Berlusconi sluit pact met Lega

Gisteren werd in Italië het pact van de angst bekend: Berlusconi en de Lega Nord, die voor het noorden autonomie wil, hebben veel te verliezen.

Een paar weken geleden stond Silvio Berlusconi nog op een schamele 15 procent in de peilingen, maar na een stortvloed aan interviews op radio en tv, en vooral na een strategisch belangrijk akkoord met de regionationalistische protestpartij Lega Nord, krijgt de oud-premier en mediamagnaat langzaam weer uitzicht op een sleutelrol in de Italiaanse politiek.

Een premierschap zit er niet in. Daarvoor heeft hij te veel krediet verloren. Maar de alliantie met de Lega, sterk in het rijke noorden, biedt uitzicht op een machtsblok in de Senaat. Medewerkers van Berlusconi hebben gezegd dat ze na de de verkiezingen van 24 februari een guerrilla willen voeren tegen de nieuwe regering.

„Habemus papam”, zei Berlusconi zondagnacht, na urenlang overleg met Roberto Maroni, de nieuwe leider van de Lega Nord. Maar deze formule om na een conclaaf aan te kondigen dat de kardinalen het eens zijn geworden over een nieuwe paus, paste niet goed op het akkoord. Berlusconi en Maroni gaan samen de verkiezingen in, maar ze zijn het niet eens over wie de kandidaat-premier is. In ieder geval niet Berlusconi, onderstreepten medewerkers van Maroni gistermiddag. Zij wilden zo het akkoord verteerbaarder maken voor hun achterban. De Lega heeft fel campagne gevoerd tegen corruptie en verspilling in Rome en tegen de politieke elite. Veel aanhangers moeten helemaal niets hebben van de mediamagnaat.

Dat ze het niet eens zijn over een kandidaat-premier en toch met elkaar in zee gingen, onderstreept de verschillende beweegredenen van Berlusconi en Maroni. Voor geen van beiden gaat het om het premierschap. Berlusconi wil gebruik maken van omstreden regels uit de kieswet, die aan de winnaar in een regio extra Senaatszetels toekent, om straks een politiek vetorecht te krijgen. En Maroni hoopt de macht van zijn partij in het noorden te handhaven – op 24 februari wordt ook een nieuw bestuur voor de regio Lombardije gekozen, en Maroni is kandidaat-gouverneur.

Sinds Berlusconi openlijk afstand heeft genomen van premier Mario Monti en hem bijna dagelijks aanvalt, vinden hij en Maroni elkaar in hun eurosceptische kritiek op de bezuinigingsmaatregelen en de 'teutoonse' opstelling van Brussel. Maar in veel andere opzichten is het een verstandshuwelijk – net als bij de verkiezingen in 2001 en 2008. Toen bracht samenwerking tussen de Lega en Berlusconi de mediamagnaat het premierschap en de Lega veel macht in het noorden. Bovendien loste Berlusconi een aantal financiële problemen van de Lega op.

Berlusconi had gedreigd op lokaal niveau het bondgenootschap met de Lega te verbreken als Maroni niet opnieuw een akkoord met hem wilde sluiten. Daardoor zouden in honderden gemeentes in het noorden een politieke crisis ontstaan. Dat zou de Lega, die worstelt met een reeks interne schandalen, slecht uitkomen.

Maroni blijft dromen van een macroregio in het noorden van het land (Lombardije, Veneto en Piemonte) die driekwart van zijn inkomsten zelf houdt. Liever nu buikpijn, door met Berlusconi te moeten samenwerken, dan straks buikpijn, door minder belangrijk te worden in het noorden, zei Maroni gisteren.

Angst is wat Berlusconi en Maroni bindt, schreef commentator Massimo Franco vanmorgen in de Corriere della Sera. Zijn krant publiceerde zondag een peiling waarin Berlusconi en Maroni samen op 28 procent stonden. Het door Berlusconi gevreesde links gaat nog steeds op kop, met 39 procent voor de Democratische Partij en een kleinere bondgenoot. Monti en zijn bondgenoten, een aantal centrumpartijen, staan op 12 procent. Het akkoord met de Lega is een vertwijfelde poging van Berlusconi niet buitenspel te komen staan.

    • Marc Leijendekker