Fragiel godenkind wil meer, nog veel meer

Lionel Messi is al jaren onnavolgbaar. Het mannetje van 1.70 meter is pas 25 jaar en maakte al 319 officiële doelpunten. Waar eindigt dit?

Eens in de zoveel jaren dient zich een talent aan dat alle vorige talenten overtreft. Dan wordt ook dit talent weer gekwalificeerd als de grootste aller tijden. En wanneer woorden tekortschieten, dan moet hij wel van een andere planeet komen. Welke superlatieven resten ons na Nandor Hidegkuti, Duncan Edwards, Didi, Alfredo Di Stéfano, Pelé, Garrincha, Eusebio, Rivelino, Johan Cruijff, George Best, Diego Maradona, Zinedine Zidane, Ronaldinho, Cristiano Ronaldo: voetballers die buitengewone fenomenen zijn genoemd. Maar deze is gewoon niet gewoon meer. Laten we het daar na decennia van oeverloze en verwarrende vergelijkingen maar op houden.

Sinds enkele jaren zoeken bewonderaars van Lionel Messi in hun wanhoop naar superlatieven en kwalificaties die nog niet eerder zijn gebruikt om het talent van de Argentijnse voetballer te duiden. Nog maar 25 jaar oud is het mannetje van 1 meter 70, wat staat de arme jongen nog te wachten? Nu al de beste ‘ooit’? Kan hij die verwachtingen waarmaken? Of zal hij in navolging van veel van zijn voorgangers bezwijken aan te veel rijkdom en verheerlijking?

Was voetballen maar een vorm van beeldende kunst en Messi een beeldend kunstenaar, dan hadden de recensenten zijn bewegingen geanalyseerd in gekunsteld proza, ten einde het eeuwige en hemelse in hem te beschrijven. Ze zouden hem in enkele facetten van bewegende kunst hebben vergeleken met een danser als Rudolf Noerejev. Ze zouden zijn acties tot in finesses ontleden, in welke mate hij de perfectie van de uitvoering had benaderd.

Maar Messi is niet meer dan een uitzonderlijk goede voetballer. Al wordt hij vandaag hoogstwaarschijnlijk voor de vierde achtereenvolgende maal door een jury van onder meer bondscoaches en geselecteerde journalisten tot ’s werelds beste voetballer van het jaar gekozen, Messi is en blijft een beoefenaar van voetbal. Een voetbalspeler. Meer kunstenmaker dan kunstenaar. Meer liefhebber dan perfectionist. Zoals vrijwel alle ongewone fenomenen is hij sinds zijn peutertijd bezeten van het spel dat vooral op spontaniteit en opportunisme berust. Hoe graag gedreven coaches met behulp van computeranalisten, fysiologen, haptonomen, psychologen, neurologen, diëtisten, farmacologen, speltherapeuten en wetenschappers die bal, schoeisel, kleding, speelveld en trainingsfaciliteiten het spel ook wensen te automatiseren. In de jaren tachtig liet Vladimir Lobanovski, coach van Dinamo Kiev, met hulp van natuurwetenschapper Anatoli Zelentsov de psyche van voetballers testen aan de hand van computerspelletjes. Spelers moesten standaardsituaties uit hun hoofd kunnen leren en volgens vaste patronen vrijlopen.

Messi is een mens, maar zal zijn opvolger als beste voetballer ook nog een mens zijn? Of een computerspelfiguurtje dat van afstand via de satelliet, gestuurd door een team van gespecialiseerde coaches, de verlangde bewegingen maakt en schoten op het doel afvuurt?

Toegegeven, soms lijken de voetbewegingen van Messi van buiten het veld gestuurd. Misschien wel van boven, door de hand van God? Om in voetbaljargon te spreken: hij heeft de bal aan een touwtje aan zijn voet, altijd zijn linkervoet. Zelden laat hij de bal wegspringen, of het moet van zijn rechtervoet zijn die hij als linksbenige minder heeft ontwikkeld. De voet- en lichaamsbewegingen van het kleine mannetje zijn zo snel dat tegenstanders niet of nauwelijks kunnen reageren. Schoppen ontwijkt hij ongewoon goed. Zelden protesteert hij tegen de aanslagen. Zelden krijgt hij een gele kaart. Hij heeft het niet nodig. Hij speelt met de bal en neemt de aanslagen voor lief. Hoe lang nog? Wie wordt de slager van Messi?

Hij beschikt daarnaast over een uitzonderlijk ruimtelijk inzicht. „Hij denkt sneller dan ik”, roemde zijn voorganger als beste aller tijden Maradona hem eens. Een misvatting. Messi denkt niet. Hij ‘denkt’ in beelden. Hij doet wat hem invalt, overziet de posities van zichzelf, zijn medespelers, zijn tegenstanders. Hij beschikt over een haptonomisch gevoel, een goed ontwikkelde tastzin. Hij voelt de energie van lichamen en ruimtes om zich heen. Met zijn korte benen loopt hij weliswaar als een opdraaipoppetje, maar hij is toch echt van vlees en bloed. Hij heeft een relatie met zijn jeugdvriendin uit Rosario, Antonella Rocuzzo. Sinds kort hebben zij een zoon. Over menselijkheid gesproken: Messi mist regelmatig een strafschop.

De vraag dringt zich vaak op hoe Messi in een ander elftal dan Barcelona zou spelen. Verwezen wordt dan naar zijn spel in de nationale ploeg van Argentinië. Daarin lukt het hem zelden zo uit te blinken. Is het de hand van de coach die Messi doet schitteren? Is hij vergroeid met Barcelona? Daar waar hij als dertienjarig jongetje vertrouwd raakte met het korte samenspel en de pedagogische teamcodes die in de jeugdopleiding van La Masía volgens de leer van oud-jeugdtrainer Laureano Ruiz worden gepropageerd.

Messi is een zoon van Barcelona. De club bleek twaalf jaar geleden bereid de medische kosten in het ziekenhuis van Barcelona voor haar rekening te nemen. Barcelona zag in de bedenkelijk onvolgroeide puber een goede investering en betaalde naast de groeihormonenkuur ook de verblijfskosten van zijn familie.

Onlangs verlengde hij zijn contract tot 2018 – dat betekent (los van sponsorcontracten) 16,5 miljoen euro per jaar. Hij wees een aanbod van een Russische club (waarschijnlijk Anzhi, van coach Guus Hiddink) van 30 miljoen netto per jaar af.

Hoe lang kan een mensenkind dat aan? Leven in een systeem waarin de premiejagers van de media altijd op de loer liggen om roddels te verkopen. Leven als een idool, als een icoon, als een rolmodel. Record na record vestigt de zwijgzame kunstenmaker. Triomf na triomf behaalt het fragiele godenkind. Nog niet genoeg, beweert hij steeds. Hij wil meer, nog meer.

Als het dribbelen, scoren en winnen hem dan nog zo ogenschijnlijk gemakkelijk afgaat, waar en wanneer zal zijn avontuur dan eindigen? Welke woorden zijn er nog niet gebezigd om zijn spel te uit te leggen? Goddelijk en hemels zijn al gebruikt. Laten we een voorbeeld nemen aan de Spanjaard Santi Nolla, hoofdredacteur van El Mundo Deportivo. Hij beperkte onlangs zijn dagelijkse column onder de kop ‘Leo Messi’ tot drie woorden: Sobran las palabres (woorden zijn overbodig). Als Messi maar voetbalt.

    • Guus van Holland