'Baardmannen' beheersen zuiden Jemen

Wie de macht over Jemen wil, wil ook het zuiden. Fundamentalisten versterken hun greep op de regio. Met succes, want ze hebben geld en zijn goed georganiseerd.

A woman displays her hand painted with Yemen's flag and Arabic writing that reads, "finally!" during a rally to show support for president Abed Rabbu Mansour Hadi, in Sanaa, Yemen, Thursday, Dec. 20, 2012. (AP Photo/Hani Mohammed) AP

Aden. De uitgebrande Sailor’s Club ligt er treurig bij. Nog niet zo lang geleden kon op het grote terras aan het water bier gedronken worden en werd er gedanst onder oude discobollen. De ‘baardmannen’, zoals inwoners van de Zuid-Jemenitische havenstad Aden hen noemen, hebben de zaak in brand gestoken.

Een paar kilometer verderop heeft Laiali al-Sham zijn bar uit voorzorg ook dicht gedaan. Er is alleen nog een luik in de muur waarachter uit Djibouti gesmokkelde gin en wodka worden verkocht. Voor het roestige hek zit een man met kalasjnikov in het halfdonker. Mannen komen er lege waterflesjes vullen, niemand wil met een ginfles in zijn auto worden betrapt. In het ooit vrije Zuid-Jemen rukken fundamentalisten op.

Wie dat precies zijn, is niet altijd even duidelijk. Enerzijds is er het filiaal van het terroristennetwerk Al-Qaeda, dat actief is in het wetteloze Zuid-Jemen, anderzijds is er de Islah-partij, de Jemenitische variant van de Moslimbroederschap. Tussen die twee bestaan banden, maar hoe nauw die zijn, is vaag. „Het komt hoe dan ook allemaal uit het noorden”, zegt Ali al-Saqqaf, hoogleraar statistiek aan de Universiteit van Aden.

In de burgeroorlog van 1994 stuurde het conservatieve regime in het noorden van Jemen uit Afghanistan teruggekeerde fundamentalistische strijders af op de goddeloze zuiderlingen, die van de in 1990 tot stand gekomen eenheid met het noorden afwilden. De korte maar hevige oorlog eindigde in een plundering van het zuiden. Sindsdien overheerst het noorden op economisch, cultureel en religieus gebied.

Aden (een miljoen inwoners) werd aan zijn lot overgelaten. Door de winderige, hete straten waait afval. De afgebrokkelde trappenhuizen van flatgebouwen bieden een desolate aanblik. De haven, in de jaren zestig een van de drukste ter wereld, ligt er verlaten bij. Kranen tillen maar sporadisch containers uit schepen.

Ook de islam sloop de voorheen seculiere stad in. Tot afschuw van velen. „Polygamie en kindhuwelijken waren hier verboden; na 1994 is dat begonnen”, zegt activiste Huda al-Attas. Ook Saqqaf vindt het niks. „Nu herken ik docenten niet eens, ze zijn allemaal gesluierd.” En nu dan de aanvallen op gelegenheden waar dingen gebeuren die fundamentalisten niet zinnen.

Dit keer zijn zij niet gestuurd door het regime in het noorden. Deze fundamentalisten hopen juist het regime te wórden. En wie de macht over Jemen wil, wil het zuiden erbij. Saqqaf begrijpt dat wel. „Het zuiden beslaat tweederde van het oppervlak van Jemen en levert 80 procent van de staatsinkomsten, vooral uit olie en gas.” Het zuiden wil weer onafhankelijk worden dus juist nu is het zaak voor de Islah om er nog meer voet aan de grond te krijgen.

Dat lukt aardig, want de Islah is goed georganiseerd en heeft geld. De hamvraag is of de separatisten, losjes verenigd in de Zuidelijke Beweging, opkunnen tegen de Islah. Saqqaf zucht. „De Islah kan vanuit de moskeeën veel bereiken, wij hebben niet zoveel met godsdienst, vandaar dat er weinig centraal wordt gecoördineerd.” De Zuidelijke Beweging heeft een groot leiderschapsprobleem: zo ongeveer iedereen die iets te betekenen had in Zuid-Jemen presenteert zich als toekomstige leider. Bovendien is er onenigheid over de koers. Sommigen willen meteen afsplitsen, anderen willen een ‘overgangsfederatie’ en daarna een referendum. En weer anderen willen slechts een autonome regio worden.

En dan is er nog een enorm struikelblok: de internationale gemeenschap voelt niets voor een onafhankelijk zuiden. Men weet dat het noorden nooit afscheiding zal accepteren en er onmiddellijk tanks en vliegtuigen op af zal sturen.

Hoogleraar sociologie Samira al-Khamis ziet nog een obstakel. „Dit is een door en door verrot land met een tribaal systeem. Dat heeft zich ook in het zuiden genesteld en dat krijg je er niet zomaar uit.” De jongere generatie is volgens haar gehersenspoeld en het zal niet eenvoudig zijn om die ervan te overtuigen dat de Islah niet de ware boodschapper is van de islam. „Mijn dochter wil per se een hoofddoek om, ik ging vroeger dansen bij de Diplomasie Club.”

Toch is de roep om afscheiding niet verstomd. Overal in de stad is de oude vlag van Zuid-Jemen op de muur geschilderd. Geen buschauffeur of winkelier die niet zijn vuist balt en zegt dat het afgelopen moet zijn met de invloed van de „ongeletterden” uit het noorden. Het idee van afscheiding is springlevend. Het staat vast dat Jemen er niet stabieler op wordt.