Homohuwelijken wereldwijd sterk in opkomst

Vooral in Latijns-Amerika is de populariteit van het homohuwelijk gegroeid. De reden: meer welvaart en de slinkende macht van de kerk. In Afrika zijn homo’s steeds slechter af.

Wat begon met een uitzonderlijke huwelijksvoltrekking in de Amsterdamse Stopera door burgemeester Job Cohen is uitgegroeid tot een wereldwijde trend.

Het homohuwelijk, een Nederlandse primeur in april 2001, is nu legaal in twaalf landen en in negen Amerikaanse staten. En de trend zet door. De linkse Franse regering en de conservatief-liberale Britse coalitie willen nu precies hetzelfde als Paars destijds in Nederland: openstelling van het burgerlijk huwelijk voor paren van hetzelfde geslacht.

In de VS worden de staten Illinois en Rhode Island dit jaar waarschijnlijk de tiende en elfde staat. In het voorjaar stemt het parlement van Nieuw-Zeeland over openstelling van het huwelijk voor homostellen. In Uruguay buigt de Senaat zich dit jaar over het homohuwelijk na goedkeuring door het parlement. En in Taiwan dient maandag een rechtszaak die is aangespannen door twee mannen die hun privé gesloten huwelijk wettelijk erkend willen zien.

Het meest spectaculair is de groeiende populariteit van het homohuwelijk in Latijns-Amerika. Homostellen kunnen huwen in Argentinië sinds 2010 en in Mexico-Stad sinds 2009. Het zijn vaak rechters die doorbraken forceren, net als in de VS. In Colombia heeft het Hooggerechtshof het parlement opgedragen het homohuwelijk te legaliseren. In Brazilië keurden rechters individuele homohuwelijken goed.

De Duitse politicoloog Christian Welzel ziet de opmars van het homohuwelijk als deel van een „culturele verschuiving” die zichtbaar is in ontwikkelde landen en ook toenemend in opkomende landen. Welzel is betrokken bij de World Values Survey, een internationaal onderzoek over waarden van burgers. Hij ziet daarin een snel gegroeide maatschappelijke acceptatie van homoseksualiteit.

„Door de enorme welvaartsgroei van de afgelopen decennia ligt bij jongere generaties de nadruk niet meer bij overleven, maar bij zelfexpressie. Tolerantie voor andere levensvormen hoort daarbij”, zegt Welzel, verbonden aan de universiteit van Lüneburg, telefonisch. Door democratisering kan de liberale mentaliteit van burgers ook tot politiek en rechters doordringen.

Peilingen in onder meer de VS en Nieuw-Zeeland laten enorme verschillen zien in steun voor het homohuwelijk tussen jonge en oude generaties. Een grote rol speelt het tanende gezag van de kerk die het trouwen door homo’s afwijst. Landen als Polen en Italië, waar de rol van de kerk sterk is, kennen noch homohuwelijk noch geregistreerd partnerschap.

Voortgaande urbanisatie is ook een factor. „Dit betekent doorgaans meer bekendheid en begrip voor andere levensstijlen”, zegt Welzel. Het verband is zichtbaar in de VS, waar de minst verstedelijkte staten in het Midwesten en in het Zuiden geen homohuwelijk kennen.

In Azië, Afrika, het Midden-Oosten en Oost-Europa stuit de ‘culturele verschuiving’ duidelijk op grenzen, of roept zelfs tegenreacties op.

De Vietnamese regering begon vorig jaar weliswaar een onderzoek naar invoering van het homohuwelijk, maar onder de bevolking bestaat nauwelijks steun. Het meest vooruitstrevende land in Azië is Taiwan, waar onlangs bij een Gay Pride werd betoogd voor het homohuwelijk.

Op basis van de progressieve, door ANC-activisten geschreven grondwet voerde Zuid-Afrika in 2006 het homohuwelijk in, maar het land is een buitenbeentje op het continent. In Kameroen, Oeganda en Nigeria willen politici homorelaties juist nog strenger bestraffen. Politici daar worden gevoed door conservatieve Amerikaanse dominees die tekeer gaan tegen homoseksualiteit.

Ook in Oost-Europa vertoont de situatie van homo’s juist tekenen van achteruitgang. In Sint-Petersburg werd vorig jaar een wet tegen homo-‘propaganda’ van kracht. Russische, maar ook Moldavische politici willen zo’n wet nu nationaal invoeren.

    • Mark Beunderman