Zuinig zijn op jongens in de klas

Jongens leggen het af tegen meisjes in de klas, door gebrek aan leiding en te weinig goede voorbeelden, betogen Lydia Sevenster en Ingrid Schouten

De locatie in Hoofddorp van de VMBO school het Nova College. Het centrale trappenhuis aan het eind van de ochtend pauze, op de locatie krijgen 2400 leerlingen onderwijs. FOTO: BRAM BUDEL Bram Budel

Middelbare scholen, hogescholen en universiteiten worstelen met de studiehouding van jongens. Deze leidt voor leerkrachten, ouders en de jongens zelf tot teleurstellende resultaten. Ze belanden op lagere onderwijsniveaus, doen langer over hun studie en vallen uit. De Universiteit van Amsterdam en de Hogeschool van Amsterdam organiseerden in het afgelopen semester een unieke collegereeks over dit nogal eens gebagatelliseerde onderwerp, onder de titel: Jongens, wat is er aan de hand?

In dit artikel belichten wij oorzaken en oplossingen aan de hand van de gegevens uit deze colleges, in combinatie met onze eigen (onderwijs)ervaring.

In 2011 slaagden 2.600 meer meisjes dan jongens voor het vwo-examen. Al sinds 1996 worden jongens door meisjes gepasseerd, onder meer doordat jongens meer en meer afzakken naar de havo. Ook universiteiten en hogescholen hebben te maken met een grote uitval van jongens. Bovendien studeren meisjes sneller af én met hogere cijfers.

Als we de grotere uitstroom van jongens naar het speciaal onderwijs niet meetellen, hebben jongens tot en met groep acht op de basisschool nog geen achterstand, integendeel. Ze maken de Citotoets een fractie beter dan meisjes. Wel hebben ze gemiddeld meer gedragsproblemen.

De achterstand van de jongens begint in de onderbouw van de middelbare school. Lauk Woltring, deskundige op het gebied van de ontwikkeling van jongens: „Mogelijk hebben veel jongens in het primair onderwijs al een ‘latente schoolhekel’ ontwikkeld, die pas in het voortgezet onderwijs manifest wordt”.

De hersenontwikkeling bij jongens verloopt in de regel anders dan bij meisjes. Op sommige terreinen (empathie, taal, sociale vaardigheden, fijne motoriek en planning) lopen jongens achter, op andere terreinen (visueel-ruimtelijke ontwikkeling en grove motoriek) lopen ze voor. Niet alleen komen meisjes eerder in de puberteit, ze kunnen ook al op jongere leeftijd beter plannen, organiseren en reflecteren op samenwerken. Precies deze vaardigheden worden de jongste decennia gevraagd bij het maken van werkstukken, vooral in de tweede fase van het Studiehuis. Het onderwijs is ‘meisjesvriendelijker’ geworden. Rekensommen zijn verwerkt in lappen tekst. Hierdoor zijn jongens ook daar in het nadeel.

Meisjes vragen gemakkelijker om hulp en volgen veel meer bijlessen en examentrainingen. Gemiddeld scoren de dames voor het schoolexamen voor alle vakken tezamen 0,2 tot 0,3 punt hoger dan de jongens. Toch scoren de heren steevast 0,1 punt hoger voor het centraal examen. Meisjes zijn gehoorzamer en consciëntieuzer. Biopsycholoog Martine Delfos: „Jongens kiezen voor plezier nú, terwijl meisjes kiezen voor het voorkomen van narigheid later”. Rens Koole van de particuliere school Luzac: „Jongens beginnen niet met leren en meisjes stoppen niet met leren”. Of, zoals een van onze mannelijke leerlingen eens vroeg: „Wat denkt u dat we gemiddeld zouden scoren voor het centraal examen als wij net zo hard zouden werken als de meisjes?”

Jongens zijn beweeglijk. De gedragsregels in de klas frustreren hen in hun behoefte aan stoeien en donderjagen. Jongens leren liever door doen en uitproberen en ze houden van competitie. Ze worden er meer uitgestuurd en blijven in de onderbouw vaker zitten. Omdat dit voor de beoordeling van de school niet goed staat, besluiten scholengemeenschappen te snel om vwo-jongens af te laten dalen naar de havo. Vroeger hadden ze het een jaartje mogen overdoen.

Op de havo blijken deze jongens zich (nog) minder te hoeven inspannen. Ze klieren zich vrolijk naar het eindexamen havo toe. Doordat ze geen noodzaak voelen om een goede werkhouding aan te leren, valt op het hbo opnieuw een te groot deel uit. Sommige jongens redden het ook niet op de havo en dalen verder af, naar het vmbo. Daar sluit de onderwijsaanpak nog minder aan bij hun manier van leren, met verregaande desinteresse als gevolg.

Natuurlijk beantwoorden niet alle jongens aan het geschetste beeld, zomin als alle meisjes voorbeeldig leerlingen zijn. Maar de cijfers zijn hard.

