Ratrace-slachtoffers

Het programma was aangekondigd als een documentaire over de burn-outindustrie. Je zou dus misschien iets verwachten over charlatans en aanstellers. Maar zo’n vaart liep het niet. Niemand zei dat burn-out een modeziekte is, al wisten de deskundigen er ook het fijne niet van. „Als wetenschapper zou ik niet zo een twee drie weten waar ik moet beginnen. Best in contrast met het feit dat er allerlei therapieën worden aangeboden.” Toch kwamen de therapeuten er niet zo slecht vanaf – al zou ik zelf geen 40.000 euro over hebben voor zes weken in een kliniek met schildertherapie en IKEA-kunst boven het bed.

Er waren een paar jonge mensen, dertigers, die de bodem van de put hadden gezien en goed konden uitleggen hoe dat voelde: alsof ik in slow motion omviel, ik voelde me steeds een laagje dieper zakken. Een ander: steeds drukker, druk op je hoofd, koppijn, extreem moe, door de bomen het bos niet meer zien.

Een wetenschapper legde uit wat er bij een burn-out in de hersenen gebeurt: het stresshormoon cortisol bereikt alle cellen en in de grote schakelkamer van het lichaam gaan sommige knoppen sneller draaien en andere langzamer, en zo raakt alles van slag. Stress was ooit bedoeld om er als een gek vandoor te gaan als er een beer voor je grot stond, niet voor jonge projectleiders die 80 uur per week aan een onmogelijke klus moeten sleuren en voortdurend die beer bij de koffieautomaat tegenkomen. Daar wordt op den duur je hippocampus niet goed van, en dan ga je, zoals een vrouw vertelde, wc-rollen in de koelkast zetten en midden op straat staan huilen omdat je de weg naar je moeder niet meer weet.

De vrouw die wc-rollen in de koelkast zette, had voor haar burn-out een glamourbaan in de mode. Er was ook een man die dacht dat hij de nieuwe Philippe Starck zou worden maar zich kapotwerkte als keukenbouwer. De burn-outcoach verklaarde de tijdgeest: „Als je niet succesvol bent, ben je een loser. We hebben een soort categorie ertussen vergeten. Iedereen een BMW.”

Eerder deze week zagen we in Tegenlicht hoe het brein van bankiers in de Londense City door testosteron op hol slaat. In De burn-outindustrie was cortisol de brainfucker. We lusten wel pap van het brein. In beide gevallen ging het over onze tijd, waarin bankiers en burn-outpatiënten ieder op hun manier slachtoffers zijn van de ratrace. En waarin het brein het tempo niet meer bijhoudt.

Deze week verving redacteur Martine Kamsma tv-recensent Hans Beerekamp.

    • Martine Kamsma