VS verkennen kansen voor handelsakkoord met EU

De EU en de VS kunnen banen scheppen met een vlot vrijhandelsverdrag, zegt VS-minister Gordon. Nederlandse twijfel over de JSF vindt hij ‘legitiem’.

De Verenigde Staten verkennen de mogelijkheden om op korte termijn een vrijhandelsakkoord met de Europese Unie te sluiten. „Met hernieuwde ernst spreken we daar nu over”, zei Philip Gordon, de Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken voor Europa, die gisteren een kort bezoek bracht aan Den Haag.

„Er is in deze tijd grote behoefte aan”, zei Gordon in een gesprek met enkele Nederlandse journalisten. „De VS en de EU staan voor enorme uitdagingen bij het scheppen van banen en groei. Een vrijhandelszone kan daar een belangrijke bijdrage aan leveren.”

De Amerikanen zijn volgens Gordon „niet naïef” over de obstakels voor een transatlantisch handelsakkoord. Landbouwsubsidies aan beide zijden kunnen zo’n obstakel zijn. In Washington werken verschillende ministeries aan een advies aan de president. Daarop vooruitlopend zegt Gordon: „Als onze Europese partners bereid zijn onderhandelingen te beginnen, dan zij wij dat ook.”

Eerder heeft het Witte Huis al gezegd niets te voelen voor jarenlange onderhandelingen, zoals in de zogeheten Doha-ronde van de Wereldhandelsorganisatie WTO. Deze keer zou het onderhandelingsproces zich niet eindeloos moeten voortslepen, maar „op één bezinetank” voltooid moeten worden, bij voorkeur al in 2014.

Gordon, die in Den Haag onder meer minister Timmermans van Buitenlandse Zaken ontmoette en de buitenlandadviseur van premier Rutte, sprak ook over het omstreden gevechtsvliegtuig JSF. Dit kabinet moet beslissen over het al dan niet aanschaffen van de Amerikaanse F35 Joint Strike Fighter.

„Bij zo’n belangrijke aanschaf is het volstrekt legitiem dat er vragen bij gesteld worden. Maar wij blijven overtuigd van het belang van dit project, en we hopen dat Nederland dat ook blijft. Het is belangrijk voor ons, voor Nederland, voor onze relatie en voor ons bondgenootschap.”

Verder zei Gordon dat de publieke opinie aan beiden zijden van de Atlantische Oceaan „er steeds weer op gewezen moet worden hoe waardevol de NAVO is”. Vorige week bleek uit een opiniepeiling van de Atlantische Commissie dat de steun voor de NAVO onder in Nederland afneemt. Noemde in 2011 nog 79 procent van de ondervraagden het bondgenootschap van de belang voor de Nederlandse veiligheid, in 2012 daalde dat tot 64 procent. Nederland hoort van oudsher tot de landen waar de steun voor de NAVO het grootst is.

Gordon waarschuwt ervoor niet te grote conclusies te verbinden aan een enkele peiling. „Maar we moeten het publiek zeker duidelijk maken dat de NAVO essentieel is. We geloven dat er een groeiende dreiging van raketten is, daarom werken we aan een raketschild. In Libië, op de Balkan en nu weer met de Patriots die Turkije beschermen bij de grens met Syrië, zie je waartoe de NAVO in staat is.”

President Obama begon zijn eerste ambtstermijn met de ambitie de relatie met Rusland te verbeteren, met een zogenoemde ‘reset’. „Het is tijd om dat woord af te danken”, zegt Gordon, die in Den Haag ook over Rusland sprak. „We hebben veel bereikt, we maken ons ook zorgen over vooral binnenlandse ontwikkelingen in Rusland. We moeten nu gewoon door met onze betrekkingen met Moskou.”