Schippers werkt met Europese landen aan 'zwarte lijst' artsen met beroepsverbod

Minister Schippers (Volksgezondheid, VVD) werkt met een paar Europese landen aan een openbare ‘zwarte lijst’ waarin artsen worden opgenomen die in één van die landen niet meer mogen werken. Met landen die volgens Schippers voor openheid voelen, zoals Engeland en de Scandinavische landen, probeert ze een snelle samenwerking tot stand te brengen. Niet alleen overheidsinstanties als de inspectie maar ook ziekenhuizen en patiënten zouden in zo’n ‘zwarte lijst’ moeten kunnen kijken, zegt haar woordvoerder.

Aanleiding is de ontdekking, afgelopen vrijdag, dat de omstreden Twentse neuroloog Ernst J.S., in een kliniek in het Duitse Heilbronn bleek te werken. J.S. wordt momenteel in Nederland strafrechterlijk vervolgd wegens het leed dat hij zou hebben veroorzaakt bij patiënten met foute diagnoses en onterechte operaties.

J. S. is na de ophef afgelopen weekend in Nederlandse en Duitse media ontslagen in de Duitse kliniek. Ook zou de Duitse Justitie nu onderzoeken of J.S. patiënten in Heilbronn heeft gedupeerd.

Al langer praten de ministers van Gezondheid van alle 27 EU-lidstaten met elkaar over een gezamenlijk register met veroordeelde en geschorste artsen. Daar zouden alle inspecties van de lidstaten in moeten kunnen kijken. Schippers heeft zo’n register in 2011 voorgesteld bij haar Europese collega’s. Dat register is er nog niet. Kamerleden in het Nederlandse en het Europese parlement eisen nu dat het er snel komt.

„Zodra een strafzaak begint tegen een arts, moeten alle EU-landen worden gewaarschuwd”, vindt CDA-Europarlementariër Esther de Lange. Zij heeft dit weekend met twee Duitse collega’s vragen gesteld aan de Europese Commissie. Ook de SP-fractie in Den Haag stelde gisteren schriftelijke vragen aan Schippers: „Dient er niet een formele Europese regeling te komen die voorkomt dat artsen die ‘grenzen overschrijden’ patiënten schade kunnen toebrengen?”

Toch is een register, of ‘zwarte lijst’, niet eenvoudig te maken, zeggen deskundigen. Veel landen willen er niet aan meewerken omdat het de privacy van dokters en patiënten in gevaar zou brengen. In Duitsland, waar J. S. nu werkte, wisselen de inspecties van de afzonderlijke deelstaten onderling geen informatie uit. Met andere landen wisselen ze al helemaal niets uit.

Ook is het de vraag wanneer iemand in het register moet komen. Moet dat al wanneer het Medisch Tuchtcollege een klacht in behandeling neemt (de helft van de klachten wordt ongegrond verklaard) of pas wanneer de dokter is veroordeeld door de strafrechter? J. S. wordt bijvoorbeeld strafrechtelijk vervolgd maar is (nog) niet veroordeeld. Hij is ook niet tuchtrechtelijk veroordeeld of geschorst; wel heeft hij zich op verzoek van de Inspectie in 2009 laten uitschrijven uit het zogeheten BIG-register, waar alle artsen in staan.

Als buitenlandse instanties of werkgevers hem al zouden proberen te traceren, dan zouden ze hem dus niet vinden in het Nederlandse BIG-register.

    • Frederiek Weeda