Brieven & Tweets

Dit is de brievenpagina van NRC Handelsblad. U bent van harte uitgenodigd om bij te dragen aan deze pagina. Stuur een brief naar opinie@nrc.nl, of richt een tweet aan @nrc_opinie.

Inderdaad, laat het talent van jongens niet onbenut

Het artikel ‘Zuinig zijn op jongens in de klas’ (Opinie&Debat, 5 januari) slaat de spijker op de kop. Er wordt heel wat talent verspild.

Zelf zat ik aan het eind van de oorlog op de mulo. Ik bleef twee maal zitten op de lagere school. Na het eindexamen mulo kwam ik in de vierde klas hbs-b. Uiteindelijk deed ik eindexamen met gemiddeld een acht. Onze zoon begon op het vwo en moest terug naar de mavo, maar kon na een jaar terug naar het vwo en werd net als zijn vader geoloog. Met zijn zoon, onze jongste kleinzoon, was het kantje boord of hij vmbo of havo kon doen. Anderhalf jaar later gaat het prima op de havo.

Het lijkt erop dat er een familietrek is van een wat trage hersenontwikkeling. Ook onze dochter ging van vwo naar mavo naar havo; zij studeerde cum laude af aan Washington State University in Seattle.

Wij zullen zeker niet uniek zijn. Het is van groot belang dit soort overstappen tussen schooltypes te faciliteren, om talent niet onbenut te laten.

E. Munnig Schmidt

Loenen aan de Vecht

Ian Buruma maakt het te bont met kritiek op paus

Het staat iedereen vrij kritiek te leveren op de paus en het Vaticaan, maar Ian Buruma maakt het wel erg bont (Opinie&Debat, 5 januari).Hij stelt vast dat er een „verband” is tussen de denkbeelden van Benedictus XVI en de dramatische verkrachting in India. Hiermee suggereert hij een soort geestelijke medeplichtigheid van de kerkvorst. Uiteindelijk blijkt zijn ‘betoog’ niet meer te behelzen dan de curieuze constatering dat de paus met zijn conservatisme „een wereldbeeld bevordert” waaruit seksueel geweld als in India voortkomt.

Ik heb van Buruma stukken gelezen die meer hout sneden.

Herman Rosenberg

Den Haag

Er is nog een andere kant aan dat thuiswerken

Het artikel over thuiswerken was eenzijdig (Opinie&Debat, 5 januari). Thuiswerken is niet zozeer het issue. De revolutie de we meemaken, is dat je niet meer per se op de zaak, op kantoor hoeft te werken. Je kunt ook elders werken – natuurlijk thuis, maar ook in de trein of op het strand. Het idee dat je op kantoor moet zijn om te werken, is een versleten paradigma. Werken komt los van de oude begrenzingen in tijd en plaats.

Deze nieuwe manier van werken vraagt om een nieuwe manier van leidinggeven. Het werkt averechts om prikklokcontroles toe te passen op moderne medewerkers. Onderzoek toont aan dat de productiviteit stijgt als ook de verantwoordelijkheid voor het werk toeneemt. Als baas let je op de output, en niet op de gemaakte uren. Dat is waar het om gaat: het wordt flexibeler, dynamischer.

Dion Kotteman

Den Haag

Innemen morningafterpil is moreel onaanvaardbaar

In de necrologie van prof. dr. A. Haspels (NRC Handelsblad, 31 december) wordt ten onrechte een onderscheid gesuggereerd tussen de morningafterpil en abortus. De werking van de morningafterpil is in werkelijkheid niets anders dan een abortus door middel van een chemisch product.

Vanuit een ethisch standpunt is de verspreiding, het voorschrijven en het innemen ervan net zo onjuist als abortuspraktijken. Iedereen die hieraan direct meewerkt, opzettelijk of niet, is moreel verantwoordelijk. Hier is sprake van verborgen agressie jegens zwakke en weerloze individuen, in casu het menselijke embryo. Stop deze praktijken!

Jaap de Bruijn

Naarden

Die gasbaten konden beter worden gebruikt

In zijn column ‘Wie betaalt de crisis?’ (NRC Handelsblad, 2 januari) schrijft Jan Marijnissen: „Al sinds de crisis van de jaren dertig van de vorige eeuw weten we dat de overheid in tijden van laagconjunctuur moet investeren en in ieder geval geen grote bezuinigingen moet doorvoeren. De lessen van de geschiedenis zijn echter aan dit VVD-PvdA-kabinet niet besteed”.

Hij en veel van zijn medestanders op politiek en economisch gebied vergeten voor het gemak steeds dat we ook weten dat je in tijden van hoogconjunctuur – en die hebben we ook tientallen jaren gehad – geld opzij moet leggen voor mindere tijden. Dit houdt ook in dat je de gasbaten niet moet aanwenden voor allerlei leuke zaken voor de kiezers! Dat zou een eerlijker beeld van zaken geven.

H.Poortvliet

Amstelveen

Je struikelt in dit land tegenwoordig over wild

Daan Remmerts de Vries wordt niet gehinderd door enige veld- of feitenkennis over de jacht, anders dan wat hij op televisie ziet (Opinie&Debat, 5 januari). Zijn taalgebruik is weinig gekuist. Het is ongepast om jagers weg te zetten als criminelen en moordenaars.

