Ierland wil eurofobe Britten niet kwijt

De nieuwe EU-voorzitter Ierland heeft één groot politiek doel: een scheuring tussen Londen en Brussel voorkomen. ‘De gevolgen zijn enorm’.

Betogers zwaaiden vorige maand in Belfast met de Union Jack, uit protest tegen verwijdering van de vlag van het stadhuis. Foto Reuters

In Dublin wordt de anekdote graag verteld. Hoe de Franse president Hollande vorige maand tegen premier Enda Kenny zou hebben gezegd: „Ik vertrouw erop dat jij voor ons vertaalt wat de Britten aan het doen zijn”.

De Ierse taoiseach (premier) als bruggenbouwer tussen de eurosceptische Britten en de eurozone. Nu Ierland sinds gisteren voorzitter is van de Europese Unie, en moet gaan bemiddelen in de moeizame onderhandelingen over de meerjarenbegroting, beseffen de Ieren dat ze een belangrijke rol kunnen gaan spelen.

De Britse premier David Cameron heeft beloofd begin dit jaar in een rede voorstellen te doen voor een lossere band tussen zijn land en de EU. De Ieren is er juist veel aan gelegen hun buren bij Europa te houden.

Vooral een ‘brixit’ (Britse EU-uittreding), kan voor Ierland grote politieke en economische gevolgen hebben. En die, somberen politici in Dublin, worden door de eurosceptische rechtervleugel van de Britse Conservatieven al te gemakkelijk over het hoofd gezien.

„De Britten lopen achteruit door een open deur”, klinkt het in Dublin. Cameron vaart „een gevaarlijke koers” richting „een onzekere bestemming”.

Ierland en het Verenigd Koninkrijk werden in 1973 tegelijk lid van de Europese Economische Gemeenschap, maar de houding van de twee landen ten opzichte van Europa is altijd verschillend geweest. Dublin wilde al eerder, los van de Britten, toetreden, maar kreeg van toenmalig Europese Commissievoorzitter Walter Hallstein te horen dat de sollicitatiebrief niet eens was geopend: „Als het Verenigd Koninkrijk toetreedt, dan jullie ook. Zo niet, dan jullie ook niet.”

„In Ierland is de basishouding: ‘Europa is goed’. De Britten denken andersom”, zegt Brigid Laffan, hoogleraar European Politics aan University College Dublin. In het Verenigd Koninkrijk is de eurocrisis een van de oorzaken is van de toenemende euroscepsis, maar de houding van de Ieren is de afgelopen vier jaar niet wezenlijk veranderd. Laffan wijst op het referendum over het begrotingsverdrag voor de euro dat eerder dit jaar een ‘ja’ opleverde. „Er is ondanks de financiële crisis altijd een harde kern die Europa steunt.”

Als Ierland bij een ‘brixit’ de keuze moet maken tussen Brussel en Londen, zullen de Ieren voor Brussel kiezen. „Het zou een strategische fout zijn om voor de Britten te kiezen”, zegt Laffan. „De relatie met Duitsland en Frankrijk is belangrijker geworden. Het eurospel wordt in Berlijn en Parijs gespeeld, niet in Londen. En het overleven van de eurozone heeft voor Ierland prioriteit.”

„Wij willen in de Europese Unie blijven”, zegt ook Dáithí O’Ceallaigh, directeur van het Institute of International and European Affairs en oud-ambassadeur in Londen. Hij heeft het over Britse „eurofobie”, die is ingegeven door een „Little Englander- mentaliteit”.

De gevolgen van „hele of gedeeltelijke terugtrekking” zijn voor Ierland „enorm”, zegt O’Ceallaigh. Want als de Britten ook de interne markt verlaten – een van de scenario’s – dan kan dat voor de Ieren nieuwe handelsbarrières betekenen. „De helft van onze landbouwproducten gaat naar de Britten, voor het klein- en middenbedrijf is het Verenigd Koninkrijk de grootste afzetmarkt.”

Vanwege een scheuring van de interne markt zou er zomaar ook een fysieke grens kunnen ontstaan tussen de Ierse Republiek en Noord-Ierland. En het is „niet in het belang van Noord-Ierland om barrières op te werpen”, zegt O’Caellaigh. Hij noemt het Europese recht op vrij verkeer van goederen, werknemers en kapitaal een van de redenen waarom de vrede stand houdt. En hij omschrijft het Europese arrestatiebevel, waarover de Britten zo klagen, als „een eenvoudige manier om netelige uitleveringen” van IRA-verdachten voor elkaar te krijgen.

„Als David Cameron het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie haalt, haalt hij Noord-Ierland uit de Europese Unie”, waarschuwt ook oud-premier John Bruton. Hij ziet uittreding als bedreiging voor de vrede. Het feit dat Ierland en Noord-Ierland nu geen fysieke grenzen meer hebben, en zo een „gemeenschap” vormen, „was de basis van het feit dat de IRA stopte met het vermoorden van mensen”, aldus Bruton.

Dat in Londen wordt gezegd dat een referendum over het Britse EU-lidmaatschap – gesteund door premier Cameron – niet automatisch leidt tot een Brixit, baart Dublin ook zorgen. Als geen ander weten de Ieren hoe een volksraadpleging over Europa kan uitpakken. In Ierland leverden referenda over Europese verdragen in 2001 en 2008 een ‘nee’ op.

„Een referendumcampagne is moeilijk in toom te houden, groepen die geen verantwoordelijkheid dragen voor de langere termijn spelen een grotere rol dan bij verkiezingen”, zegt hoogleraar Laffan, die twee keer een ‘ja’-campagne leidde.

Oud-diplomaat O’Ceallaigh zegt: „Als de stemming in Engeland echt zo eurosceptisch is als de media en de peilingen ons voorspiegelen, wordt het ingewikkeld om een pro-Europese campagne te voeren. De stemming omdraaien is moeilijk.”

Ierse diplomaten proberen de Britten er nu van te verzekeren dat hun toekomst in de EU ligt. De Ierse ambassadeur in Londen, Bobby McDonagh, zei onlangs: „Nu euroscepsis door het Verenigd Koninkrijk waart, en de voorstanders voor Europa steeds minder zichtbaar en hoorbaar zijn, kan Ierland misschien, als goede vriend, de Britten geruststellen over het EU-lidmaatschap”.

    • Titia Ketelaar