De banen van Verhagen

Het is toe te juichen dat voormalig minister Maxime Verhagen (CDA) drie deeltijdbanen heeft aanvaard, maar er is ook ruimte voor een vraagteken.

Verhagen (56) was in de periode 2007-2012 respectievelijk minister van Buitenlandse Zaken en minister van Economische Zaken. Al sinds 1984 verdiende hij zijn brood voornamelijk met politieke functies, onder meer als Kamerlid.

Nu is hij overgestapt naar het bedrijfsleven. Terwijl hij recht had om gedurende de maximale termijn het wachtgeld te ontvangen: drie jaar en twee maanden.

In algemene zin is het toe te juichen dat politici niet of niet volledig gebruikmaken van het wachtgeld. Zoals het ook positief is als politici overstappen naar het bedrijfsleven, als ze op die manier de kloof tussen beide kleiner helpen maken. De omgekeerde weg wordt in Nederland helaas nog weinig bewandeld.

Onder anderen oud-premier Jan-Peter Balkenende en de oud-ministers van Financiën Gerrit Zalm en Wouter Bos gingen Verhagen voor. Terwijl bijvoorbeeld Shell Nederland oud-staatssecretaris Dick Benschop als president-directeur heeft.

Maar de functies die Verhagen heeft aanvaard, doen eerder denken aan de handelwijze van twee partijgenoten van hem, ex-minister Camiel Eurlings en ex-staatssecretaris Jack de Vries. Eurlings was net minister van Verkeer af, toen hij een topfunctie bij Air France/KLM ging bekleden. De Vries werd directeur van het het communicatiebureau Hill & Knowlton. Als staatssecretaris van Defensie had hij daarmee volop te maken, omdat dit in de discussies over de JSF de belangen van de Nederlandse luchtvaartindustrie behartigt.

Verhagen is deze maand adviseur geworden van de VDL Groep, commissaris bij Chemelot Campus en adviseur van de provincie Limburg. VDL nam autofabriek NedCar over. Bij de redding van dit bedrijf en dus van werkgelegenheid in Limburg heeft Verhagen als minister van Economische Zaken een sleutelrol gespeeld. Hij gaat nu aan dezelfde tafel een andere rol vervullen. Dat dit de schijn oproept van belangenverstrengeling is volgens Verhagen zelf „volkomen belachelijk”, zoals hij dit weekend in deze krant zei. Maar hoezeer Verhagen zelf ook overtuigd is van zijn integriteit, daarmee heeft hij de schijn van het tegenovergestelde niet weggenomen. Het ware beter geweest als er voor politici een verplichte wachtperiode zou zijn, alvorens op hetzelfde terrein een baan kan worden aanvaard.

Nederland kent sinds 2009 een code voor goed openbaar bestuur. Maar over de vraag wat (on)gepaste functies zijn voor politieke bestuurders kort na hun vertrek, is niets geregeld. Anders dan in verschillende landen. Laat Nederland dit voorbeeld volgen.