Uitdagen, roepen, vechten en dan lachen

Igor van Gelderen was erbij toen grensrechter Richard Nieuwenhuizen werd mishandeld. Dit is wat hij zag op die middag. „Nog een fijne zondag.”

De tweede helft van Buitenboys B3 – Nieuw Sloten B1 is een paar minuten bezig als Igor van Gelderen tegen een lid van de jeugdcommissie zegt: „Deze wedstrijd moeten we staken, dit gaat nergens over.” Van Gelderen, hoofd jeugdopleidingen bij Buitenboys in Almere, is net aan komen lopen bij het veld en hij ziet dat het elftal van de tegenstander uit Amsterdam opvliegt bij elke beslissing van de scheidsrechter. Hij ziet dat ze expres tegen spelers van Buitenboys opbotsen. Eventjes op hun voeten gaan staan. Duwtjes geven. Geen zware overtredingen, maar de hele tijd uitdagen. „Wacht even”, zegt de man naast hem, „kijk, ze zitten vooral op elkáár te vitten.”

„Dat”, zegt Igor van Gelderen achteraf, „was het eerste moment dat ik wat had kunnen veranderen aan de loop der dingen.” Die loop zou leiden tot de mishandeling van grensrechter Richard Nieuwenhuizen door de Amsterdamse voetballers. Een dag later stierf hij.

Als de scheidsrechter de wedstrijd korte tijd stillegt en de aanvoerders bij zich roept om de gemoederen te bedaren, gaat een speler van Nieuw Sloten uit zijn plaat, zegt Van Gelderen. Hij ziet een van de Amsterdamse toeschouwers het veld inlopen om de jongen van het veld te dirigeren. De jongen gehoorzaamt niet. De wedstrijd gaat verder. Meegereisde ouders proberen de jongens van Nieuw Sloten te kalmeren. Hun trainer heeft geen overwicht op de spelers, vindt Van Gelderen.

Richard Nieuwenhuizen, vader van een Buitenboys-speler, vlagt op de helft van Buitenboys. Van Gelderen, die hem goed kent, merkt niets van enige spanning tussen Nieuw Sloten en de grensrechter. Tot Nieuwenhuizen uitglijdt. Meteen scoort Nieuw Sloten en zeven of acht jongens rennen naar de hinkende grensrechter toe en roepen iets naar hem. Nieuwenhuizen reageert. Van Gelderen kan de woorden niet horen.

Als de wedstrijd voorbij is, lopen de grensrechters naar de middenstip. De trainers geven elkaar een hand. Een groepje van drie spelers van Nieuw Sloten vliegt op Nieuwenhuizen af en geeft hem een paar klappen. Volgens de advocaat van een van de verdachten hebben getuigen verklaard dat Nieuwenhuizen hen zelf ook heeft uitgedaagd. „Sla me dan, één tik is genoeg”, zou hij hebben gezegd.

Van Gelderen springt tussen de jongens en Nieuwenhuizen in en sust de gemoederen. „Dat was het tweede moment”, zegt hij. Als hij Nieuwenhuizen toen een arm om de schouders had geslagen en mee naar binnen had genomen.

Maar hij staat met zijn gezicht naar de drie boze jongens toe en merkt niet dat achter hem weer andere spelers op Nieuwenhuizen afstormen. Hij weet wel dat de grensrechter moet zijn weggerend, want enkele seconden later ziet hij in zijn ooghoek dat Nieuwenhuizen op de grond ligt met een paar jongens om hem heen. Hij hoort later dat een speler van Nieuw Sloten de grensrechter heeft getackeld zodat die struikelt en zijn schoen verliest. Die jongen is daarop over een hekje gesprongen en de wijk in gerend. Als hij even later terugkomt op het terrein, heeft hij een grote stok in zijn handen.

Op het veld is Van Gelderen met veel lawaai op het kluitje afgerend, waar Nieuwenhuizen op de grond ligt, net als de keeper van Buitenboys. De zoon van Nieuwenhuizen staat over zijn vader heen. Van Gelderen ziet hoe een speler van Nieuw Sloten de grensrechter tegen het hoofd trapt. Hij schreeuwt en terwijl de jongen wegrent, kijkt hij recht in het gezicht van Van Gelderen. Hij herkent een van de grote ruziezoekers van de wedstrijd. Vraag hem niet hoe die eruit zag, dat wil hij niet vertellen. Hij heeft de jongen op de foto aangewezen toen de politie Van Gelderen diezelfde nacht kwam verhoren. Hij wil alleen wel zeggen dat hij niet denkt dat dit een Marokkanenprobleem is. En dat hij tegen de jongen riep: jij voetbalt nooit weer!

Hij helpt op het veld de grensrechter overeind. De capuchon is van zijn jas gescheurd. Hij zegt: het gaat wel. Nieuwenhuizen wil geen aangifte doen, zegt hij tegen Van Gelderen, hij houdt niet van dat gedoe. Hij gaat met zijn zoon naar huis. Die middag zal hij nog terugkomen om naar een andere wedstrijd te kijken. Daar zakt hij in elkaar. Maar dat zal pas rond drie uur gebeuren.

Direct na de gebeurtenissen gaat Igor van Gelderen voor de zekerheid op de parkeerplaats staan. Hij is een grote man en hij vindt het verstandig om een oogje in het zeil te houden. Dat onze auto’s heel blijven, denkt-ie.

Daar komen de spelers van Nieuw Sloten de kleedkamer uit en ze lopen naar de auto’s. Ouders en begeleiders om hen heen. Hoe ze zich gedragen, dat voelt Van Gelderen in zijn maag. Ze lachen. Ze zuigen. Ze spotten. Allemaal. Deze jongens hebben net een volwassen man getrapt die op de grond lag. En als ze langs Van Gelderen lopen en hem herkennen, zeggen ze grinnikend: „Nog een fijne zondag.”

    • Yasmina Aboutaleb
    • Bas Blokker