Kramer superieur, maar Noor en Belg in aantocht

De Noorse belofte Sverre Lunde Pedersen (vierde) en de verrassende Belg Bart Swings (vijfde) reden een sterk EK. Maar hoe versla je Sven Kramer?

Ja, natuurlijk er is altijd weer „die ene”. Sverre Lunde Pedersen (20) lacht. Als eerstejaars senior werd de Noor gisteren in Thialf vierde op de EK. Een snel schema naar de top. Maar kan hij ooit winnen van Kramer? „Indrukwekkend om te zien hoe hij altijd op z’n best is in belangrijke wedstrijden.” Ook de Belg Bart Swings (21) – vijfde en winnaar van brons op de tien kilometer – prijst Kramer, die met zijn zesde Europese titel het record van Rintje Ritsma evenaarde. „Op vijf en tien kilometer is Sven enorm sterk”, zegt Swings.

Eindeloos is de rij schaatsers van wie Kramer (26) de motivatie heeft weggenomen om ooit nog de beste allrounder ter wereld te worden. Toen de Fries opkwam, hadden de Amerikanen Chad Hedrick en Shani Davis net afgerekend met jarenlange Nederlandse hegemonie. Vanaf 2007 zagen ze Kramer steeds verder wegrijden. Hedrick stopte drie jaar later, Davis gaf het allrounden op en richt zich op de middenafstand.

Enrico Fabris kwam bij de EK 2007 één keer in de buurt maar zag daarna hooguit de rug van Kramer. Håvard Bøkko merkte bij de WK van 2009 dat zelfs zijn beste niveau niet goed genoeg was om te winnen. Zijn stijgende lijn knakte, in Thialf werd hij met bijna een punt achterstand derde. Ivan Skobrev, winnaar van de EK en WK in het Kramerloze 2011, eindigde kansloos als zesde.

„Nee, Kramer neemt de motivatie niet weg bij mij”, zegt Pedersen stellig. De tweevoudig wereldkampioen bij de junioren put vooral moed uit de vijf kilometer tegen Jan Blokhuijsen. Vooraf hield hij rekening met een oorwassing door de ploeggenoot van Kramer, die bij dit EK niet zijn topniveau van het afgelopen NK haalde en als tweede eindigde. Maar Pedersen versnelde aan het einde van de race en eindigde vlak achter Blokhuijsen. Een dag later bleek hij op de 1.500 meter zoveel beter hersteld dat hij zelfs ruim sneller was de twee TVM-schaatsers. „Door dit EK ben ik op en top gemotiveerd om nog harder te werken de komende jaren. En straks de WK in eigen huis [16 en 17 februari in Hamar], daar kijk ik echt naar uit.”

Ook Swings gelooft na zijn succesvolle EK des te meer dat hij ooit kan winnen van Kramer, die sinds 2007 elk allroundtoernooi won waaraan hij deelnam. „Ik zie het gat zeker niet als onoverbrugbaar. Ik ben pas twee jaar bezig met schaatsen op hoog niveau, dus ik moet nog wel een hoop kunnen doen in de komende jaren. Op de 1.500 meter rijd ik de laatste ronde het snelste van het pak [27,8 seconde], dat kan ik doen omdat ik ook een goede 5.000 meter rijd. Ik zie het zeker zitten om het gat te overbruggen.”

Natuurlijk hebben de buitenlandse revelaties van het EK veel respect voor Kramer. Zie diens versnelling van 30,8 naar 29,1 seconde aan het eind van de tien kilometer. Of hoe hij als eerste van de favorieten op de vijf kilometer zeven seconden harder rijdt dan de rest na hem. „Een ongelofelijk goede schaatser”, zegt Pedersen. „Mijn ambitie is om zelf de beste te worden. Dus zal ik hem waarschijnlijk ooit moeten verslaan. Maar ik heb nog veel jaren te gaan. Met nog meer training moet het lukken.”

Swings, eerder dit seizoen al tweede op de 1.500 bij de wereldbeker, constateert bij zijn derde EK dat hij snel dichterbij komt. „Het gat leek heel groot, vorig jaar was het meestal vijftien seconden op de vijf kilometer. Nu zijn het er zeven, nog altijd veel. Maar Sven zegt dat hij zijn olympische vorm nadert, dan valt het wel mee. En op de 1.500 meter heb ik hem nu geklopt. Op de lange termijn moet ik het op de vijf kilometer ook kunnen. En Sven wordt ook nog altijd beter.”

Het verschil tussen de top naderen en aan de top staan kennen beide schaatsers uit eigen ervaring. Swings is achtvoudig wereldkampioen skeeleren. Pedersen won bij de junioren jarenlang alles. „Hier in Thialf heeft hij vijf jaar meegedaan aan de Vikingrace”, vertelt zijn vader Jarle Pedersen, al drie jaar coach van de Noorse nationale ploeg. „Altijd won hij alle afstanden.” Ook bij zijn tweede wereldtitel junioren won de Noor vorig jaar met Eric Heiden-achtige voorsprong van 3,5 punt op nummer twee Thomas Krol.

„Een zeer efficiënte schaatser”, noemt Kramer zijn nieuwe Noorse rivaal. Op zijn zestiende debuteerde Pedersen al onder toenmalig bondscoach Peter Mueller op de ploegachtervolging bij de senioren. „Ik ben constant stappen blijven maken, steeds meer gaan trainen. Nu krijg ik uitbetaald voor mijn harde werken.” Sinds dit seizoen krijgt hij binnen de Noorse ploeg hulp van de ervaren Bøkko, die terugkeerde na een jaar bij het commerciële CBA van Mueller. „Het niveau van mijn trainingen ligt een stuk hoger nu.”

Stilist Pedersen zoekt vooral verbetering in nog harder werken, werkpaard Swings kijkt met hulp van onder meer Bart Veldkamp naar zijn schaatstechniek. Volgend jaar mikken beiden vanwege de Spelen in Sotsji op de individuele afstanden. Swings ziet de allroundtoernooien daarna als tussendoel op weg naar de Spelen van 2018. „Daar wil ik een vaste waarde zijn in de top.”

Pedersen richt zich nadrukkelijk op het allrounden. „In de volgende olympische cyclus wil ik de beste allrounder ter wereld worden.” Kramer is gewaarschuwd.

    • Maarten Scholten
    • Rob Schoof