Door de tweede emancipatiegolf en de individualisering van de maatschappij is de patriarchale samenleving aan het verdwijnen. De rol van de man verandert. Vaders zijn vaak afwezig. Mannen verliezen hun rol als beschermer en kostwinner. Zolang mannen hun nieuwe plaats nog zoeken, is het voor jongens onduidelijk wat er van hen wordt verwacht. De emancipatie van de vrouw leidt dus tot een nieuw probleem. Als mannen geen duidelijke rol hebben, dreigt infantilisering: de man is alleen nog nodig voor de voortplanting en kan zich verder blijvend kinderlijk gedragen.

Sinds de jaren zestig heeft discipline een slechte naam gekregen. Volgens socioloog Bowen Paulle zijn zelfdiscipline en emotionele zelfbeheersing nuttig en moeten we deze waarden weer terugbrengen in de opvoeding. Kinderen hebben baat bij warmte, persoonlijke aandacht, voorspelbaarheid, rust, reinheid en regelmaat. Deze waarden waren in de jaren vijftig alom aanwezig.

Die traditionele, disciplinerende vader is nagenoeg verdwenen, net als de zondagsrust en het gedwongen stilzitten in de kerk en de militaire dienstplicht. Echtscheidingen vormen een bron van onrust. De opmars van sociale media en het uren per dag in uitgezakte houding de tijd weg-gamen houden jongens af van een gedisciplineerd leven.

Ouders en leraren onderhandelen liever dan dat ze het conflict aangaan. Door te weinig negatieve feedback denken jongens dat ze bijzonder zijn en dat ze alles al kunnen zonder zich te hoeven inspannen. Deze trend kan leiden tot meer jeugdwerkloosheid en zelfs criminaliteit – denk aan de grensrechter.

Wij bepleiten vijf maatregelen om het tij te keren.

1Zet meer mannen voor de klas. Jongens missen op school het mannelijke rolmodel. Op de basisschool is 85 procent van leerkrachten vrouw, op de middelbare school 65 procent. Op beoordeelmijnleraar.nl zeggen jongens dat ze liever les hebben van een man dan van een vrouw. Mannen zouden vooral meer humor hebben. Psycholoog Louis Tavecchio: „Mannen zijn meer dan vrouwen in staat tot tough love” – een stevige, maar warme aanpak.

2Verhoog het niveau van leraren. We mogen onderbevoegde leerkrachten en zij-instromers niet blijvend accepteren – al hun gewaardeerde inzet ten spijt. We laten zelfs de beste loodgieter na een cursus fijne motoriek toch ook geen hartoperatie verrichten?

3Maak het onderwijs jongensvriendelijker. Afgelopen jaar onderzochten onderwijsadviesbureau APS en het Kohnstamm Instituut scholen waar jongens het wel goed doen. Die scholen waren zich er niet van bewust dat ze het goed deden. Wat ze gemeen hebben, is dat er duidelijke regels zijn, in een persoonlijke en veilige sfeer. Er is een goede zorgstructuur voor gedragsproblemen en spijbelen. Ook worden leerlingen bij de school betrokken, als coach van jongere leerlingen of pleinwacht. Er is aandacht voor leren leren en er zijn keuzemogelijkheden en variatie in werkvormen. Het onderzoek leverde tips op voor jongensvriendelijk onderwijs. Volgens psycholoog Eveline Crone hoeven jongens als ze intrinsiek gemotiveerd zijn, geen last van hun latere rijping te hebben.

4Herwaardeer discipline. Ouders moeten van jongs af aan grenzen stellen én consequent handhaven. Dit betekent dat ze soms vermoeiende conflicten moeten aangaan. Het gemiddelde mediagebruik van dertien- tot zestienjarigen loopt op tot zes en een half uur per dag. Meisjes gebruiken de computer vooral om nieuwtjes te bespreken. Een beetje jongen is verslaafd aan de dopamine die vrijkomt na elk hoger level bij het gamen. Delfos: „Het scherm is voor de jongens van nu net zo gevaarlijk als de kruistochten in de Middeleeuwen”. Ouders en scholen moeten paal en perk stellen aan beeldschermgebruik. Op school horen mobieltjes niet in de les.

5Gun jongens meer tijd. Onderpresterende jongens moeten niet meteen worden doorverwezen naar een lager onderwijsniveau, maar gewoon blijven zitten. Menig mannelijke professor heeft gedoubleerd op de middelbare school. De overstap van havo naar vwo moet gemakkelijker worden.

Nederland, wees zuinig op je jongens!

Lydia Sevenster is docent biologie aan het Stedelijk Gymnasium Haarlem. Ingrid Schouten is oud-docent en actief in de huiswerkbegeleiding. Zie ook jongensenonderwijs.nl

Rectificaties / gerectificeerd

Correcties & aanvullingen

In het artikel Zuinig zijn op jongens in de klas (5 januari, Opinie&Debat) wordt psycholoog Louis Tavecchio geciteerd: „Mannen zijn meer dan vrouwen in staat tot tough love.” Dit is niet juist. Hij heeft dit nooit gezegd.

    • Lydia Sevenster
    • Ingrid Schouten