Stork ging van de beurs om terug te keren

Niet alle bedrijven vallen graag in private equity-handen. Maar bij Stork pakt de overname vooralsnog goed uit.

Of het nou om pluimvee in China, de Verenigde Staten of Nederland ging: als ergens serieus werk werd gemaakt van kippen slachten, was de kans groot dat er een machine van Stork aan te pas kwam. Maar koning van de kippenslachtmachines is Stork anno 2013 al jaren niet meer. In 2008 werd het bedrijf van de beurs gehaald door het Britse private equityfonds Candover en vervolgens opgesplitst.

De divisie Food Systems van de slachtmachines werd verkocht aan Marel: het IJslandse equivalent van Stork op het gebied van visverwerkingsmachines. Stork Technical Services, dat diensten verricht voor de olie- en gassector, en luchtvaarttak Fokker Technologies bleven over.

Opsplitsen gebeurt geregeld bij bedrijven die in private equityhanden komen. Opzadelen met schulden, leegtrekken en afslanken zijn ook van die stereotype kenmerken die daarbij horen. Maar voor Stork gaan ze niet op.

„We hebben niet geleden onder het feit dat we over zijn gegaan van duizenden anonieme aandeelhouders aan de beurs naar private equity”, zegt de voorzitter van de Centrale Ondernemingsraad Jan Charles Plat. „Hier niet het standaardverhaal van ach wee, kommer en kwel.”

Plat is sinds 2005 voorzitter van de Ondernemingsraad. Stork is volgens hem niet vol gehangen met schuld zoals bij veel bedrijven gebeurt. Van ontslagrondes was geen sprake. „We hebben geen grote reorganisaties gehad. Er zijn nog steeds ruim 160 vacatures.” En geld is er vooralsnog ook niet uit de ondernemingen getrokken. In augustus werden Technical Services en Fokker Technologies zelfs geherfinancierd. „ Er is dus juist recent een forse investering gedaan. Ook in dat opzicht hebben we niet te klagen over de private equitypartijen. Het gebeurt vaak dat die er geld uithalen; maar hier is het anders”, zegt Plat.

In 2006 stonden zo’n 2.500 werknemers nog tegen een mogelijke opsplitsing te demonstreren in de Rai. Toen waren het de hedgefondsen en activistische grootaandeelhouders Paulson en Centaurus die wilde plannen met Stork hadden. Een meerderheid van de aandeelhouders was voor de overname, maar de directie ging niet akkoord.

In 2007 bereikte Candover wel overeenstemming met de directie en aandeelhouders. Op 19 februari 2008 verdween Stork definitief van de beurs. Candover betaalde zo’n 1,5 miljard euro voor het industrieconcern, 47 euro per aandeel. Food Systems werd voor 415 miljoen euro verkocht. De twee resterende takken bleven in handen van Candover en zijn inmiddels ondergebracht bij hun private equity spin-off Arle.

Een constante factor in het verhaal is topman Sjoerd Vollebregt. De oud-wereldkampioen zeilen staat sinds 2002 aan het roer van Stork. Hij hield in 2006 en 2007 de activistische aandeelhouders Centaurus en Paulson tot in de Amsterdamse ondernemingskamer van zich af. Vollebregt koos voor Candover en kocht zich vervolgens voor een onbekend belang in. Het is Vollebregt die de media zoekt als Nederland uit de JSF dreigt te stappen – Fokker Technologies leunt namelijk zwaar op het doorgaan van de Nederlandse straaljagerorder.

En waar de topman naar buiten toe presenteerde alsof hij niet wilde dat Stork werd opgesplitst, bleek dat het hem later vooral in het geboden bedrag zat. Als Marel of een ander eerder de 415 miljoen euro had geboden was Vollebregt de kippenslachtdivisie bij wijze van spreken op de fiets komen brengen. Met opsplitsen an sich had hij geen problemen; zo verkocht hij de divisies Stork Prints (textieldrukmachines) en Stork Worksphere (kantoorinrichting). Daarmee damde hij Storks reputatie van vergaarbak van onsamenhangende bedrijven in.

Ook Technical Services en Fokker Technologies zullen straks uit elkaar gaan. Want over het uiteindelijke doel van Arle bestaat weinig misverstand: beide takken moeten, afzonderlijk van elkaar, terug naar de beurs. Maar daartoe zullen de bedrijven wel eerst moeten groeien. Voor Fokker Technologies is de JSF-order van cruciaal belang. Als Nederland niet in de JSF stapt loopt het bedrijf compensatieorders mis en wordt het niet groot genoeg voor een beursgang, meent Vollebregt.

Technical Services ligt beter op schema. Vorig jaar nam het met Arle voor een onbekend bedrag het Britse RBG Limited over: een leverancier van verschillende diensten voor de energie-industrie. Met de overname stijgt het aantal werknemers naar 15.000 werknemers wereldwijd. Vollebregt vond het „een geweldige mijlpaal in de groeistrategie van de groep”.

    • Camil Driessen