Radeloze en redeloze ‘sugar mama’ aan de zwier

Paradies: Liebe. Regie: Ulrich Seidl. Met: Margarete Tiesel, Peter Kazungu, Gabriel Mwarua, Inge Maux.

„Hoe heet je” vraagt een blanke vrouw aan de gedwee glimlachende zwarte barman tegen wie ze zojuist „je hebt heel mooie tanden” heeft gezegd. ‘Josfath’. De vrouw en haar vriendin beginnen hard te lachen, want wat is dat voor een naam? Het is een van de vele pijnlijke scènes uit Paradies: Liebe van Ulrich Seidl, het eerste deel van zijn Paradies-trilogie.

Hierin gaat de gezette Oostenrijkse vijftiger Teresa (Margarete Tiesel) in haar eentje naar Kenia. Zodra ze een voet op het strand zet, bieden allerlei opdringerige mannen haar armbanden en kettinkjes aan. Een andere Oostenrijkse vrouw laat haar suggestief weten dat zij een zwarte minnaar heeft ‘gekocht’. Als Teresa vervolgens Munga ontmoet, gelooft zij een tijdlang dat hij echt om haar geeft. Maar als hij opeens geld vraagt voor de zieke baby van zijn zus en allerlei andere familieleden, vallen haar de schellen van de ogen. In Kenia is ‘exclusieve’ aandacht alleen te koop, voor niks gaat de zon op. Paradies: Liebe laat de kloof tussen blank en zwart zien, het machtsverschil, de wederzijdse vooroordelen. Het zijn zaken die niet onbekend zijn en al eerder in bijvoorbeeld Vers le sud (2005) van Laurent Cantet aan de orde werden gesteld.

Maar Seidl is uiteindelijk vooral geïnteresseerd in het verlies van waardigheid. De blanke sugar mamas mogen door hun geld en misplaatst gevoel van superioriteit dan wel keer op keer de Keniaanse gelukzoekers beledigen en degraderen, uiteindelijk verliezen ook zij hun waardigheid, evenals de Kenianen die gevraagd of ongevraagd hun kunstjes opvoeren, van een lusteloos optredende band tot atletische oefeningen die de elasticiteit van hun begeerlijke lichamen benadrukken. Ze zijn in de film niet alleen zielig slachtoffer.

Seidl wisselt strakke, fraaie beeldcomposities af met scènes die vanaf de schouder zijn gedraaid. In een prachtige scène filmt hij de naakte Teresa die achter een klamboe ligt. Een kwetsbare vrouw met de schoonheid van een Rubens-schilderij. Een paar scènes erna lacht ze weer keihard om een zwarte man die geen stijve kan krijgen. Het is de redeloze wraak van een radeloze vrouw op zoek naar tederheid.

    • André Waardenburg