De ideale werknemer houdt nooit op met leren

Een ‘goeie peer’ die zijn vak verstaat en niet te veel kost voor wat hij oplevert. Zo onderscheidt de ideale werknemer zich in 2013 van zijn collega’s.

Europa, Nederland, Utrecht, 31-12-2012, Pieter Vermeer, architect, bedenker site broekriem.nlFOTO EVELYNE JACQEuropa, Nederland, Utrecht, 31-12-2012, Pieter Vermeer, architect, bedenker site broekriem.nlFOTO EVELYNE JACQ Evelyne Jacq

Vroeger was het leven overzichtelijk. Je ging naar school en leerde daarna een vak in het lager, middelbaar of hoger beroepsonderwijs. De echte bollebozen kozen voor de universiteit om daarna bij een gerenommeerd bedrijf of respectabele instelling te hopen op een deuropening, waarna de lineaire carrière zich inzette. Met de jaren verdiende je steeds meer, niet alleen diegenen die promotie maakten, maar ook de werknemers met een lange staat van dienst. Tegen de tijd dat je 65 jaar werd, genoot je een pensioen op basis van het laatstverdiende loon.

Wie nu nog hoopt op een baan voor het leven en doorlopende salarisgroei kan zijn verwachtingen beter snel bijstellen. Nu de economische onzekerheid aanhoudt worden de carrières van werknemers ook steeds onvoorspelbaarder.

Arbeidsmarktexperts hebben de mond vol van ‘werkzekerheid’ in plaats van ‘baanzekerheid’. Daarvoor is het van belang dat werknemers makkelijker switchen van baan en bereid zijn zich permanent te laten bij- of omscholen naar sectoren waar nog wel werk is, zoals de techniek of de zorg.

Wie nog werk heeft binnen zijn eigen vakgebied en zijn baan graag wil behouden, zal moeten wennen aan een meer permanente afrekencultuur. Uit recent onderzoek van opleidingsinstituut ISBW onder 184 werkgevers blijkt dat zij zich beter voorbereiden op beoordelingsgesprekken dan twee jaar geleden. Zij verwachten het komende jaar meer van hun werknemers.

„Op prestatie sturen via bonussen is minder populair aan het worden. Nu vragen personeelschefs zich eerder af hoe ze onderpresteren kunnen aanpakken”, zegt voormalig personeelsadviseur bij ABN Amro Kilian Wawoe, nu onderzoeker aan de Vrije Universiteit.

Ook Ber Damen, bij Adviesbureau Berenschot gespecialiseerd in personeelsbeleid, ziet dat steeds meer bedrijven dossiers opbouwen om op kwaliteit te kunnen selecteren als er mensen uit moeten. Vooral oudere werknemers moeten laten zien wat ze waard zijn, meent Damen. „Veel verdienen kan tegen je werken, omdat daar ook relatief veel tegenover moet staan.” Zowel Damen als Wawoe zijn ervan overtuigd dat het daarom steeds belangrijker wordt dat werknemers hun vakkennis bijhouden. „Wie een winkel runt en zich niet afvraagt wat internet voor hem betekent loopt hopeloos achter”, zegt Wawoe.

Maar die permanente educatie gaat niet iedereen even makkelijk af. Uit promotieonderzoek van arbeidspsycholoog Frank van Luyk naar de reden waarom wij werken, blijkt dat persoonlijkheidskenmerken minstens zo bepalend zijn als opleiding voor de vraag of mensen in staat zijn zich in hun werk te blijven ontwikkelen.

Zo vinden consciëntieuze mensen het van nature belangrijk om nieuwe dingen te leren. Een karaktereigenschap die op de moderne arbeidsmarkt onontbeerlijk wordt, meent Harvard-psycholoog Howard Gardner. In zijn boek Five minds for the future stelt hij dat ongedisciplineerde mensen die er niet in slagen gedurende hun carrière vakkennis en ervaring te verzamelen, het uiteindelijk zullen afleggen.

Slecht nieuws voor gevoelige en onzekere mensen. Zij hebben van nature een zekere aversie tegen het leren van nieuwe dingen, blijkt uit het onderzoek van Van Luyk. Dat zou ingegeven zijn door faalangst en angst voor verandering.

Maar er is een oplossing, meent Damen. Voor de mensen die in hun vak niet verder kunnen of willen groeien zou het in organisaties normaler moeten worden om een stap terug te doen, ook financieel. „Er lijkt maar één weg te zijn en dat is de weg omhoog. Alles is daar op ingericht.”

Dat maakt vooral oudere werknemers kwetsbaar en onzeker. „Ze ervaren dat ze vast zitten, dat ze weinig opties hebben.” Hij hoopt dat het taboe op demotie, zoals het tegenovergestelde van promotie heet, er langzaam af gaat onder invloed van de oplopende werkloosheid en de voorgenomen versoepeling van het ontslagrecht. „Het zou zowel bedrijven als werknemers veel wendbaarder en flexibeler maken.”

Voor het zover is zullen dit jaar naar verwachting nog zo’n 55.000 mensen hun baan verliezen. In de onvermijdelijke afvalrace die dat gaat opleveren hebben behalve jonge en consciëntieuze werknemers ook extraverte werknemers een streepje voor. Die laatste groep mensen legt makkelijk contact in het werk.

Het is wat Wawoe de „goeie peer-factor” noemt. „Naast vakkennis moet je zorgen dat je op een persoonlijk niveau gewaardeerd wordt door je collega’s.” Volgens Wawoe hebben mannen het wat dat betreft in veel organisaties makkelijker dan vrouwen. „De leuke jongens komen het verst.” Hij adviseert werknemers die vrezen voor een baan wat vaker te blijven hangen op een borrel en grappen te maken met de baas.

Toch is Van Luyk er niet van overtuigd dat gedragsverandering echt het verschil zal maken. Hij meent dat ontslag veel mensen eenvoudigweg overkomt. „Dan kun je maar beter niet te betrokken zijn bij je werk.” Het leidt volgens hem alleen maar tot meer ellende als het oordeel eenmaal valt. „Wie zich te betrokken voelt, verliest immers meer dan alleen werk. Hij verliest een reden van bestaan.”

    • Ariane Kleijwegt