Ik wilde eerst de wereld redden

Fatima Elatik (39) is stadsdeelvoorzitter in Amsterdam-Oost, onlangs kondigde ze aan dat ze in 2014 vertrekt. Met haar grote mond is ze bekend tot ver buiten de stad, sinds 2002 wordt ze geregeld bedreigd. „Met de metro naar Ajax, dat was de beste therapie ooit.” tekst Yasmina Aboutaleb foto Ringel Goslinga

Beppie

„Ik ben opgegroeid in de Rivierenbuurt, een witte buurt. Wij woonden op drie hoog. Beneden woonden Beppie en Ronnie. Dat waren de kinderen van onze buren. Ik ging heel vaak naar beneden, bij Beppie langs om bij haar in de tuin te spelen. En soms kwamen Beppie en Ronnie naar boven, bij mij.

„In de zomervakantie, als het heel warm was, deden de kinderen in de straat hun bikini’s en zwembroekjes aan. We mochten dan op het muurtje in de tuin van Beppie staan zodat haar vader ons met de tuinslag kon natspuiten. Dat vonden we zó leuk.

„De ouders van Beppie lagen vaak in de tuin te zonnen. Mijn moeder deed dat niet; in een singlet lekker liggen bruinen. Mijn moeder liep niet half bloot op straat. Maar zij wel, en dat vonden wij allemaal oké. Als kind let je niet op dat soort verschillen. Maar die waren er zeker wel. Ik werd ook uitgenodigd voor de verjaardag van Beppie. Ik vond het grappig om te zien hoe een Hollandse verjaardag eraan toeging. Iedereen feliciteert elkaar. Mensen die binnenkwamen, feliciteerden mij. Maar ik was niet jarig, Beppie was jarig! Dat vond ik heel gek.”

Grote mond

„Een Amsterdamse met een grote mond. Zo omschrijf ik mezelf. Amsterdammers hebben hun hart op de tong. Ik durf te zeggen wat ik vind. Het is niet eens een keuze om mijn mond open te trekken. Het is een noodzaak. Als je zoveel misstanden ziet, kun je toch niet je mond houden? Als je iets wilt veranderen, moet je taboes doorbreken. Het is niet dat ik denk: ik wil in beeld, laat ik maar iets zeggen over Marokkanen. Ik spreek iedereen aan op zijn verantwoordelijk.

„Ik ben geen lokaal bestuurder geworden om vier jaar op een stoel te zitten wachten, mijn geld te innen, en lekker belangrijk te zijn. Lokale politiek gaat niet over mooi weer spelen. Ik weet ook dat je nek uitsteken betekent: be prepared to get hit.”

Stalker

Mijn eerste stalker kreeg ik vlak na de moord op Pim Fortuyn in 2002. Hij stuurde me constant bedreigingen. De strekking: de wereld zou beter af zijn zonder mensen, moslims, zoals ik. Hij werd opgepakt. Met trillende benen ging ik naar de rechtszitting. Stond ik daar, oog in oog met een keurige zestigjarige man uit de binnenstad. Ongelofelijk dat ik een man, net zo oud als mijn vader, voor de rechter moest brengen. Hij zei tegen de rechter dat hij geen flauw idee had wat zijn bedreigingen met mij deden.

„Na de zitting kwam hij naar me toe om me een hand te geven. Ik zei dat ik hem alleen een hand gaf omdat je in mijn cultuur oudere mensen hoort te respecteren, niet omdat ik het hem vergaf. Nooit meer iets van die man gehoord. Hij kreeg een geldboete en een voorwaardelijke straf.

„Na de moord op Theo van Gogh ging het los. Iemand publiceerde een artikel op internet met de vraag wat er zou gebeuren ‘als we Job Cohen en Fatima Elatik een kogel door de kop jassen’. Ik kreeg meteen beveiligers.

„Ik krijg nog heel regelmatig intimiderende berichten. Een paar weken geleden schreef iemand nog dat hij mij met veel plezier op een brandstapel zou leggen. En een gek op Twitter: „Wie wil Fatima monddood maken? Ik zal ervoor betalen.”

Radiostilte

„Je moet een dikke huid hebben om dit werk te doen. Alles wat ik heb meegemaakt, zorgde ervoor dat ik een jaar geleden rustig aan moest doen. Ik heb een tijdje radiostilte ingelast; geen tv-optredens, geen tweets. Even alleen maar achter de schermen werken. Dat past niet bij me. Het voelde alsof ik mezelf niet was. Ik kon even niet de Fatima zijn die altijd op de barricade staat. Maar ik had tijd nodig om weer in balans te komen, en ondertussen moest ik ook gewoon mijn werk doen.

