Kustwacht in de sneeuw

Om lawines te voorkomen, moet je ze soms opwekken. Fotograaf Thomas Donker ging met twee ‘patrouilleurs’ de Zwitserse bergen in.

Op de Zwitserse berghellingen tussen Gstaad en Rougemont glijden dagelijks duizenden skiërs naar beneden. Die skiërs willen mooie verse sneeuw. Ze willen een strakke helling, zonder kuilen, mét hekken en vlaggen die hen zo veilig mogelijk de berg af navigeren.

Zo’n helling komt er niet vanzelf.

Daarvoor is er de ‘patrouilleur’. In dit Zwitserse skigebied – met 420 kilometer piste – werkt een team van driehonderd man (en een enkele vrouw) dag en nacht aan de perfecte helling. Zij harken en schuiven. Zij komen in actie bij ongelukken – halen gewonde skiërs met een slee of helikopter van de berg. Zij zorgen dat de kans op een lawine minimaal is. Zij zijn de kustwacht van de bergen.

Fotograaf Thomas Donker mocht vlak voor Kerst met twee patrouilleurs op pad. Alec Donker, zijn broer, doet het werk al sinds 2006. Samen met collega Walter Reichenbach begint Alec Donker de dag met ‘lawinemaken’ – áls het gesneeuwd heeft tenminste.

Vroeg op de ochtend – nog voor de eerste skiër de lift omhoog kan pakken – trekken de twee langs de hellingen en bergkammen. Op strategische plaatsen leggen zij explosieven en blazen zo dikke pakken verse sneeuw naar beneden. De ‘pistenbully’, een sneeuwschuiver op rupsbanden, verdeelt de lawinesneeuw daarna netjes over de piste.

Het is secuur werk, gevaarlijk ook. Fotograaf Thomas Donker: „Om een bom te gooien moet je zo dicht mogelijk bij de cruciale plekken komen, zonder zelf in een lawine te komen.”

En gooi je een explosief, maar komt de sneeuw niet los, dan loop je het gevaar dat die sneeuw later op de dag alsnog gaat schuiven. Donker houdt de hele dag het weer en de piste in de gaten, om soms alsnog de liften stil te zetten en de skiërs van de berg te halen.

Alec Donker: „Ik sta met één been in de gevangenis, zo voel ik dat. Ik ben verantwoordelijk als er iemand onder een lawine komt.” Door jarenlange ervaring weet hij inmiddels hoe de sneeuw zich gedraagt. Bij twijfel kan hij „een lawinevakman” raadplegen. Die kan heel precies berekenen wanneer een schuivende sneeuwlaag echt gevaarlijk wordt.

In een gewone winter trekken Donker en Reichenbach er zeker iedere week weleens op uit met een rugzak vol explosieven. Bij helder weer gooien ze de oranje dynamietstaven vanuit een helikopter in de bergwand. Bij slecht zicht gaan ze op ski’s de plekken langs waar lawinegevaar dreigt.

Voor het „mooiste effect” werpt Alec Donker zijn explosieven aan een touw in de besneeuwde helling om ze vervolgens tot vlak boven het sneeuwoppervlak omhoog te trekken. Op zijn teken duikt iedereen omlaag. Hoofd naar de grond, handen op de oren. En dan, na negentig seconden, een donderende knal. De grond begint te beven.

Thomas Donker: „Dan komt de berg tot leven.”

    • Lineke Nieber