Bosbranden zijn nu politiek in Australië

Er zijn nog geen doden gevallen maar de bosbranden in Australië zijn heftig. De premier wijst op het klimaat. Onzin, zegt de oppositie.

In de stad, ten oosten van de de Tasmaanse hoofdstad Hobart brandden 90 huizen af

De Australische meteorologische dienst heeft deze week nieuwe kleuren toegevoegd aan het palet waarmee temperaturen in kaart worden gebracht: dieppaars voor maximaal 52 graden Celsius, een lichtpaarse variant voor een temperatuur tot 54 graden. Die kleuren waren nodig voor de weersverwachting van komende maandag. Nadat de temperatuur de afgelopen dagen recordhoogtes bereikte, met gisteren bijvoorbeeld 43 graden in Sydney, zal het de komende dagen een beetje afkoelen. Maar mogelijk wordt het na het weekeinde opnieuw erg heet.

De enorme hitte heeft de bosbranden, die in Australië in de zomer altijd veel voorkomen, aangewakkerd. Op de meeste waarschuwingsborden waarop het brandgevaar wordt aangegeven, staan de pijlen op ‘catastrofaal’, een categorie die sinds de extreme hittegolf in 2009, toen 173 mensen omkwamen, is toegevoegd. Tot 2009 was ‘extreem’ – dat wil zeggen een totaal verbod op open vuur – de zwaarste categorie.

Voor premier Julia Gillard was de situatie deze week aanleiding om te wijzen op de gevolgen van klimaatverandering. „Hoewel het niet mogelijk is om een specifieke gebeurtenis aan klimaatverandering toe te schrijven – zo werkt het weer nu eenmaal niet – weten we wel zeker dat we vaker te maken zullen krijgen met extreme weerssituaties”, zei Gillard.

Het IPCC, het klimaatpanel van de Verenigde Naties, bevestigt dat. Het voorspelde in 2007 dat het aantal dagen met een ‘zeer grote tot extreme kans op bosbranden’ in Zuidoost-Australië de komende jaren fors zal toenemen (met 15 tot 70 procent in 2050). Uit een rapport van de Australische meteorologische dienst blijkt dat de gemiddelde maximum temperatuur sinds 1910 is toegenomen met 0,75 graad Celsius. Sinds het midden van de vorige eeuw was ieder decennium warmer dan het voorgaande.

Toen noemt lang niet iedereen in Australië klimaatverandering als oorzaak voor de bosbranden. De oppositie vindt dat de Labor-premier met haar opmerkingen politiek bedrijft. Ze zou steun zoeken voor de omstreden invoering van emissiehandel, waardoor energiebedrijven en industrie moeten gaan betalen voor de uitstoot van broeikasgassen. De oppositie is daar fel tegen.

In een column in de Australische The Daily Telegraph schrijft Miranda Devine dat zomers nu eenmaal droog en warm zijn, en soms extreem warm. De regering doet alsof je bosbranden kunt bestrijden met een belasting op kooldioxide en het vernietigen van de kolenindustrie, aldus Devine, en dat het verminderen van de ‘werkelijke brandstof’ die de vlammen voedt slechts bijzaak is.

Devine wijst erop dat de huidige bosbranden in de eerste plaats worden veroorzaakt door de afgelopen twee zomers die juist relatief koel en nat waren. Dat leidde tot een snelle aanwas van struiken en gras. Nu Australië deze zomer kampt met grote droogte, heeft al dat gras en struikgewas maar een klein vonkje nodig om in brand te vliegen. De branden kunnen zich door hitte vervolgens in een razend tempo verspreiden.

Door helikopters te laten rondvliegen die hier en daar een druppel water laten vallen, maken politici misschien goede sier, zegt Phil Cheney, een van de bekendste Australische bosbrandexperts, maar „een beetje meer rook in het najaar zou veel beter zijn”. Hij bepleit meer preventie, zoals gecontroleerde bosbranden om overtollige begroeiing weg te halen. Milieuorganisaties vinden dat daardoor de natuur te veel geschaad wordt.

Ook Janet Stanley van de Monash University pleit voor meer preventie, maar op een heel ander gebied. Volgens haar wordt zeker een derde van de 60.000 bosbranden die Australië jaarlijks teisteren aangestoken. Door wijken met sociale problemen, slecht transport, werkloosheid en slecht onderwijs aan de rand van steden te bouwen, tegen de bossen aan, wordt de kans op bosbranden volgens haar fors verhoogd.

    • Paul Luttikhuis