Een dikke vinger naar Trouble Town

Zanger Jake Bugg ontsnapte uit Verkeersdrempelstad om een nieuwe Donovan te worden. „Dat ik me heb los kunnen maken van die sfeer van drugs, drank en verveling geeft me de plicht er een positieve draai aan te geven.”

Jake Bugg heeft er lichte spijt van, dat hij zich voor de hoes van zijn debuutalbum heeft laten fotograferen met een brandende sigaret in zijn hand. Op de cd is die eraf geknipt, maar de elpeehoes laat hem zien als een tevreden roker. „Ik wil jonge mensen geen verkeerd voorbeeld geven. Vooral mijn fans niet. Die moeten oud worden, want ik ga nog heel veel elpees voor ze maken.”

Een brave hendrik is hij allerminst, de achttienjarige zanger van folksongs met een rock-’n-rollattitude. Vergelijk hem niet met Bob Dylan, want hij zal zeggen dat Donovan zijn echte held is. Zijn muziek slaat een brug tussen de melodieuze rock van Buddy Holly en de stadse straatwijsheden van de Arctic Monkeys. Met zijn stuurse blik en ongekamde haar lijkt hij op de jonge Keith Richards; een rocker met een folkgitaar. Zijn nummers over blowen in de buitenwijk en party crashen met criminele vrienden klinken zelfverzekerd, met de glans van folkrock uit de jaren zeventig.

Het V-teken dat hij maakt in de videoclip van Two Fingers staat niet voor victorie, maar blijkt een gebaar van ‘fuck you’. Het huiselijk geweld in de clip is geen scène uit zijn echte leven. Toch was de buitenwijk Clifton van de Engelse stad Nottingham een plek waar hij zo snel mogelijk weg wilde. „Speed bump city” noemt hij de troosteloze omgeving in het nummer Trouble Town: een stad van verkeersdrempels.

In de bibliotheek vond hij zijn sleutel naar de bevrijding in een songbook van The Beatles. „Best lastige akkoorden, maar als je die eenmaal onder de knie hebt, kun je zelf nummers gaan schrijven. De muziek heeft mij eerst naar Londen gebracht en nu naar de rest van de wereld. Ik steek twee vingers op naar de achterblijvers, hoewel ik mijn vrienden van toen nog weleens opzoek om een dikke joint met ze te roken.”

Op zijn twaalfde kreeg hij zijn eerste gitaar. Nog geen vijf jaar later stond hij met zelfgeschreven liedjes op het Glastonbury-festival, als door de BBC ontdekt jong talent. In mei vorig jaar speelde hij op tv in Later with Jools Holland. En in oktober verscheen het album Jake Bugg, gemaakt met de sturende hand van producer/songschrijvers Iain Archer en Mike Crossey. „Liefde voor muziek is mijn belangrijkste drijfveer. Ik begon met het spelen van covers, Mad world van Tears For Fears en een paar liedjes van The Beatles. Het is belangrijk dat je de structuur van bekende songs leert doorgronden voordat je zelf aan het componeren slaat. Ik ontdekte al snel dat songschrijven een ideale expressiemethode voor me was. In een tekst kon ik dingen zeggen die ik in het normale leven niet over mijn lippen kreeg.”

Een goede songschrijver houdt zijn oren en ogen open, zegt Jake over de persoonlijke herinneringen en gebeurtenissen die hij in zijn teksten verwerkt. „Het liefst zie ik mezelf als een verhalenverteller die gebruikmaakt van autobiografische gegevens. Ik ben geen Bob Dylan die een rookgordijn rond zichzelf optrekt. Als ik over Clifton zing, dan zie ik mezelf en mijn vrienden daar weer op een straathoek rondhangen en plannen maken voor een gouden toekomst. Voor de meesten is daar niks van terechtgekomen. Ze bleven hangen in een sfeer van drugs, alcohol en verveling. Het feit dat ik me daar van los heb kunnen maken, geeft me de plicht om er een positieve draai aan te geven. Ik zoek de poëzie van de straat.”

Hij speelde basgitaar in verschillende bands voordat hij zijn kracht als zanger en gitarist vond. „In mijn bandjestijd werd duidelijk dat ik van nature een soloact ben. Er is een groot verschil tussen een groep jongens die bij elkaar komen om lekker muziek te maken, en het gevoel van richting dat het zelf schrijven van liedjes je geeft. Ik heb niet voor een carrière in de muziek gekozen; de carrière koos mij. Mijn nummers vielen op en ik kon mijn droom ten uitvoer brengen om geld te verdienen met muziek. Een kantoorbaan had voor mij nooit de glans van een bestaan als muzikant, hoe armoedig ook. Het lijkt erop dat ik die periode van nobele armoede nu al achter me heb gelaten.”

Het album Jake Bugg behaalde de eerste plaats in de Britse hitlijsten. Oudere collega’s als Noel Gallagher en Paul Weller roemden zijn talent. Ze beschouwen Bugg als de antithese van het instant succes van winnaars van televisietalentenjachten als The Voice. Hij is autodidact, schrijft (soms met medecomponisten) zijn eigen songs en heeft een eigen stijl die niet mee hoeft te liften op coverversies van bekend materiaal.

„Talentenshows zijn niets voor mij. Ze brengen plastic popsterren voort die een paar jaar beroemd zijn en daarna als sneeuw voor de zon verdwijnen. Muziek is mijn levensvervulling. Ik ben jong; ik kijk de machinaties van de artiestenwereld een beetje aan vanaf de zijlijn en doe er mijn voordeel mee. Het is mijn ideaal om steeds beter te worden als songschrijver en, net als Donovan, een groot en indrukwekkend oeuvre na te laten. Als je goed genoeg bent kun je gerust een paar jaar van het toneel verdwijnen om daarna weer toe te slaan met een meesterwerk. Voor mij is het leerproces nog maar net begonnen.”

    • Jan Vollaard