Ik pak er één element uit. Je struikelt in dit land over het wild. De aantallen nemen enorm toe. Sinds ik in Friesland woon, nu veertig jaar, is het aantal overwinterende ganzen ongeveer verviervoudigd. De hazenstand is al jaren stabiel. Als ik op een maartse ochtend van Sneek naar Leeuwarden trein, tel ik westelijk van de spoorlijn ongeveer dertig hazen. Twintig jaar geleden hadden we in onze hele regio geen reeën; tegenwoordig zitten ze aan de rand van Sneek. Ganzen vormen een plaag. Smienten zijn er volop.

Culinair gezien kan de jacht alleen maar gunstig gewaardeerd worden: het levert de hoogste kwaliteit scharrelvlees op. Dat driekwart van de bevolking zich tegen de plezierjacht zou verzetten, bewijst voornamelijk de ondeugdelijke onderzoeksopzet.

Iets meer respect voor zorgvuldig werkende jagers zou op zijn plaats zijn. Het nare incident van de vader van de auteur bewijst dat een jachtgeweer uitsluitend in handen hoort van een goed opgeleide jager. En dan moet je natuurlijk niet schieten op een zittende vogel. Een jager die dit doet, kan tegenwoordig zijn jachtakte inleveren.

Dr. Jan A. Schulp

Bioloog en wildeter, Sneek

Gezond fokken kan best

Vanuit de Universiteitskliniek voor Gezelschapsdieren, waar de Ierse setter Sam op de intensive care belandde vanwege ernstige erfelijke epilepsie, wil ik graag reageren op het artikel over inteelt bij rashonden (NRC Handelsblad, 4 januari).

Erfelijke ziekten zijn onlosmakelijk verbonden met het fokken van rasdieren. Door selectie op gewenste uiterlijken en gedragskenmerken wordt ook geselecteerd op onzichtbare eigenschappen. Dat kunnen DNA-mutaties zijn die een ziekte veroorzaken. Zulke mutaties komen voor bij alle diersoorten.

Bij het fokken van rashonden leidt de sterke selectie ertoe dat sommige ziekten veel frequenter optreden en andere juist verdwijnen. Elk hondenras heeft vele erfelijke ziekten niet, maar een klein aantal heeft ze juist heel frequent. Elk ras heeft wel een aantal typische rasgebonden ziekten. De typische frequentie loopt van 5 tot 50 procent van de dieren. De vorming van rassen werkt als een genetisch vergrootglas. Iedere dierenarts kent de rij ziekten die optreden per ras, maar heel vaak is er geavanceerde diagnostiek nodig. Dit kan alleen door een erkende specialist.

De besturen en fokkers van een aantal rashondenverenigingen voelen de verantwoordelijkheid voor de gezondheid van hun ras al heel lang. De Universiteitskliniek werkt bijvoorbeeld al enkele decennia goed samen met de rasverenigingen voor cairnterriërs en labrador retrievers om de belangrijkste en ernstigste erfelijke ziekten te onderzoeken. Hiermee voeren deze verenigingen een actief preventief beleid. Vele andere rasverenigingen zijn nog niet zover of zitten in de ontkenningsfase.

Veruit de meeste erfelijke ziekten bij rashonden kunnen alleen worden verhinderd of bestreden als er een goede DNA-test voor is. De DNA-technologie is zo ver dat je snel en efficiënt de mutatie die de ziekte veroorzaakt kunt vinden. Dit kan door het DNA van voldoende zieke en gezonde dieren te vergelijken. Hierdoor wordt de ziektemutatie zichtbaar en kan er een test worden ontworpen. Door de ouderdieren te testen, kunnen combinaties worden gemaakt waarmee de nakomelingen niet meer ziek zijn. Hiervoor hoeven fokdieren meestal helemaal niet te worden uitgesloten van de fokkerij – het angstbeeld van de rashondenfokkers. Het komt vooral neer op slimmer combineren.

Het ministerie van Economische Zaken heeft een onderzoeksprogramma om de ernstigste welzijnsproblemen bij gezelschapsdieren in kaart te brengen en mogelijkheden te creëren tot voorlichting en goed preventief beleid. Voor rashonden waren erfelijke ziekten overduidelijk het grootste welzijnsprobleem. Om in de toekomst snel en efficiënt DNA-testen te kunnen ontwikkelen, is in dat programma een DNA-bank voor rashonden gestart, in een samenwerking van de Faculteit Diergeneeskunde en de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied. Als over enkele jaren van alle dieren DNA voorradig is, kan de DNA-techniek veel sneller en efficiënter worden ingezet. Die bank is er nu in Utrecht, maar wordt alleen gevuld als de rasverenigingen en fokkers actief meewerken. De Universiteitskliniek voor Gezelschapsdieren heeft een expertisecentrum voor erfelijke ziekten, om testen te ontwikkelen en de fokkerij te adviseren.

Gezond fokken kan echt. Het is alleen een kwestie van resetten.

Jan Rothuizen

Utrecht

Dit is de wekelijkse brievenpagina van NRC Handelsblad. U bent van harte uitgenodigd om bij te dragen aan deze pagina. Stuur een brief naar opinie@nrc.nl, of richt een tweet aan @nrc_opinie

    • Dr. Jan A. Schulp
    • Jan Rothuizen
    • Herman Rosenberg
    • E. Munnig Schmidt
    • Jaap de Bruijn
    • Dion Kotteman