Een dagdroom van ruim vier uur

Einstein on the Beach is een revolutionair hoogtepunt van 20ste-eeuws muziek-theater. In mei was de ‘opera’ te zien in Londen, morgen in Amsterdam.

Een legende. Een van de grootste meesterwerken van onze tijd. Een mysterieuze, muziektheatrale mijlpaal. Beste en meest baanbrekende opera van Philip Glass.

Einstein on the Beach is een vergaarbak van superlatieven. Alleen: opera leeft pas zodra zij scenisch wordt opgevoerd. Voor de generatie van ná 1976 was Einstein on the Beach dus een meesterwerk van horen zeggen. In Nederland was het werk na 1976 niet meer te zien, elders zelden. Te ingewikkeld, te duur. Glass moest zelf eind jaren zeventig bijbeunen als taxichauffeur om over zijn Einstein-schuld heen te komen. „Zeg jongeman, weet jij wel dat je net zo heet als een heel beroemde componist?”

17.31 uur. De Barbican Centre in Londen is voor de eerste Britse reprise van Einstein on the Beach sinds twintig jaar bomvol. Wie een minuut te laat is, struikelt over de jassen en flesjes. Op het podium zingt een koortje de bedwelmende minimal music die iconisch werd. 1-2-3-4, 1-2-3-4-5-6-7-8.

Interessant: de mix van extreem gestileerde muziek en beweging doet volstrekt eigentijds aan. Met muziektheater kan toch eigenlijk veel meer dan doorgaans gebeurt. Oscar Carré vulde zijn theater met water. De makers van Einstein on the Beach - Glass (muziek), Robert Wilson (regie/decors/licht) en Lucinda Childs (choreografie en tekst) - zijn óók theaterpioniers in deze opera zonder verhaal, zonder personages, zonder orkest en zonder begrijpelijke teksten. Jammer dat Glass’ late opera’s nogal wat duf knip- en plakwerk bevatten. De revolutionaire flair van Einstein doet beter hopen.

18.05 uur. Tweede tableau: een gerechtshof. Albert Einstein, met de viool waar hij ook in werkelijkheid een begenadigd bespeler van was, zit met zijn witte plofkapsel links op het podium. Leven en werken van Einstein – visionair fysicus – vormen de leidraad in Einstein on the Beach, maar op een plotloze manier. De decorstukken die in de negen scènes passeren – trein, klokken, ruimteschip – zijn iconen van onze tijd, met dank aan het brein van Einstein. Zoals hij het denken over ruimte en tijd opschudde, zo doen Glass en Wilson dat óók.

18.30 uur. Het Boer daar ligt een kip in het water-motief van violist Einstein wordt al twintig minuten herhaald. Herhaling is het DNA van Einstein on the Beach. Gevolg: kennismaking, milde ergernis, vluchtdrang. En ten slotte een berusting die hand in hand gaat met rare, particuliere associaties – als in een droom. Die jongen op vioolles die altijd speelde op zijn sokken! Decennia niet aan gedacht.

18.55 uur. Over vernieuwing gesproken: van Glass mag je de zaal in en uitlopen tijdens de circa vijf uur die de voorstelling zal duren. Leuk maar lastig, want je stoort de heren (de zaal zit vol met vooral hip bebrilde mannen van in de veertig) naast je – om over de rest van de rij en de zaal nog maar niet te spreken. In Het Muziektheater zal dat niet anders zijn. Overigens staat de versterking gekmakend hard en doen de houtblazers- en synthesizerpartijen de oren toeteren. Glass streeft die akoestische tornado bewust na, maar waarom eigenlijk? De finesses van zijn partituur varen er in elk geval niet wel bij.

19.35 uur. In de foyers zwermt het van de Concertgebouworkestmusici, die hier vanavond ook optreden – in de belendende zaal. De drang over te lopen naar een stevige Mahler dient zich even aan. Mahler betoogt in muziek, er is een begin en een eind. Einstein on the Beach is een ervaring. Overgave is vereist. Hoe zou Glass staan tegenover drugs tijdens zijn opera?

20.02 uur. Scène Trial 2/Prison. Het koor zingt zijn getallenloops, een engelachtige vrouw declameert eindeloos één zin. ,,I was in this prematurely air-conditioned supermarket... [...].” Het is maar één van veel onbegrijpelijke zinnen. Soms zijn ze van choreografe Childs, soms van Christopher Knowles, een 14-jarige die regisseur Wilson leerde kennen op een school voor kinderen met een psychische stoornis. Knowles’ abstracte teksten pasten bij Glass’ en Wilsons streven ruimte ‘over’ te laten. Samenhang tussen de beelden die je ziet, moet intuïtief ontstaan in je eigen hoofd. Als een dagdroom van ruim vier uur.

Dan richt de dame een mitrailleur op de zaal. Dagdroom, weg droom.

20.50 uur. Zou „meditatieve euforie” (The Washington Post over Einstein on the Beach) talent vereisen? Een lyrische, saxofoonsolo (Akte 3, ‘Building’) werkt in elk geval weldadig. Warmte, adem, menselijkheid!

21.31 uur. Op scherm zien we een kernexplosie. „Sand is fused into glass.” Het koor zingt panisch. Hier zijn we even terug in 1976, met zijn springlevende angst voor een nucleaire Holocaust. Tegelijkertijd realiseer je je: juist de betekenisloze, associatieve opzet van de overige scènes bepaalt de tijdloosheid van dit werk.

21.42 uur. Applaus. Applaus? Zou het geen vijf uur duren? Het waren er vier, en twaalf minuten. Op een onbeschrijflijke manier onvergetelijk.

Einstein on the Beach, 5 t/m 12/1 Muziektheater A’dam. Inl. www.dno.nl

    • Mischa Spel