Oude Romeinen gebruikten zink voor oog- en huidkwaaltjes

Zes grijzige tabletten van 4 centimeter in doorsnede dienden meer dan 2.000 jaar geleden waarschijnlijk als basis voor het aanmaken van smeerseltjes tegen oog- en huidkwalen. Dat blijkt uit een uitgebreid onderzoek naar de samenstelling van de tabletten door een team van Italiaanse archeologen, waarover zij vandaag schrijven in het wetenschappelijke blad Proceedings of the National Academy of Sciences.

De tabletten komen uit een scheepswrak uit de tweede eeuw voor Christus en zijn perfect bewaard gebleven in een rond tinnen doosje (een zogeheten pyxis) dat stijf dichtzat. De tabletten bestaan voornamelijk uit zinkhoudende mineralen naast zetmeel, dierlijke en plantaardige vetten, houtskool, bijenwas en hars.

Het schip, bekend als het wrak van Pozzoni, is twee millennia geleden gezonken in het zicht van de havenstad Populonia, dichtbij het tegenwoordige Piombino in Toscane, Italië. Populonia was destijds een belangrijk handelsknooppunt. Een groot deel van de lading van het schip kwam uit het oosten, mogelijk de Griekse eilanden.

Het wrak werd in 1974 ontdekt op 18 meter onder de zeespiegel en is in de jaren 80 en 90 onderzocht en geborgen door de archeologische dienst van Toscane. De grotendeels intacte lading bestond uit glazen schalen uit de regio Syrië-Palestina, wijnamforen uit Rhodos, en lampen uit de Ionische havenstad Efeze.

Nu pas onderzochten de archeologen de inhoud van een houten kist, vermoedelijk een dokterskist. Van de kist zelf restte alleen het ijzeren slot, maar vlak erbij lagen 136 kleine buxushouten potjes met deksel, een kleine stenen vijzel, een ijzeren sonde en een bronzen vaatje dat mogelijk gebruikt is bij het aderlaten. En er was dat tinnen potje, dat bij inspectie met röntgenfoto’s nog de originele inhoud bleek te bevatten.

Een unieke kans om de samenstelling van medicijnen uit de tijd van Oude Grieken en Romeinen met moderne middelen te onderzoeken. Het meeste wat hierover bekend is, komt uit overgeleverde geschriften uit de Oudheid. Maar hoewel de archeologen alles te weten kwamen over de samenstelling van de tabletten, moeten zij voor de mogelijke toepassing ervan toch weer verwijzen naar de oude schrijvers. Plinius de Oudere en Dioscorides meldden dat zinkhoudende mineralen afkomstig van kopersmelterijen gebruikt werden voor de bereiding van oog- en huidzalven.