Blij met John Kerry

De onverholen enthousiaste felicitaties aan de nieuwe Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry lieten geen ruimte voor misverstanden. China is opgelucht dat Hillary Clinton het State Departement verlaat om bij te komen van jarenlange uitputtingsslagen. Hopelijk zal de diplomatieke wijsheid van Kerry leiden tot een nieuwe type Amerikaans-Chinese relaties, zo reageerde het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken op Kerry’s voordracht.

De complimenteuze artikelen over Kerry in de Chinese media waarin zijn „evenwichtige analyses van de belangrijkste bilaterale relatie in de wereld” en zijn minder agressieve benadering worden geprezen, maken duidelijk dat Clinton niet gemist zal worden. De Chinese opluchting verrast niet echt.

Sinds de Amerikaans-Chinese confrontatie over de blinde activist die vorig jaar naar de Amerikaanse ambassade in Beijing was gevlucht, was Clinton nauwelijks meer on speaking terms met haar Chinese tegenhangers. De afkoeling van de aanvankelijk amicale relatie met Clinton dateert van eerdere datum en heeft alles te maken met de strategische beslissing van president Obama om een ‘draai naar Azië’ te maken.

Sinds hij duidelijk maakte dat de VS de leidende macht was en zal blijven in het gebied van de Stille Oceaan staan de Amerikaans-Chinese diplomatieke relaties onder druk. Ook Clintons openlijke verzet tegen Chinese claims in de Zuid-Chinese Zee wekte in Beijing ergernis.

Het komt er, kort samengevat, op neer dat in Chinese ogen Clinton een van de architecten is van een strategie die erop is gericht de opmars van China als een grootmacht in de ‘Pacific’ af te remmen. Of in Beijing echt niet begrepen wordt dat deze strategie breed gedragen wordt in het Amerikaanse Congres, ook door Kerry, is onduidelijk. Feit is dat officiële woordvoerders en aan de partij verbonden commentatoren hopen op een koerswending.

Het is denkbaar dat Kerry er beter in slaagt dan Clinton om de nieuwe Chinese leiders ervan te overtuigen dat de VS alle belang hebben bij vrij toegankelijke zeeën en ook bij een groeiend en steeds welvarender China. De sonoor pratende, stoïcijnse Kerry heeft de verse partijleider Xi Jingping, die in maart geïnstalleerd zal worden als president, al verschillende malen ontmoet. Of daardoor de verhoudingen verbeteren moet blijken, want de VS zullen niet terugkomen op de strategische diplomatieke en militaire beslissingen over de Amerikaanse rol in de Grote Oceaan. En op zijn beurt is Xi Jinping een zelfbewuste rode prins die de top heeft bereikt met steun van het leger en de nationalisten.

Xi en Kerry zijn niet de enige nieuwe leiders in het Verre Oosten, ook in Noord- en Zuid-Korea en Japan hebben zich wisselingen voorgedaan. In 2013 moet blijken of zij vastgelopen kwesties (Noord-Korea, de territoriale claims van China, Japan en Zuid-Korea) in beweging kunnen brengen of neutraliseren.

In China wordt in de eerste plaats gekeken of de nieuwe Japanse premier Shinzo Abe en diens regering van „radicale nationalisten” (The Economist) zijn plannen om de pacifistische constitutie van Japan te herschrijven en de defensie-uitgaven te verhogen, mag uitvoeren van de VS. Gehoopt wordt dat Kerry Abe overhaalt tot een minder confronterende koers. In Chinese ogen is dat de eerste echte proeve van Kerry’s diplomatieke wijsheid.

Oscar Garschagen