opinie

    • Menno Tamminga

NedCar gered, maar geen Italiaanse lente

Tijd om af te rekenen.Met welke prognoses sloeg ik in deze rubriek de plank mis, wat bleek steekhoudend? Om met het laatste te beginnen: van de drie concrete prognoses in de eerste week van vorig jaar kwam er één uit. Pakjesbezorger TNT werd inderdaad opgekocht, zij het niet door een private equityfinancier. De overname door concurrent UPS heeft overigens nog steeds niet het fiat van de Europese Commissie gekregen.

Twee prognoses kwamen niet uit. Bank en verzekeraar SNS Reaal is ondanks de aanhoudende verliezen bij haar vastgoeddochter niet opgebroken c.q. definitief gered. En aan de zorgtoeslag, de compensatie van de kosten voor lagere inkomens, heeft ook het nieuwe kabinet niets veranderd. Uitstel van executie. Beide probleemdossiers worden alleen maar urgenter.

Dat geldt ook voor een voorspelling uit maart dat de Telegraaf Media Groep gezien de oplagedaling van zijn vlaggeschip en de miskoop van Hyves rijp is voor een beleggersopstand.

Over Europa bleek zeker één van mijn taxaties te somber. Het ervaringsfeit dat steun aan noodlijdende banken in eerste instantie altijd te laag wordt becijferd, blijkt in Spanje toch fictie. Het redden van de Spaanse ‘plofbank’ Bankia en consorten blijft binnen de limiet van de toegezegde 100 miljard euro.

Bij de reddingsactie van NedCar, de autofabriek in Born (Limburg) onderschatte ik minister van Economische Zaken Maxime Verhagen (CDA). De Japanse eigenaar Mitsubishi deed het licht uit in Born. In de eerste van vier columns over NedCar citeerde ik Verhagen (CDA) in zijn rol als fractievoorzitter in een eerdere NedCar-crisis. Toen riep hij het kabinet op alles te doen behalve een directe financiële participatie. Dat is precies wat hij als minister deed. Economische Zaken faciliteerde de overname van de fabriek door het oer-Nederlandse familiebedrijf VDL.

Trefzekerder was mijn voorspelling in januari op de opiniepagina dat het kabinet in reactie op de lobby van werkgevers én vakbonden de regels voor pensioenen zou aanpassen. Toch is het voor sommige fondsen te weinig en moeten zij hun uitkeringen of toezeggingen dit jaar verlagen.

Tot slot nog twee politiek-economische onderwerpen. De eerste is de volstrekte openheid over zakelijke belangen en bezittingen waarmee de regering-Monti het sceptische Italiaanse volk tegemoet trad. Dat smaakte naar meer. Hoogste tijd voor een Italiaanse lente, was de kop boven de column van 24 februari. Helaas. Nederland wist het weer beter, het kabinet Rutte II weigert en detail openheid te geven over zakelijke belangen en zat de afgelopen weken met de affaire Verdaas en de affaire Weekers.

Het tweede onderwerp is hoopgevender: de reactie op de debacles in de semipublieke sector, zoals onderwijsconglomeraat Amarantis en woningcorporatie Vestia. Nut en noodzaak van schaalvergroting in onderwijs, zorg en wonen zijn een hardnekkig misverstand. De politieke steun voor fusies kalft af. Het werkt niet vanzelfsprekend kwaliteitsverhogend, is doorgaans vervreemdend voor huurders, ouders, leerkrachten en andere professionals en stimuleert met zekerheid hoge beloningen én gouden handdrukken voor bestuurders. De hartekreet van 22 februari blijft leidraad. ‘Opbreken die handel’.

De redacteuren Maarten Schinkel en Menno Tamminga schrijven in deze wisselcolumn over economische ontwikkelingen.

    • Menno Tamminga