Herkenbaar onderwijs

In Rotterdam bekijken twee grote roc’s (regionale opleidingscentra), Zadkine en het Albeda college, hoe ze weer kunnen doen waar ze voor bestaan: studenten opleiden in het middelbaar beroepsonderwijs. Dat gaat ze nu niet goed af, doordat ze zich, al groeiend en elkaar beconcurrerend, ontwikkelden tot een doolhof van specialisaties en onderstudies. Zo onoverzichtelijk is hun aanbod geworden dat er steeds minder leerlingen heil in zien en dat ook de werkgevers er geen weg mee weten. Waarmee deze roc’s hun doel voorbijschoten, want voor die twee bestaan ze immers.

Nu moeten ‘kleinschalig’ en ‘herkenbaar’ het oude steekwoord ‘schaalvergroting’ vervangen. En: „Er kan meteen een managementlaag uit”, zei een van de beide bestuursvoorzitters, zonder uit te leggen waarom die dan bestond.

Eerst willen Zadkine en het Albeda college juist fuseren en dus groter worden. Het gaat om fuseren in juridische zin, wordt er bezwerend aan toegevoegd. Vervolgens wordt er gesplitst, in de lijn van de tendens die zich voordoet sinds afgelopen zomer Amarantis zich verdeelde over vijf opleidingen. ‘Defusie’ heet dat.

De Rotterdamse roc’s willen fuseren om te ‘defuseren’? Zulke newspeak duidt op een eigen wereld met een eigen werkelijkheid. Daar was concurrentie tussen de opleidingen het consigne. Nu roept minister Bussemaker (PvdA) op tot samenwerking en in haar spoor zei Doekle Terpstra, voorzitter van hbo-concurrent InHolland, vanmorgen op Radio 1 al: „Samenwerken is het nieuwe concurreren.” Brrr.

In de werkelijkheid van Zadkine (ruim 19.000 studenten) en Albeda (ruim 21.000; tezamen tellen ze ongeveer 3.500 personeelsleden) werd tot voor kort hartstochtelijk geloofd in de macht van versmelting, om elkaar leerlingen af te snoepen. Niet in de kracht van klein en overzichtelijk, om de leerlingen simpel hun weg te laten vinden. Nu wordt er gesproken over mbo-colleges. Met herkenbare profielen, eigen besturen en benamingen als meao en mts – naar de opgedoekte opleidingen van voorheen die werden verdund tot een veelvoud aan steeds specifiekere specialisaties.

Opnieuw zal nu een brede basisopleiding alle leerlingen bedienen, in hun derde en/of vierde studiejaar gevolgd door een enkele gespecialiseerde richtingen. En die zouden een stuk breder moeten zijn dan de priegelstudies van nu.

Het beroepsonderwijs is veel te ingewikkeld geworden, klinkt het vroom. Dat is een eufemisme voor: het is veel te ingewikkeld gemaakt in opleidingscentra die een doel op zichzelf zijn geworden.

Er is ten hele gedwaald. Het voornemen van Zadkine en Albeda leidt er hopelijk toe dat er ook ten hele wordt gekeerd.