitimeert en alle leiders uit de regio, het strikt islamitische Mauretanië daargelaten, staan aan zijn zijde. Net voor hij gisteren weer zijn oorlogskabinet bijeenriep, ontving hij gisteren op het Elysée vertegenwoordigers van de Malinese gemeenschap in Frankrijk, die de Franse interventie van harte toejuicht.

Dat is voor Hollande van groot belang. Hij wilde bij zijn aantreden een eind maken aan de aloude reflex om de Frankrijk goed gezinde leiders van ‘Françafrique’, zoals de schimmige Franse invloedssfeer in West-Afrika vaak licht spottend genoemd wordt, aan de macht te houden. „Françafrique is afgelopen”, zei Hollande in oktober in de Senegalese hoofdstad Dakar in een toespraak waarin hij Afrika met zoveel woorden opriep zijn eigen boontjes te doppen. „De tijd is voorbij dat we een regime beschermen”, antwoordde Hollande vorige maand toen de Centraal Afrikaanse Republiek hem vroeg om steun tegen een rebellenopstand.

Mali was duidelijk een ander geval. En dat lijkt de Franse politiek, van links tot rechts, met met Hollande eens. De „24 uur die het presidentschap veranderden”, twitterde de socialistische senator André Vallini gisteren uitgelaten. „Eindelijk president!” vatte diezelfde Journal du Dimanche de gevoelens over het daadkrachtige internationale optreden van Hollande samen.

Hollande staat onder druk door stijgende werkloosheid, kritiek op een nieuw toptarief voor de belastingen en massaal protest tegen zijn plannen om het huwelijk open te stellen voor homostellen, maar de interventie in Mali „haalt de druk van de ketel”, schreef de krant. „Men zegt dat hij een besluitenloze man is”, zei een adviseur van de regering tegen Le Monde. „Op dit thema heeft hij totale vastberadenheid getoond. Als je hem ziet werken aan dit dossier, zelfverzekerd en openlijk, dan heb je een leider.”