„Als ik iemand op straat zag die naar me glimlachte, dacht ik: je lacht wel, maar misschien ben jij het wel die bedreigingen naar me stuurt. Ik vertrouwde de hele omgeving niet. Ik liep met hartkloppingen op straat. Snel, snel, want er zou wel eens iemand achter me aan kunnen zitten. Nu zit ik met mijn rug naar de deur. Dat had ik twee, drie jaar geleden nooit gedaan. Ik was in constante staat van paraatheid. Dat kostte heel veel energie.

„Afgelopen zomer ging ik met een vriendin met de tram naar de stad. Dat vond mijn man heel dapper van me. Maar ik vond het heerlijk. Ik loop weer vrij in mijn eigen wijk rond, doe mijn boodschappen. En laatst ben ik met mijn man naar Ajax geweest met de metro. De metro zat propvol met Ajaxfans. Dat was de beste therapie ooit.”

Integriteit

„De PvdA-fractie raakte in 2010, na ophef in de raad over hoge kosten voor een muziekcentrum, in paniek en trok ineens de stekker uit de coalitie. Hierdoor hadden de PvdA-bestuurders, onder wie ik, geen andere keuze dan terug te treden. Compleet onverwachts. Het was niet wat we hadden afgesproken. Ik was pissig. De fractie deed het niet om mij te naaien, door de paniek werd de verkeerde beslissing genomen. Maar ik was wel boos. (Elatik keerde terug als stadsdeelvoorzitter, nadat de coalitie was gelijmd, red.)

„In deze periode was er een tweede affaire. Er was voor het evenement Sail Amsterdam door het stadsdeel een boot gehuurd voor bewoners en maatschappelijke organisaties uit ons stadsdeel. Kosten: 30 duizend euro. Wéér was ik bij dat besluit niet betrokken geweest. Maar in de berichtgeving, vooral op internet, was de teneur dat ik een veel te dure boot had gehuurd. Dat was het begin van allerlei valse beschuldigen. Ik zou ten onrechte allerlei bonnetjes hebben gedeclareerd, waaronder een taxirit van 450 euro. Onzin, ik declareer nooit iets.

„Ik kan veel hebben, maar aan mijn integriteit twijfelen, gaat te ver. Je integriteit is het enige wat je hebt als bestuurder. Ik heb de eed afgelegd. Dat neem ik niet licht. Je kunt me een trut vinden, je kunt me een slechte politica vinden, maar mij een dief noemen, kan echt niet. Dan word ik echt boos. Het is gewoon niet waar.

„Misschien had ik meteen moeten reageren op die leugens, maar mijn hoofd stond er niet naar. Nu blijven al die dingen aan me kleven.”

Baby

„Ik kwam vorig jaar een alleenstaande zwangere vrouw tegen. We raakten bevriend. Toen haar dochtertje werd geboren, was ik erbij. Ik mocht haar navelstreng doorknippen. Heel speciaal. Hiervoor dacht ik altijd dat ik niet van andermans kinderen zou kunnen houden. Maar ik hield meteen van dit meisje. God brengt dingen op je pad om je iets te leren. Dat geloof ik.

„Ik wil heel graag een kindje, als het me gegund is. Maar daar ga ik niet over, daar gaat Allah over. Ik heb het lang uitgesteld. Ik ben al 39. Maar ik wilde eerst de wereld redden. Ik had geen tijd voor een baby, dacht ik. Als er één ding is waar ik spijt van heb, is dat het.

„Ik vind het mooi om te zien dat mijn vriendinnen zwanger worden. Dan denk ik: dat wil ik ook. Maar ik denk al snel: Faat, alles in je leven is een uitdaging. Dit is een beproeving. Alles gebeurt met een reden. Ik ben ervan overtuigd dat het ons ook gaat lukken.”

2014

„Ik vind het belangrijk om nu al te zeggen dat ik in 2014 stop als stadsdeelvoorzitter, omdat ik me wil mengen in de discussie over de toekomst van de stadsdelen die misschien verdwijnen. Ik wil voorkomen dat mensen zeggen dat ik dat doe om mijn eigen baan te behouden. Wat ik hierna ga doen, weet ik nog niet. Ik vind vast wel weer iets waarin ik mijn liefde voor de samenleving en het leven kwijt kan. Geen idee of ik in de politiek blijf. Ik sluit niks uit.”

    • Ringel Goslinga
    • Yasmina Aboutaleb