Rechter volgt OM niet bij oudejaarsdelicten

Foto ANP / Lex van Lieshout

Het Openbaar Ministerie in Den Haag gaat in hoger beroep tegen de uitspraken in drie van de vier supersnelrechtzaken die volgden op de jaarwisseling. Drie verdachten kregen gisteren straffen uitgedeeld die veel lager waren dan wat het OM had geëist.

Tegen vier verdachten die gisteren voorkwamen had het OM celstraffen geëist variërend van 16 dagen tot 10 weken, naar aanleiding van de aankondiging van enkele weken terug dat alle vandalisme met oud en nieuw keihard zou worden aangepakt. Voor vernieling en vandalisme in de oudejaarsnacht eist het OM 75 procent hogere straffen. En voor geweld tegen gezagsdragers zijn de strafeisen zelfs 200 procent hoger.

Twee verdachten kregen van de rechter beiden een dag cel opgelegd en een werkstraf. Dat was voor een man die een jongen met een knuppel had bedreigd en voor een man die een klap had uitgedeeld aan iemand die het voor de brandweer opnam.

Een andere man die een agent had geslagen kreeg een taakstraf van veertig uur, en een boete van 200 euro. Een man die agenten had bedreigd kreeg een werkstraf van vijftig uur en een boete van 150 euro die hij aan een van de agenten moet betalen.

‘Jaarwisseling is iets anders dan een gewone uitgaansavond’

De rechter oordeelt dat de jaarwisseling beschouwd moet worden als een reguliere uitgaansnacht. Het OM bestrijdt dat. Een woordvoerder tegenover de NOS:

“We herkennen ons niet in de redenering van de rechter.De oudejaarsnacht is echt anders, met drank en vuurwerk.”

‘Om bedrijft kwalijke vorm van populisme’

Binnenlandredacteur Ingmar Vriesema sprak met Eric Deen, strafrechtadvocaat in Den Haag, die de opstelling van de rechter prijst:

“Het OM ondermijnt met zijn hoge strafeisen het gezag van de rechter. Het beeld dat nu ontstaat is: wij van het OM wíllen wel streng zijn, maar de rechter werkt niet mee. Het Openbaar Ministerie bedrijft een kwalijke vorm van populisme. Het wil snel scoren. Lik op stuk, zero tolerance. En met die taal scoor je ook, bij het overgrote deel van de Nederlanders.”

Vriesema schrijft vandaag in NRC Handelsblad dat het OM de belofte van het supersnelrecht moeilijk kan waarmaken:

“Supersnelrecht houdt in dat verdachten binnen drie dagen na het delict worden berecht. Van de honderden arrestanten in de oudejaarsnacht verschijnt echter maar een kleine fractie voor de supersnelrechter. Neem Rotterdam, waar de politie in de nieuwjaarsnacht 116 aanhoudingen verrichtte. Verreweg de meeste zaken zijn afgedaan met boetes, taakstraffen of ze zijn overgedragen aan het functioneel pakket.

Voor 32 zaken kwam het supersnelrecht te vroeg: justitie onderzoekt de dossiers nog. Vanmiddag verschijnen in Rotterdam slechts twee mensen op een supersnelrechtzitting. Ook in Utrecht vinden maar vier supersnelrechtzittingen plaats, al nam het OM veertig zaken in behandeling. In Amsterdam vindt helemaal geen supersnelrecht plaats: delicten zijn te licht of strafzaken komen later dan drie dagen voor.”

    • Annemarie Coevert