Column

En de Sjaak is… de mbo’er

Als u denkt aan verliezers op de arbeidsmarkt, aan wie denkt u dan? Aan de bouwvakker die zich beconcurreerd ziet door Oost-Europeanen in een markt die razendsnel krimpt? Aan 55-plussers die, eenmaal ontslagen, moeizaam aan een baan komen? Aan flexwerkers met een lage opleiding die eindeloos van nulurencontract naar tijdelijk baantje hobbelen? Of aan de twintiger die zich na zijn afstuderen vergeefs suf solliciteert?

Lodewijk Asscher denkt in elk geval wel aan deze mensen. Ouderen, jonge werklozen, mensen in de bouw en flexwerkers, over hen maakt de minister van Sociale Zaken zich het meeste zorgen, zei hij tijdens een polderoverleg vlak voor Kerst.

De vraag is of dit de echte verliezers zijn. Want economen wijzen sinds kort op een andere groep sukkelaars: de mbo’ers. Alle ellende van de komende jaren – bezuinigingen, hervormingen, belastingverhoging, de krimp van de economie – het zou allemaal wel eens onevenredig terecht kunnen komen bij werknemers met een middelbare beroepsopleiding. Arbeidseconomen noemen hen ‘het midden van de arbeidsmarkt’.

Om te beginnen zijn het vooral mbo’ers die de afgelopen jaren hun baan kwijtraakten. Dat is een nieuw fenomeen, constateert econoom Bas ter Weel van het Centraal Planbureau. De werkgelegenheid in het midden neemt af, de baankansen van mbo’ers dalen gestaag. En niet voor even, maar structureel. Veel banen op mbo-niveau worden geautomatiseerd of verplaatst naar landen waar de lonen lager zijn.

Tijdens de recessies in de jaren zeventig en tachtig verdween laaggeschoold fabriekswerk voor altijd. Computers namen het over, of werknemers in China. Nu is het middelbaargeschoold werk aan de beurt. Als het maar gaat om werk dat routineus is: het beoordelen van röntgenfoto’s voor ziekenhuizen (kunnen ze ook in India), boekhouden, data analyseren, administratief werk (doen computers goedkoper).

We hebben het hier over een grote groep mensen, 43 procent van de totale beroepsbevolking van 7,7 miljoen. „We moeten de economie sterker maken en zorgen dat er nieuwe banen bijkomen”, zegt Asscher telkens. Maar voor 3,3 miljoen mensen komen er dus geen banen meer bij.

In de Verenigde Staten, waar het midden al langer krimpt, zijn twee gevolgen zichtbaar. De inkomensongelijkheid neemt toe, simpelweg omdat er minder werknemers zijn met een middeninkomen. Bovendien stijgt de vraag naar hoogopgeleiden wél, net als hun lonen.

Het andere gevolg is – volgens sommige analyses – politieke polarisatie. Middeninkomens zijn het cement van de samenleving: als die groep te klein wordt, dan staan mensen met hoge en lage inkomens (en hoge en lage opleidingen) tegenover elkaar. Ze hebben weinig begrip voor elkaar, wonen in verschillende buurten, gaan niet naar dezelfde scholen.

Bovendien zitten politici in hun maag met een grote groep verliezers waarvoor ze weinig kunnen doen – automatisering hou je niet tegen. Dat niet alleen: de versobering van de verzorgingsstaat, die bijna alle westerse landen gaan doorvoeren, zal vooral bij deze groep hard aankomen. Je baankansen nemen af, terwijl het kabinet de WW verkort, de ontslagbescherming vermindert, en de pensioenopbouw versobert. Hoera.

De econoom Raghu Rajan van de Universiteit van Chicago denkt dat westerse regeringen de meeste beloftes aan juist deze groep gaan schenden. Daar komt in Nederland nog een klap bij: dit kabinet verhoogt voor deze groep de marginale belastingdruk fors. Wie tussen de 30.000 en 40.000 euro verdient, hield voordat het kabinet aantrad, meer dan de helft van elke euro salarisverhoging over. Nu is het dik minder dan de helft. Promotie maken wordt dus ook nog minder lonend.

Dat is genoeg om behoorlijk chagrijnig van te worden.

Wat stemmen mbo’ers eigenlijk? Volgens Ipsos Synovate meer dan gemiddeld PVV en SP, de partijen die ageren tegen het versoberen van de verzorgingsstaat. Volgens Maurice de Hond zijn mbo’ers sinds het regeerakkoord harder dan andere Nederlanders weggerend bij VVD en PvdA. 40 procent van de mbo’ers zou nu op de PVV of de SP stemmen (tegenover 30 procent van alle Nederlanders).

Het kabinet wil verbinden (‘bruggen slaan’, weet u wel), maar de stem van mbo’ers zullen Rutte en Asscher de komende jaren niet veroveren.

Marike Stellinga schrijft op deze plek elke zaterdag over politiek en economie.